401. Ploegbaas zijn heeft voordelen

Het is vakantie en dan is het zoals gebruikelijk VMVW, VanMeursVakantieweer. Drie dagen lang boffen we en vallen we in de regen. Dat is precies waarvoor het VanMeursVakantieweer heet. De vierde dag wordt het beter. Het moet niet gekker worden. Ik stippel een prachtige fietsknooppuntenroute (mooi scrabblewoord) uit. met de App Fietsknoop. 40 kilometer. We doen Voorthuizen, Kootwijkerbroek, Lunteren en nog wat kleinere plaatsjes aan.

De fietsen zijn uit het schuurtje. Ze hebben geen rust gehad vannacht. Moeten worden opgeladen voor de rit van vandaag. Buienradar voorspelt goed weer, tenminste er staan geen meldingen van regen op het programma van vandaag. Nog even een kopje koffie en dan op de pedalen.

We zijn nog maar net aan onderweg, als het begint te spetteren. De regenpakken zijn thuis gebleven. Meenemen is de goden verzoeken, is mijn mening. Het blijft bij wat spettertjes.

Terwijl we over de mooie Veluwse wegen fietsen houd ik goed in de gaten of er nog stalletjes zijn die niet op de kaart staan van de website Fietsen voor mijn eten. Ook mijn lief heeft er oog voor. Maar kennelijk door de wijdheid van het gebied, heeft men geen stalletjes. Men verbouwt kennelijk voor zichzelf en gaat niet de buurt op.

We rijden langs boerderijen. Meest kippenboerderijen waar we honderden, zo niet duizenden kippen op het land ziet lopen. Grote stallen waar ze kennelijk ’s nachts slapen, hun ei leggen, om vervolgens naar buiten te gaan. Hele stukken kale grond, waar kippen graven met hun poten en hevig pikken in de grond. Waarnaar, ik zou het niet weten.

Zo af en toe rijden we een varkenshouderij langs. Je hoeft je daar niet af te vragen wat er op stal staat. De ammoniaklucht komt je tegemoet en achtervolgt je. Van tevoren even diep ademhalen en flink er na weer uitademen. 

Uitgestrekte landerijen, mooi groen, waar runderen grazen. Roodbont, zwartbond, hele zwarte, maar ook bijna zilverwit. Maar ook veel stalhouderijen. Paarden, paarden, paarden en nog eens paarden. Het houdt hier niet op.

Dan komen we een stalletje tegen, of iets wat er voor door moet gaan. Een vervallen hokje waar wat doosjes met eieren staan. ‘Vanwege regelmatige diefstal hebben we onze maatregelen moeten nemen’, staat er op het stalletje. Er hangt een camera op. Het is ook verboden om uit een doos van 30, eieren uit te halen. Alleen volle dozen zijn er te koop. Ik maak er een foto van, ga op zoek naar het adres en leg het op mijn telefoon vast.

We vervolgen onze route om uit te komen in Lunteren, of is het Valk. Het is een buurtschap behoort tot Lunteren dat dan weer een deelgemeente is van Ede. Slechts een paar wegen en minder dan 1700 inwoners. Hier treffen we een buurtwinkeltje, ’t Schuurtje. Een houten schuur die is volgestouwd met streekproducten. En met volgestouwd bedoel ik niet dat het een rommeltje is. Het is een winkel die zo vol staat dat alleen magere mensen, zoals ik (haha) tussen het lekkers door kunnen lopen.

Omdat er buiten een bord is geplaatst met daarop de tekst ‘t Schuurtje, kersen, aardbeien en boerenijs, en streekproducten triggert het me. Ik maak een foto van het bord. We stallen er onze fietsen en gaan naar binnen. Groot is onze verbazing als we zien hoeveel streekproducten, maar ook groente, fruit, kazen, nootjes en nog zoveel meer is uitgestald in deze ‘buurtsuper’. Ik kijk er mijn ogen uit.

Ik pak mijn telefoon uit mijn zak en maak er foto’s. Wat een heerlijkheid. De mannelijke winkelbediende die ons heeft binnen zien komen, wandelt een trap af naar beneden, waar wij de trap naar boven nemen. Ook hier allerlei snuisterijen, rieten manden, cadeautjes te veel om op te noemen.

Ik haal uit een schap een heerlijke Veluwse Kandijkoek om af te rekenen. We wachten en wachten. We hadden zo weg kunnen lopen, niemand had het gemerkt, of toch. Als mijn vrouw de deur open en dicht doet komt de man plots naar boven lopen. Ik vertel hem van de website Fietsen voor mijn eten. Hij heeft er geen zeggenschap over en haalt de eigenaar Bram.

Ik stel me aan Bram voor en vertel de doelstelling van Fietsen voor mijn eten. “Wat kost dat”, zegt hij. Ik leg hem uit dat het gratis is. En als ik mag, staat dezelfde avond zijn Schuurtje op de website. Bram vindt het prima. Hij schrijft op een geeltje nog even de site. “Ik onthoud ook niet alles meer”. Bram is een kleine veertiger. “Nu al”, vraag ik hem. “Zeker”, zegt hij. Dan leg ik mijn kandijkoek op de toonbank. “Ik wil deze even afrekenen”, zeg ik. Dan zegt Bram: “U mag hem zo meenemen hoor, voor de moeite.” Met een goedemiddag nemen we afscheid.

En zo heeft het toch nog voordelen als je ‘ploegbaas’ bent van een website.

323. Waarom schreeuwen ze zo als ze praten?

Lekker een weekje er tussenuit. Er komen veel activiteiten aan, dus een weekje rust is lekker. We rijden dit keer richting Veluwe. Fietsen gaan achterop, want gefietst wordt er, dat is zeker. ‘Ons huis’ staat in de gemeente Voorthuizen, ver van de bewoonde wereld. Tenminste ver van straten en pleinen en kerken en winkels. Aan campings en vakantiehuisjes geen gebrek. En er zijn er te koop. De beste investering staat er op de borden langs de weg. Van 5 tot 7% rendement belooft men. Ik heb er geen interesse in en er ook het geld niet voor.

We gaan op tijd weg, eigenlijk weten we al dat we te vroeg aankomen. Geen probleem er is ons een eigen parkeerplaats beloofd. We zetten onze auto neer, halen de fietsen van de drager en trappen de fiets rond. Bij aankomst echter staat er een auto op de oprit. Zijn we echt zoveel te vroeg? Mijn lief loopt naar het chalet dat we hebben gehuurd. De eigenaar is nog binnen. Nog drie kwartier heeft hij nodig dan mogen wij er in.

We krijgen een alternatief aangewezen en rijden de auto terug naar een groot parkeerterrein. We passeren prachtige vakantiehuizen, villa’s bijna. De fietsen gaan eraf en de eerste fietsrit wordt ingezet. Even naar het dorp voor wat boodschappen. Een leuke plaats, Voorthuizen. We wandelen door het dorp om daarna terug te gaan naar ons chalet.

De eigenaar is inmiddels vertrokken, we kunnen de auto ophalen en heerlijk onder een boom zetten in de schaduw. Schade is voor eigen rekening heeft de eigenaar ons geschreven, er vallen eikeltjes uit de boom en zo af en toe een tak. Bij de omringende chalets staat er doorgaans een partytent tussen de boom en de auto. De eerste klap wordt zo opgevangen.

De boodschappen gaan op de voor ons gangbare plaats en de fietsen staan al weer te springen. Fietsen, fietsen, hoor ik ze zeggen. Met de app. Knooppunt op mijn telefoon zet ik een rit uit. Zo’n 30 km, om te beginnen.

De rit verloopt prachtig. Maar wat is het land droog. Bij een aardappelveld hangt het loof op het land. De suikerbieten doen het al geen haar beter. Ook die hangen op de grond. Een enkele boer probeert zijn oogst te redden door sproeiinstallaties aan te zetten. Het mais is niet ontwikkeld en blijft klein. We gaan het straks in de winkels voelen en merken.

Wanneer we weer thuis zijn aanbeland komt echtgenote een groep buitenlandse mannen tegen. Ze vragen aan haar naar huisje 369. Ze weet niet waar dat is. Als er op het informatiebord wordt gekeken blijkt dit het huisje naast dat van ons te zijn. We fietsen nog wat over het park om wat informatie te verzamelen. Nadien gaan we naar huis terug.

Aangekomen bij ons huisje 380, ziet ze plots de auto van de buitenlandse mannen staan. Er staat ook nog een auto achter. RO staat er in hoofdletters voor het kenteken. RO staat voor Roemenen. De mannen zijn duidelijk aanwezig. De radio staat op vol volume. Er komt muziek uit die bij ons niet lekker in het gehoor ligt. Een van de mannen fluit mee, dat kan hij beter niet doen. Dan gaat men over tot praten tegen elkaar. Maar praten is schreeuwen. Er komt drank aan te pas en naarmate de avond vordert neemt het volume toe. Op een redelijk tijdstip maakt de herrie plaats voor rust.

Tegelijkertijd is aan de overkant een Poolse groep binnengekomen. Een van de mannen is klusser. De zaagmachine start, zodra hij de auto heeft stilgezet. Er zijn vrouwen bij. Er wordt gelachen en er zijn geluiden die ik niet verwacht. Ook daar gaat op tijd het lampje uit.

De volgende ochtend bestemmen we voor een bezoekje aan het dorpje Stroe. Een kleine gemeenschap waar een braderie wordt georganiseerd en er is een kinderrommelmarkt. Na een half uurtje hebben we het al gezien. Door een flyer zijn we opmerkzaam gemaakt op een kijk- en wandeltuin. We brengen een bezoek aan die tuin, genaamd klein Boskoop. Een particulier initiatief van een oud kweker uit Boskoop om zijn tuin om te toveren in een prachtige thematuin. Zo’n 15000m2 heeft hij in compartimenten aangelegd. We kijken er onze ogen uit. Na een goed uur is het klaar. Omdat mijn accu van de fiets niet is opgeladen in de nacht gaan we terug naar huis voor extra prik.

Bij thuiskomst is het net of we in een indianendorp zijn beland. Grote rookpluimen sieren de tuin van onze buren. En dat met al die droogte. Gaat er een half varken op? Wie zal het zeggen. Er wordt gebeld. Men praat alsof de telefoon het zelf niet aankan. Alsof de andere kant op zo’n 100 meter afstand staat. Opnieuw is het een giga herrie en ik ging voor een weekje rust.

Even, heel even denk ik er over om er wat van te zeggen, maar ze zijn met teveel en het lef heb ik ook niet om erop af te stappen. De accu heeft inmiddels voldoende streepjes zodat we er wel 50 km mee kunnen fietsen. We besluiten het niet langer aan te horen en vertrekken.

Midden in de knooppuntroute komen we terecht in Nijkerk. Een plaatsje met leuke winkeltjes, een boekenmarkt op het plein en volop terrassen. We blijven er even rondkijken om daarna verder te gaan. Het is nog zo’n 18 km voor we thuis zijn.<

Wanneer we de lange Apeldoornesweg hebben afgefietst tot aan het Kieftveen, zijn we weer thuis. De Roemenen zijn nog even duidelijk aanwezig als eerder die dag. Mijn Poolse overbuurman heeft kennelijk het chalet gehuurd of gekocht en begint aan het snoeien van de coniferen, opnieuw weg met de rust.

Ik hoop dat het slechts een paar dagen duurt, het weekend overbrugt, maar vrees dat de rust deze week niet binnen bereik ligt. Ach, dan fietsen we we maar wat meer, geen rust in de kont, maar wel lekker genieten van de mooie Veluwe.