278. Rondom Oud en Nieuw

Oudjaar, nieuwjaar, vuurwerk, oliebollen, kerstboomgevechten. Zomaar wat termen die behoren bij de jaarwisseling. Ik denk daarbij terug aan mijn jeugdtijd in Den Hoorn. Zo tussen kerst en oudjaar waren er de kerstboomgevechten. Mensen die direct na kerst de boom beschikbaar stelden, legden hun boom bij de voor- of achterdeur. Door een verzamelde groep uit die buurt werd die boom opgehaald en verstopt bij één van de ouders in de schuur of op de achterplaats. Dat moest zoveel mogelijk stiekem gebeuren, want de vijand sliep niet. De vijand was de groep uit de Oranjewijk, de Van Schuylenburggroep of een groep uit Sion. Zij gingen op onderzoek uit waar wij onze bomen hadden verstopt. Het was namelijk voer voor de vuren die men aanstak op oudjaar.

Door een poortje aan de Hof van Delfstraat kon je op het terrein komen van garage Kleyweg. Zij verzamelden hun oude banden op een achterafplekje en was mede voer voor het vuur. Het was makkelijk jatten. Een betonnen muurtje niet hoger dan meter, was je zo overheen. Dan via een sluipweggetje rolde je de band voor je uit naar de schuilplaats.

Niet zelden moest er worden verdedigd. Gasten uit Delft kwamen met fietskettingen om te slaan. Het ging er soms hard aan toe. Al heb ik achteraf eigenlijk nooit gehoord van gewonden die er zijn gevallen.

Waar wel gewonden vielen was op de oudjaarsavond. Door oudere jeugd waren er auto’s opgekocht. Zo rond kwart over twaalf werden ze de Hoornse brug op geduwd. De auto op zich reed niet meer, maar was wel overgoten met benzine. Ook in de auto stonden er blikken met benzine. En dan op een keer als er reuring ontstaat rondom de brug komt vanaf de Woudseweg een auto richting brug. Een tiental jongeren duwt de auto voort. Als er dan vuurwerk wordt gegooid naar de auto schiet deze met een steekvlam in de fik. Jongeren die er om heen lopen krijgen het vuur over zich heen. Ambulances moeten er aan te pas komen om de gewonden af te voeren. De brandweer was snel ter plaatse om het vuur te doven, maar het kwaad was reeds geschiet.

Mijn vader zat bij de brandweer. Zo rond de klok van half twaalf ging het brandweerpak aan, de fiets kwam uit de schuur en dan fietste hij richting kazerne. De oude open brandweerwagen, thans in bezit bij de gebroeders Kleyweg, reed van hot naar her om een brand te blussen. Zo ook nabij de toenmalige veiling op de Hoornseweg. De korf werd in het water gegooid, de slangen aangekoppeld en dan ging de druk erop. Mijn vader hield wel van een geintje en als men dan vanaf de overkant, Hoornsekade, stond te kijken naar wat de brandweer uitspookte, haalde mijn vader de slang even over zijn schouder en spoot niet op het inbrand staande voertuig, maar op de mensen die achter hem stonden te kijken. Even maar, heel even. Voor de gein. Dat werd niet in dank afgenomen. De brandweerlieden werden met vuurwerk bestookt en op gegeven moment met stenen. De sfeer werd grimmiger. Dan was er zo nu en dan een charge nodig van politieagenten.

In de beginperiode, ik was een jaar of negen, tien, dan mocht ik ook naar de brug. Ik moest dan wel om één uur weer thuis melden. Die ene keer was ik veel eerder thuis dan men mij thuis zou verwachten. Terwijl ik door de Hof van Delftstraat wandel gooit een idioot vanuit het bovenraam vuurwerk naar beneden. Één wat zwaarder stukje vuurwerk viel precies in de broekrand van mijn broek en ontplofte. Broeken in die tijd hadden omslagen. Het ontplofte stukje vuurwerk verschroeide mijn broek, maar ook mijn been. Weken heb ik met een vuurwerkplek op mijn been gelopen. Ik mocht niet meer terug naar de brug, hoe graag ik het ook wilde. Het was toch niet mijn schuld. Maar mijn moeder, die het in die tijd zonder mijn vader moest doen die aan ’t brandjeblussen was, nam toen de enig juiste beslissing.

Vuurwerk is nooit echt mijn ding geweest. Nooit, maar dan ook nooit heb ik er ene rooie cent aan uitgegeven. Ik vond het machtig om te zien, maar ten eerste had ik er het geld niet voor en ten tweede vond ik het zonde om geld in rook op te zien gaan.

Dan krijg je twee jongens. De één nog meer gek van vuur dan de ander. Je wilt hen niets onthouden, ondanks het feit dat ik er nooit iets aan heb uitgegeven. Zij gingen mee met hun oom, uiteraard wel met onze toestemming, naar het ‘zigeuner’kamp aan de Escampweg. Kwamen terug met voor maximaal fl. 25,00 aan vuurwerk en dan had je best wat in huis. Met een tas om de nek ’s morgens op oudjaar de wijk in. Geen gevaar zien in het zo dicht bij je dragen van vuurwerk, terwijl ik mijn verhaal van het geschampte been regelmatig heb uitgelegd.

Op een keer, mijn lief en ik, doen de afwas na het eten. We hebben een week eerder een nieuw bankstel binnen gekregen. Terwijl we in de keuken bezig zijn is er ineens paniek binnen. Onze oudste heeft zijn vuurwerklont te dicht tegen een brandende kaars aan gehouden. Hierop is de lont spontaan gaan branden. Maar dat in huis. Hij probeert met alle macht het vuur te doven en begint met de lont te slaan op tafel. De spetters vliegen in het rond. Ook op ons nieuwe bankstel. De nieuwigheid is er direct vanaf. Het gebeurt allemaal buiten ons gezichtsveld. Als we echter binnenkomen staat de woonkamer blauw. De mannentjes zitten netjes naast elkaar op de bank. Als ik vraag wat er in godsnaam is gebeurd, begint de jongste direct te huilen. “Ik mocht niets zeggen van René”, is het enige dat er uit komt. Het werd die avond geen feest ten huize Van Meurs.

Maar ook de jongste kan er wat van. Als we bij oma zijn op Nieuwjaarsdag gaan de jongens uit de aanwezige gezinnen nog even naar buiten voor het overgebleven vuurwerk. Er wordt nog wat aangestoken en geknald. Wanneer er echter en rotje niet spontaan knalt, steekt hij het knalding weer in zijn nieuwe jas. Het duurt maar kort, maar dan knalt ie wel in zijn jaszak. Nog altijd wordt hij er aan herinnerd.

Nu hebben ook zij het vuurwerk afgezworen. Zijn volwassen geworden, maar één van de twee heeft wel altijd een passie gehad en gehouden voor vuur. Wie van de twee dat is, moet u hen zelf maar vragen.

180. Oud jaar en terugblikken

31 december 2016. De laatste dag van het jaar. Nog even wat boodschappen halen bij de plaatselijke Albert. Het is er een gekkenhuis. Alle kassa’s zijn open. Het is alsof de oorlog is uitgebroken en men druk aan het hamsteren is. En die week van het hamsteren is nog niet eens aangekondigd.

In de buurt is het al behoorlijk onrustig. Vuurwerk wordt al vroeg afgestoken. Ach, je kunt het maar kwijt zijn. Ook bij Appie staat een groep tieners met hun tasje om de nek. Jonge gasten, kinderen zelfs die hun Cobra’s, al dan niet illegaal, afsteken. Geen van hen heeft gehoorbescherming in of op de oren. Mensen die naar buiten komen hebben hun vingers nog en steken die in de oren als er weer zo’n harde knal in aantocht is. Men houdt zich niet aan de afknaltijden.

Zelf heb ik nog nooit een stukje vuurwerk gekocht, dan wel afgestoken. Zuinig, gierig misschien wel gun ik het mezelf niet dat er iemand aan verdiend. Sta je daar met een vuurpijl van €50,00 om die de lucht in te laten schieten. Houdt het geld in je zak of geef het aan een goed doel. Je richt er zo geen schade mee aan en doet er ook nog iets goeds mee. Voor mij zou het centraal mogen worden geregeld. De gemeente huurt een vuurwerkbureau in die op een afgezet gebied voor haar inwoners een feestelijk vuurwerk afsteekt. Geen rotzooi op te ruimen op nieuwjaarsdag en geen gewonden. Ook de schade zal beperkt zijn. Steek het geld dat men nu uitgeeft aan schades in zo’n evenement. Misschien het overwegen waard.

Wat bracht 2016 mij? 2016 werd voor mij geen bijzonder jaar, in die zin dat het mij persoonlijk niet veel heeft opgeleverd waar ik warm of koud van ben geworden. Natuurlijk zijn er dingen gebeurd waaraan ik terug denk. Een aantal huwelijksbevestigingen die ik heb gedaan die wel een speciaal moment bij mij hebben achter gelaten. 17 bruidsparen mocht ik in de echt verbinden. De één nog leuker dan de ander. Wat mij wel is opgevallen tijdens de gesprekken dat men zo open is naar mij toe. Somtijds krijg ik dingen te horen die men niet eens aan hun eigen ouders vertelt. Het open karakter dat deze gesprekken heeft, hebben mij doen beseffen dat er vaak meer achter een voordeur gebeurt dan men van buitenaf in de gaten heeft. Niet alleen in negatieve maar veelal ook in positieve zin. Van al die huwelijksbevestigingen schreef ik stuk voor stuk een verhaal, een blog. Namen werden geanonimiseerd en voor de plaatsnaam verzon ik ook een nieuwe naam. Blogs die soms veel werden gelezen, van 48 keer tot wel 763 keer. 844 mensen gaven aan mijn blogs te willen volgen en krijgen een berichtje als er weer een nieuwe blog is geplaatst. Met veel plezier en energie zal ik me ook in het volgende jaar weer inspannen om van elk huwelijk iets unieks te maken, iets persoonlijks dat men altijd in herinnering zal blijven houden.
Bijzonder is ook als bruidsparen mij een geboortekaartje sturen als hun baby is geboren. Ook dit jaar gebeurde dat weer en zo wist ik via allerlei kanalen te achterhalen dat uit mijn 82 huwelijksvoltrekkingen intussen 27 baby’s zijn geboren, waarbij de laatste, Aimée op kerstavond 2016.

In het afgelopen jaar schreef ik via deze WordPresssite 84 blogs van allerlei aard. Ook dat is een succes geworden. Een grote uitspringer was de blog die ik schreef over het opzij zetten van onze burgemeester. 3980 keer werd deze blog gelezen. Niet alleen in Nederland, maar vanuit de hele wereld kreeg deze blog aandacht. Vanuit Amerika, Colombia, Nepal, Zuid-Afrika, Mexico, Australië, Oostenrijk, Rusland en Italië kreeg ik reacties binnen. Dat het ook in ons land leefde bleek toen ik die nacht om kwart over twee werd opgebeld door een journalist van de Telegraaf die mij even wilde interviewen. Meer malen ben ik benaderd voor een interview zowel voor radio als voor de krant. Ook op deze site heb ik bijna 900 mensen die mij volgen. Ruim 31000 keer werd er een blog van mijn hand gelezen. De vele leuke reacties geven je de moed en de energie om er aan te gaan zitten en een nieuwe te maken. Ik vind het leuk om te schrijven en doe dit voor mijzelf. Het geeft een lekker gevoel als mensen mee lezen, hun mening er over ventileren en mij aanspreken over wat ik heb geschreven. Door de blogs heb ik mensen die ik al jaren uit het oog ben verloren terug gevonden doordat men mijn naam heeft googelt die dan naar boven komt bij mijn verhalenblogs.

Mijn Sinterklaasactiviteiten geven mij ook altijd een boost. Al heb ik mezelf dit jaar flink overspeeld. Al bijna een maand mis ik mijn eigen stem. Ik zal het anders moeten doen wil ik dit nog jaren doen.

2016 bracht me nog dichter naar mijn pensioendatum. Als ik 65 jaar en negen maanden ben dan is het werkzaam leven voorbij. Op 20 december 2017 trek ik de deur achter ‘mijn’ bedrijf dicht. Na er 34,5 jaar te hebben gewerkt neem ik er afscheid van mijn geliefde collega’s. Mensen waar ik soms lange tijd mee heb samengewerkt, anderen waar ik slechts kort een zakelijke relatie mee had. Ik zal ze gaan missen en wil dit jaar nog even investeren in de connecties.

Voor 2017 heb ik geen goede voornemens. Ik wil op dezelfde voet verder gaan als dat ik nu doe. Wel wens ik mijn beide zoons een succesvol jaar toe. René zal zijn nieuwe programma op de planken gaan brengen, André (AndrewMathers) maakt een switch en zal zich gaan toeleggen op een ander soort muziek, dat wel dicht tegen de huidige aan ligt. Ik zal ze blijven volgen en mee genieten van de leuke momenten die zij mee gaan maken maar er ook zijn als het ietsje minder gaat.

Voor jou, als lezer, wens ik dat 2017 een gezond en succesvol jaar mag worden. Geef liefde waar nodig. Bezoek een oudere of eenzame. Maak de wereld mooier. Daar krijg je ook zelf een goed gevoel bij.

Dit was de laatste blog voor 2016. Hiermee heb ik mijn derde e-boekje vol. Alle 180 verhalen heb ik gebundeld in boekjes met 60 blogs. Deze zijn te lezen op een tablet, IPad, of E-reader. Zij hebben het formaat Epub. De boekjes hebben geen officiële status en hebben geen ISBN-nummer. Vind je het fijner om mijn blogs via die weg te willen lezen, laat het me dan weten.

53. 2015 en de goede voornemens.

2015. Na de eerste nacht, leven we in 2015. Iedereen, of bijna iedereen heeft zijn of haar nieuwe voornemens uitgesproken of in ieder geval bedacht. Het moet beter dan in 2014. Minder eten, gezonder leven, meer lachen, meer bewegen, liefdevoller zijn, meer voor de medemens betekenen, minder drinken en roken. Ja, wat moeten we eigenlijk van onszelf? Ik heb het mezelf afgevraagd. Wat moet ik eigenlijk van mezelf, of wordt het me opgedrongen? Vooral dat laatste concludeer ik. Een mens stelt zich voorwaarden en wil vooral het beste uit zichzelf halen, maar wie bepaalt het uiteindelijk?

Ik heb 2014 langs mijn gedachten heen laten gaan. Heb ik de resultaten behaald van wat ik in mijn hoofd had voorgenomen op 31 december 2013? Ik kan het me niet eens herinneren of ik goede voornemens had, dus waar moet ik de resultaten aan meten. Wat ik wel weet, is dat de zorg onder discussie is komen te staan, dat de zorgpremie is toegenomen, dat het solidariteitsgevoel nog meer is afgenomen. Dat er nog meer werkeloosheid is. Dat de crisis nog steeds niet is opgelost. Dat het in het Midden-Oosten nog steeds niet op orde is. Dat Poetin kennelijk geen goede voornemens heeft gemaakt en zich laat leiden door macht en geweld. Dat de oudere mensen minder hulp gaan krijgen. Dat er flinke misstanden zijn in verpleeghuizen. Dat er nog steeds graaigedrag is bij bestuurders. Dat het kabinet draaikont gedrag vertoont. Men belooft, maar als puntje bij paaltje komt, is men niet thuis. Dat pensioenen niet meer worden geïndexeerd. Dat CAO’s niet meer actueel zijn en men er niet uitkomt bij de onderhandelingen. Het gaat om geld. Voedselbanken die uit de grond worden gestampt. Rijker wordt rijker, armer vooral armer.

Wie bepaalt er nou uiteindelijk de goede voornemens. De buitenwereld. De wereld waar je in leeft, de mensen om je heen. Je werkgever, het kabinet, de belastingdienst, de bestuurders, de verzekeringsmaatschappijen, de pensioenfondsen, je omgeving.

Nee, goede voornemens: vergeet het maar. Je hebt er totaal geen invloed op. Doe gewoon wat je leuk vindt, waar je je lekker bij voelt, waardoor je wordt gewaardeerd om wie je bent. Goede voornemens stop ze in een tas en schiet ze met je overgebleven vuurwerk de lucht in.

Ik wens iedereen een fantastisch, humoristisch, gezond, vriendelijk maar bovenal eigen 2015 toe.