357. Als het AD op bezoek komt bij de Sint

21 november 2018, een drukke dag. Ik ben al vroeg op. De verkleedkist is leeg. De Sinterklaasoutfit ligt in de auto. Naast het feit dat ik zelf op bezoek ga, krijg ik vandaag ook zelf bezoek. Een fotograaf van het Algemeen Dagblad komt foto’s maken. Tijdens het schminken zal de camera snorren. Ik ben benieuwd.

Mijn eerste optreden als Sinterklaas voor 2018 is een Zonnebloemadres. De avond tevoren heb ik mijn outfit en staf al in de auto gelegd. Ik durf het risico niet te nemen om de spullen ‘s ochtends vroeg in de auto te doen, omdat dit gelijk is met het naar school gaan van gelovige kids. Het zou niet fijn zijn als mijn staf, die ik de dag ervoor stevig heb gepoetst, het sprookje om zeep zou helpen. Glimmend ligt het gevaarte met de krul naar beneden onder mijn kledingtas.

Om even over negenen rijd ik naar de locatie. Via een achterdeur breng ik mijn spullen naar binnen. In het invalidentoilet is men druk bezig met het schminken van mijn zwarte Pieten. Prachtig om te zien hoe twee dames op leeftijd veranderen in jong uitziende Pieten. Ik moet even wachten om zelf aan de bak te gaan. Het wachten is op de fotograaf die stapsgewijze wil fotograferen hoe de metamorfose gaat plaatsvinden. Even is er een lichte paniek. De fotograaf heeft op naastgelegen adres gebeld, waar men hem doorstuurt naar de locatie waar het feest zal plaatsvinden. Kort daarop ontmoeten we elkaar toch en kan ik aan de slag. Met het fototoestel in de aanslag klikt de fotograaf raak. Bij het aanbrengen van de snor loopt hij mee naar de spiegel, waar ik de snor op mijn gezicht aanbreng. De mijter gaat op de handschoenen aan en de staf in de hand. Het plaatje is compleet.

Door de kerk loop ik naar de feestlocatie. Opnieuw wordt er een foto gemaakt. Bij binnenkomst hoor ik dat er gezongen wordt. Een tiental kinderen van de basisschool St. Jozef met twee leerkrachten zingen met de ouderen wat Sinterklaasliedjes. De voorzitster van de Zonnebloem heet mij van harte welkom, ik krijg de mooie stoel toegewezen. Nog even een foto maken met de Sint, dan gaan de kinderen terug naar school. Een van de deelnemers van de Zonnebloem heeft een ‘politiek’ getint gedicht geschreven dat hij graag aan Sinterklaas wil voorlezen. Tradities, dat is waar het om gaat en die mogen niet uit handen worden genomen. Over enkele bezoekers heb ik een verhaaltje. De namen liggen op tafel. Het Grote boek is uit elkaar gevallen. Sint haalt de genomineerden naar voren. Het spel wordt door de ouderen meegespeeld, zij zetten de Sint soms op het verkeerde been. Het gaat er leuk aan toe. Het advocaatje-slagroom en het borreltje maken het af. Om half twaalf is het tijd om te vertrekken. Sint heeft de vrijheid gekregen om zijn verhaaltjes te doen. Ik neem van iedereen persoonlijk afstand, noem de gast bij naam en ga naar de volgende, tot ik ze allemaal een hand heb gegeven.

Terug in de schminkkamer moet alles uit. Een drijfnatte albe, een witte coltrui die je uit kan wringen en een baardstel waar behoorlijk het vocht in zit. De snor gaat af, de schmink verdwijnt van het gezicht. Snel een zeepje door de snuit en dan op naar het volgende optreden. Wederom als Sinterklaas.

Even langs huis om droge kleding op te halen en dan naar SnowWorld in Zoetermeer voor een bedrijfsbezoek. Het bedrijf, mijn oude werkgever, heeft bij SnowWorld haar kinderfeest georganiseerd. De doos waar mijn baardstel en pruik in zit gaat in de auto op de grond open voor de bijrijdersstoel. De verwarming gaat op hoog. Wanneer ik op locatie aankom zijn de Pieten al bijna klaar. Sommige zwart geschminkt en anderen als roetveeg. Voor het eerst als roetveeg, nee toch niet. Bij het optreden voor het ‘Feesthuis, een paar jaar terug, heeft er ook één meegelopen op verzoek van het bedrijf dat we bezochten. Ook bij mijn oude werkgever wil de directeur, in navolging van de NTR, dat er met roetveeg Pieten wordt gewerkt. Twee werknemers lenen zich ervoor drie andere werken zwart. Het gezelschap van het Delfland Pieten wordt aangevuld met die van SnowWorld, ook zwart geschminkt. Voor mij is het even pauze, tijd voor een broodje.

De eerste ouders en kinderen komen binnen. Ik voeg me in burger tussen de binnenkomende gasten. “Moet jij niet……” en dan, dan wordt er wat gesmoesd. Ik heb de tijd. Tijd ook om de laatste stand van zaken binnen het bedrijf door te nemen. Ik wil het graag actueel opnemen. Hier heb ik geen tekst en mag ik me botvieren, ik heb daar alle vrijheid in. Rond de klok van half drie is het tijd voor opnieuw aankleden. Een nieuwe en droge albe en mantel. Het pak hangt nog in de plastic tas die de stomerij eroverheen heeft gedaan. Het is wederom achter de spiegel plaatsnemen en kleuren. Ik ben bijna klaar als de directeur mij de hand drukt. “Heb je nog iets speciaal voorbereid”, vraag ik hem. “Nee”, antwoordt hij mij, “jij”. Ook ik heb niets speciaals. “We laten het gewoon gaan”, zeg ik hem. Hij lacht en wenst me succes.

Dan word ik gehaald door twee Pieten. Het is zover. De deuren zijn gesloten als ik aan kom lopen en worden even later opengegooid. Er wordt uit volle borst gezongen. De eerste high-five is er met een kleuter van een jaar of vijf. Sint begeeft zich naar het podium dat rijkelijk is versierd met pakjes. Een mooie, grote, rode stoel is hier de zetel. Na een paar korte woorden komt de directeur op het podium. Er ontstaat een leuke discussie, waar zelfs wordt overwogen om een coupe te plegen en het Hoogheemraadschap van Rijnland te annexeren. Medewerkers die mee willen doen kunnen zich achter in de zaal inschrijven.

Dan is het tijd om de cadeautjes te verdelen. Op leeftijdsklasse komt de zak naar voren en worden de pakjes uitgedeeld. Een kleine hummel van drie staat als eerste op het podium als de zevenjarigen worden uitgenodigd. Ze wil ook niet meer weg. Na de pakjes een foto met de hele groep en dan de kinderen van zes en zo verder. Kinderen houden het cadeautje dicht tot iedereen een pakje heeft. Sint telt terug van tien naar één en dan mag er gescheurd worden. Als alle pakjes zijn uitgepakt komen kinderen Sinterklaas bedanken en willen even met hem op de foto. Wanneer ik zie dat de eerste ouders al in de vertrekhouding staan, stap ik ook gauw op. Ooit heb ik het licht uit moeten doen toen alle ouders vertrokken waren en Sint alleen achter bleef, dat gaat niet meer gebeuren.

Opnieuw afschminken. Mijn bovenlip vertoont al wat irritatie, nadat ik de snor ervan af heb getrokken. Opnieuw heb ik een drijfnatte pully aan. Ook de albe is nat. Mijn speciale schoenen gaan de tas in, de broek gaat uit en verruil ik voor een ander, geen herkenning van kleding en schoenen. Met Andrelon ei-shampoo smeer ik mijn gezicht flink in om het vervolgens met een tissue te verwijderen. Mijn gezicht is schraal. Dat is voor later. Wanneer ik weer in burger ben ruim ik alle spullen weer op. Opletten dat ik alles meeneem, want het wordt een druk jaar en ik heb echt alles nodig.

Nog even een glaasje fris, een babbeltje, een prachtig, versierde chocoladeletter S. Vrijwilligers moet je koesteren, al is het maar een kleine attentie. Rond half zes voel ik de vermoeidheid. Ik ga op weg naar huis. ’s Avonds wordt het banken.

De volgende dag verwacht ik de journaliste van het Algemeen Dagblad. Zij heeft mij er voor uitgenodigd en komt bij mij thuis op bezoek. De Sinterklaasshizzle heeft alweer een plekje gekregen op de kast. De Jan van Haasterenpuzzel van Sinterklaas hebben we net afgemaakt en ligt te pronken op de tafel. Nog even bij Appie Heijn wat strooigoed halen en gevulde speculaas. Dat hoort bij de Sint. Om tien uur gaat de bel mijn bezoek is gearriveerd. We kletsen wat af, de voicerecorder neemt het gesprek op. Het is een aangenaam gesprek, ik ben benieuwd naar de uitwerking.

Op zaterdag staat het interview in de regionale kranten Delft en Westland. Het is mooi verwoord. Leuk ook zoals het is opgepakt. Natuurlijk komt er een reactie op het woord ‘macht’ dat is opgenomen in het redactionele stuk, ik had niet anders verwacht. Het had beter geweest als er ‘alle vrijheid’, had gestaan. Macht is niet wat bij mij hoort, vrijheid des te beter.