378. 40-jaar Zonnebloem, afdeling Schipluiden

Zo rond maart 2018 komt er tijdens een bestuursvergadering van de Zonnebloem afdeling Schipluiden ter sprake dat de afdeling in 2019 40 jaar bestaat. Ik hoor het aan en zie er voor mij als coördinator niet echte een taak in om dit op te pakken. Maar het blijft stil. Er is niemand die opstaat en zegt: “Ik”. Dan neem ik het besluit om mijn coördinerende rol echt op te pakken. De eerste contacten worden gelegd. De Dorpshoeve bespreek ik als ik toevallig toch koffie kom drinken. De Stichting Vivendi, ken ik uit een eerder optreden en vind ik een perfecte afsluiter van het evenement. Ook met hen wordt het eerste contact gelegd. Alle contacten verlopen via de e-mail. Op de site van de stichting bekijk ik wat filmpjes. Er blijft een prettig contact en als ik een aantrekkelijke offerte krijg toegestuurd, breng ik dat in het bestuur en leg het gezelschap vast. Ik stel voor om er een commissie voor te starten, niet alles alleen, maar samen doen.

Nog drie vrijwilligers staan op. Het gaat allemaal een beetje hapsnap. Totdat er draaiboek wordt gemaakt. Dan gaat het wat meer gestroomlijnd. De ideeën komen op tafel en zo regelmatig komen we bij elkaar. Een gezellig clubje.

Gaandeweg worden er zaken vastgelegd. We proberen geld te verzamelen en ook dat krijg z’n beslag. Een mooi bedrag komt binnen via de Rabobank Clubkas Campagne. Fonds 1818 bestaat 200 jaar en doet een duit in het zakje, Bij Albert Heijn Schipluiden mogen we de opbrengst komen ophalen van een maand statiegeld Goede Doelenknop. Leveranciers doneren of geven korting. Den Burg Catering, De Dorpshoeve, Restaurant Indigo, Groencentrum Langelaan en een aantal particulieren storten spontaan een mooi bedrag in de pot.

Om aan meer geld te komen schrijf ik twee potentiële subsidieverstrekkers aan. Een haakt er af. Van de ander blijft het antwoord nog even weg. Ik heb er wel verwachtingen van en hoop er ook op, want er is een financieel gat. De vereniging is niet echt vermogend, maar uit eigen middelen moet dan ook nog een flink deel worden opgehoest. En, is mijn verwachting, aan het eind van de dag zal er uit de melkbus die voor de deur staat ook nog wel een leuk bedrag op tafel komen.

De plannen kunnen verder. Wie gaan we uitnodigen? Uiteraard, de gasten, de vrijwilligers en gast-vrijwilligers, oud-bestuursleden, Burgemeester en wethouder, het Regiobestuur en onze buurZonnebloem Den Hoorn. Alles bij elkaar zo’n 140 mensen.

140 mensen is veel. We gaan om de tafel met de beheerder van de Dorpshoeve. Past dat? En zo ja, hoe dan? Er worden tekeningen gemaakt voor de opstelling van de tafels en het buffet. Het kan allemaal net. Er zullen afvallers zijn is de inschatting. Toch zullen we rekening moeten houden met dit aantal.

Na de uitnodiging te hebben verstuurd komen zo mondjesmaat de aanmeldingen binnen. Maar ook de eerste afmeldingen vallen in de bus. Uiteindelijk blijft er een mooi aantal over van 120. Op de dag zelf zijn er echter door ziekte en zeer ook nog afzeggingen en blijven we met 110 mensen over. Nog altijd een mooi aantal.

Het buffet is besteld, de afstemming voor het gesponsorde toetje heeft plaatsgevonden. Zo langzamerhand krijgt het zicht. De vrijwilligers en gastvrijwilligers krijgen een taak toebedeeld. Vele handen maken licht werk.

Op de bewuste feestdag, 23 februari 2019, zijn we met vier man al vroeg in de weer om de zaal in orde te krijgen. De vloer krijgt een kleedje, De stoelen moeten worden uitgeklapt. De tafels krijgen een plekje, het podium moet worden opgezet. In korte tijd echter zijn we al zover dat we besluiten te stoppen omdat anders de middagploeg voor niets komt. Het is even tijd om thuis te gaan eten.

Om 13:00uur komt de middagploeg opdraven. De tafels worden aangekleed, ballonnen gehangen, een vlaggetjesslinger en alle in huis zijnde Zonnebloemvlaggen krijgen een plekje en het ‘theater’ wordt verder ingericht. Binnen korte tijd is de zaak gepiept. Het feest kan beginnen.

Om half vijf staan de eerste gasten al voor de deur. Onze secretaris ontvangt, met hoge hoed op, de gasten. De fotograaf schiet plaatjes. Lopend of rollend over de rode loper krijgt men een vrijwilliger toegewezen die de gast naar de tafelplek brengt. Gestaag komen de mensen binnen. Er ontstaat al gauw een vrolijke stemming. Om 17:00uur kan het feest los. Maar waar is de Burgemeester? Hij zou een van de sprekers zijn. Op de rand van vijven komt hij binnen.

Ik mag zelf het welkomstwoord doen en dan de microfoon overdragen aan onze voorzitster. Daarna de Burgemeester om vervolgens de secretaris van de Regio het woord te geven. Het glas kan worden geheven en de toast uitgebracht.

Er valt veel te vertellen getuige het geroezemoes. Na het opnemen van een drankje loopt men langs het buffet. Geen haast, genieten van de heerlijke geuren die uit de schalen komen. Zo kan iedereen op het gemak zijn/haar bordje vullen. Voor wie wil is er een tweede gang of zelfs een derde, want het is lekker allemaal.

In de keuken zijn dames bezig met het afmaken van de toetjes. De ingrediënten zijn aanwezig, het definitieve lekkers moet nog worden gemaakt.

In een heel gezellige sfeer wordt na het toetje nog een kopje koffie of thee uitgeschonken. Het Zonnebloemchocolaadje valt bij iedereen zeer in de smaak. Dan is het moment aangebroken dat men naar de voorstelling van Stichting Vivendi gaat.

De eerder geplaatste stoelen zijn wat uit elkaar getrokken zodat de artiesten er tussendoor kunnen lopen. Met een heerlijk liedjesprogramma nemen Astrid, Vérie en Joep ons mee terug in de tijd. Op een mooie Pinksterdag, er zit een gat in mijn emmer, daar aan de waterkant, spring maar achterop, lieve pop. Liedjes die zo herkenbaar zijn en die dan ook volmondig worden meegezongen. Er wordt geklapt en gelachen als er weer een hilarisch tafereel op de planken wordt gezet. Een perfecte performance die zo duidelijk past in de doelgroep waar we het als Zonnebloem voor doen.

Na een goed uur is het nog even een drankje doen om dan huiswaarts te gaan. Voor sommige is de dag te lang geweest, voor anderen had het nog wel even door mogen gaan . Een aantal is al naar huis als de show nog moet beginnen. Het kan en mag allemaal.

Wanneer alle gasten zijn vertrokken wordt met man en macht de zaal weer in originele staat teruggebracht. En wat schetst mijn verbazing, zelfs de wethouder zet de schouders er onder en loopt met stoelen te sjouwen. Hoe mooi is dat.

Nog even een gezellig samenzijn met de vrijwilligers en gastvrijwilligers. Nog even napraten over een zeer geslaagde dag. Een dag waar bij mij de energie die ik er aan heb gegeven, is teruggevloeid. Met een zeer tevreden gevoel kunnen we terugkijken op een zeer succesvolle dag. Ik dank dan ook iedereen die er zijn/haar steentje aan heeft bijgedragen.

’s Avonds thuis, als ik toch wel moe zit bij te komen, open ik mijn e-mailbox. Ik heb zojuist een e-mailtje ontvangen om op 13 april a.s. een cheque op te komen halen bij de uitreiking aan Goede Doelen in de kringloopwinkel Habbekrats te De Lier. Een mooiere afsluiting kan je je niet wensen.

In het dorp wordt er over nagepraat, mensen komen bij mij aan de deur en vertellen hoe leuke en gezellige ze het hebben gehad. Nog meer energie stroomt er bij mij terug. Wat is het volgende? De dag erop sta ik op de Huishoudbeurs, ik ‘verkoop’ er het Fietsen voor m’n eten. Nagenietend is ook deze dag weer een heerlijke. Wat is er veel moois uit het leven te halen.

367. Een huis voor Harry

“Hey Aad, zou je willen voorlezen bij de Nationale Voorleesdagen?” Zo krijg ik vanuit de bibliotheek de vraag voorgeschoteld. Ik krijg een aantal dagen en locaties op waaruit ik een keuze kan maken. De keuze wordt niet moeilijk. Ik ga op 28 januari voorlezen in de bibliotheek van Den Hoorn. Een dag later kom ik tot de ontdekking dat ik een dubbele afspraak heb gemaakt en besluit ik dit aan de medewerker van de bieb mede te delen. Ik geef op dat ik wel op een andere dag kan in Maasland. Daar wordt kort op geantwoord. Helaas daar heeft men geen voorlezers nodig. De groepen 7 en 8 lezen daar voor en dat wil men graag in ere houden. Dan twee dagen later een berichtje dat de groepen 7 en 8 niet in de gelegenheid zijn. “Wil je alsnog?”  is de vraag. “Houdt er rekening mee dat het wel een pr-momentje kan worden want wethouder Wendy Renzen komt ook.” Inmiddels ben ik wel gewend aan pr-momentjes, dat is dus geen probleem.

Een paar dagen voor het voorlezen rijd ik op de fiets naar de bieb. Het weer ziet er goed uit, maar als ik goed en wel vanuit Schipluiden onderweg ben naar Den Hoorn zijn de weergoden mij niet zo welgezind en begint het te regenen. Geen kleine druppels, nee, gewoon een heftige regen. Er is geen moment en gelegenheid tot schuilen, ik moet er helaas doorheen. Aangekomen bij de bibliotheek blijkt deze donker. Zou er niemand zijn? Ik probeer de bel en wacht. Als je niemand ziet moet je even bellen, had de biebmedewerkster mij gezegd. Het wachten leverde geen resultaat op. Nog maar eens bellen, binnen twee minuten ben ik bij je, had ze er achteraan gezegd. De deur bleef echter potje dicht. Dan maar weer naar huis. Ik stuurde de medewerkster een e-mail dat ik voor niks naar Den Hoorn ben geweest en kletsnat weer thuis kwam. “Je had me ook even moeten bellen, dat had ik toch gezegd”, zegt ze als ze me opbelt. “Ik heb jouw telefoonnummer niet”, gaf ik als antwoord. En zo heeft bellen twee betekenissen en ontstaat er een spraakverwarring. De volgende dag stap ik opnieuw op de fiets. Nu is de bibliotheek wel open.

We nemen samen even door wat de bedoeling is van mijn voorleesverhaal. Ik krijg het boek in handen, dat moet worden voorgelezen en nog een aantal top-10 boeken, die als alternatief er achteraan kunnen. “Ik vind het wel leuk dat ik nu eens een man heb die gaat voorlezen. Dat is voor ons uniek.”

Op de voorkant van het boek staat een kat afgebeeld. Harry. ‘Een huis voor Harry’, zo heet het boek. Thuis gekomen lees ik en kijk ik de plaatjes uit het boek. Een leuk verhaal met weinig tekst, maar wel leuke plaatjes. Ik probeer me in te beelden hoe e.e.a. zal gaan.

Op woensdag 23 januari mag ik aan de bak. Ik ben al vroeg op. Moet om half negen bij een school zijn waarin het servicepunt is gevestigd en ik moet ook de auto nog ontdoen van sneeuw. Omdat ik niet weet hoe het pad is wil ik er op het gemak heen. Om even voor half negen parkeer ik mijn auto, waar mijn navigatie zegt dat het servicepunt van de bibliotheek is. Ik blijk er zo’n 150 meter bij vandaan te zijn. Ik vraag het nog even aan een mevrouw met een kinderwagen en kleuter aan de kar. “Meneer u bent veel te ver gereden”, zegt ze, “en de bibliotheek is slechts beperkt open.” Ik geef haar aan dat ik voor de Nationale Voorleesdagen kom. “Oh, goed dat u het zegt”, geeft ze aan, “dat kunnen we vanmiddag wel eens gaan doen.” En ze kijkt naar haar zoontje. Al glibberend loop ik terug naar de locatie. Hier is geen schoon pad geveegd.

Bij de locatie aangekomen is mijn contactpersoon al volop in beweging. Ze is voor het eerst sinds lange tijd met de bus gekomen. Een mijl op zeven. Er staat een theatertje op de springkast in de gymzaal, er hangen doeken gedrapeerd over het wandrek. De gymbanken staan in een schuine hoek opgesteld. De ambiance is gecreëerd. Nog even het theater bekijken. Hoe werkt het. De wethouder mag dat doen. Na een kopje koffie is het tijd om de kinderen te ontvangen. Dan krijgt de medewerkster te horen dat de buitenschoolse opvang haar eigen programma heeft georganiseerd. Geen kinderen uit deze hoek dus. Dat is een tegenvaller. Ze gaat even overleggen bij groep 1/2. Er komen vijf kleine mensjes luisteren.

Even later komen ze hand in hand binnen. Ze nemen plaats op de gymbank. Ik vertel het verhaal van Harry. Harry is een kat die nog nooit naar buiten is geweest en tikkertje gaat spelen met Vera Vlinder. Dat dit fout zou lopen staat al vast. Gelukkig vindt ze vriendjes en komen ze Vera weer tegen. Het komt uiteindelijk allemaal op z’n pootjes terecht.

Terwijl ik het verhaal vertel doen de kinderen leuk mee. Ik vind de afstand tussen de kleintjes en mijzelf te groot en laat me op mijn platte gat zakken. Nu zitten ze bijna in het boek. Ik vind het leuk en word steeds enthousiaster. De biebmedewerkster zie ik meelippen als ik iets voorlees. Als het boek uit is doen de kinderen een zelfverzonnen liedje met de medewerkster van de bieb. Daarna gaan de kinderen terug naar de klas. Het wachten is op de grotere groep en de wethouder.

Nog even een kopje koffie. De wethouder komt binnenlopen. Ze heeft er zin in, zegt ze. Ik vertel nogmaals het verhaal van Harry die een huis wil. De kinderen letten heerlijk op. En als Wendy even later het theater bedient met de platen, krijgt ze een goed verhaal terug. Leuk om te zien hoe enthousiast ze kinderen betrekt bij het verhaal.

Dan mogen de kinderen knutselen of naar buiten. De wethouder gaat weer terug aan het werk. De helft van het gezelschap kiest voor naar buiten, de anderen kiezen voor knutselen. Een kat kleuren of een vlinder maken. Storm heeft het snel voor elkaar. Hij moet plassen en neemt zijn werkstukken mee naar het toilet. Even later komt het vierjarig mannetje huilend terug. Hij heeft over zijn kunstwerkjes geplast. Snel even helpen om voor hem nieuwe werkstukjes te maken. Zijn natte vlinder en poes verdwijnen in de prullenbak.

In de middag opnieuw een kindertal dat komt luisteren. Oma’s en mama’s brengen hun kinderen en blijven. Een papa neemt zijn papadag heel letterlijk. Hij dropt zijn dochtertje en verdwijnt. “Tot half vier toch”, zegt hij.

Opnieuw lees ik het verhaal van Harry voor. De biebmedewerkster doet het theater. Het is weer een succes. Daarna mogen de kinderen knutselen met vilt of een kleurplaat maken. Er komen leuke werkjes uit. Ze krijgen een glaasje limo en zijn korte tijd later zeer zelfverzekerd aan het werk. Hier en daar helpt oma of mama mee. Om half vier is het afgelopen en komt ook de papa binnenlopen. Hij vraagt zijn dochter wat ze er van vond. Ze straalt en heeft een leuke kat gemaakt op een rietje met een echt oogje.

Tijd om op te ruimen. Dat gaat als een speer. Alles gaat in mijn auto. Ik breng de Hoornse medewerkster even terug naar de basis. We wisselen wat foto’s uit. In het kader van de privacy mogen ze niet worden geplaatst.

Een leuke activiteit en een dag onder de pannen. Voorlezen is belangrijk, niet alleen in de bibliotheek ook thuis. Even een paar minuten in een boek. Ik heb gezien en geluisterd hoe leuk men het vindt. Het was een Topstart van de Nationale Voorleesdagen, schrijft de medewerkster van de bibliotheek.