270. Inkijk in het leven van Sinterklaas

Dit jaar is het voor mij al vroeg Sinterklaas. De Personeelsvereniging van mijn werkgever heeft het feest georganiseerd op 22 november bij Onder Ons. Ook dit jaar zijn de kinderen tussen drie en acht jaar weer van harte welkom.

Op de dag van het feest eigen ik me de vrijheid toe om wat later aan te komen waar ik voorheen ook altijd meehielp met het versieren van de locatie. Bij binnenkomst krijg ik een hartelijke begroeting. Ik ben inmiddels thuis en hoef niet meer te werken. Met uitzondering van vandaag want dan moet ik Sinterklazen en kan ik mijn uren wegschrijven op de PV.

Het wordt dit keer een heel spektakel. Er zijn wat kleine Pietenpakken bijgekocht en daarom komen we binnen met vier grote en vier kleine Pieten. Zij moeten allemaal worden geschminkt, zwart. Ik zie al direct dat men niet op de juiste manier de kleur opbrengt, eerst het gezicht zwart en dan de lippen rood is net als papeten met een vork, dat is ook lastig om netjes weg te werken. Eerst de lippen en dan het gezicht, dat is de volgorde. Even later zijn de Pieten gekleurd. Ik heb nog even tijd en maak mezelf op. Na de clownPiet, die optreedt, mogen wij op. We sluipen via de achterdeur het pand uit om er aan de voorkant weer binnen te komen.

Het geluid staat op hard. De stereo buldert uit de boxen. De kinderen en ouders zingen uit volle borst mee. Op het podium staat de hoogste baas van Delfland, de dijkgraaf. Met ambtsketen om verwelkomt hij mij. Waar ik anders nog weleens een discussie kan opzetten is dat nu niet van toepassing. “U komt toch voor de kinderen”, krijg ik mee. De microfoon wil mijn stem niet echt versterken. Ik moet gaan stem verheffen. Een voor een worden de kinderen op leeftijd naar voren gehaald om hun cadeautje te halen. Dan even door onze fotograaf op de groepsfoto en terug naar hun ouders. Als alle leeftijdsklasse het cadeautje hebben gekregen wordt het aftellen van tien naar nul en mag het zojuist gekregen stukje speelgoed worden ontdaan van het pakpapier. Kinderen komen Sinterklaas op advies van hun vader of moeder bedanken voor wat men heeft gekregen. Intussen gaan er kinderen met Sinterklaas op de foto. Als ik net een kind op schoot wil halen, komt er een vijfjarig meisje naar mij toe. “Sinterklaas, ik vind het cadeautje helemaal niet mooi”, zegt ze. Oei, dan wordt het even improviseren. “Leg het cadeautje maar bij jouw schoen en laat mama er een briefje bij leggen. Laat ze maar aan Zwarte Piet vragen of het kan worden geruild.” Mama of papa hebben zelf dit cadeautje uitgezocht, het is dus niet mijn probleem, ik leg het terug bij de veroorzaker.

Nog even wat foto’s met kinderen en dan weg, dat wil zeggen de statiefoto moet nog worden gemaakt. Buiten zou Americo moeten staan, maar hij heeft kennelijk de stal bij Chardon geroken en is verdwenen. Een stenen koe wordt de vervanger. Rondom dit grazend beest maken we nog wat gezellige plaatjes. Dan is het snor en baardstel verwijderen, afschminken en douchen. Terug in de zaal is het tijd voor een biertje. De eerste verkleedpartij zit erop.

Tweede Bezoek

Een week later is het de beurt bij de Zonnebloem Schipluiden, waar ik zelf ook als vrijwilliger bij betrokken ben. Ik heb al mijn spullen opgezocht, in tassen gedaan en in de avond voorafgaand alvast in de auto gebracht. Het tijdstip van vertrek die ochtend ligt gelijk met het naar school gaan van gelovige kinderen uit de straat. Ik wil het niet verpesten als ze mij met een staf voorbij zien lopen. Wanneer ik bij de Schelp, naast de katholieke kerk in Schipluiden, aankom, komen er net kleuters naar buiten met hun ouders. Ze gaan naar ’t Sinthuis te Maasland. Ook nu dus even wachten. Als ze zijn vertrokken kan ik uitstappen. Ik breng mijn tassen en staf naar binnen en zoek en plekje om om te kleden. Het toilet is bezet, hoor ik, daar worden mijn Pieten in de kleur gezet. Dit keer bijzondere Pieten, ouder dan de werkelijke leeftijd van de Sint. 67 en 70 jaar. Geweldig.

Ik krijg het advies om naar het administratiekantoor van de kerk te gaan en daar om te kleden. Alle spullen worden door de kerk heen gezeuld, waar mensen al zitten te wachten tot de mis gaat beginnen. In de pastorie is de pastor zich aan ’t voorbereiden als ik binnenstap. Hij kijkt verschrikt op. “Jaha”, zeg ik, “de bisschop is er ook vandaag.” Hij moet erom lachen.

Bij het kantoor van de administratie wordt druk gewerkt aan het kerkblaadje van het weekend. Ik zet mijn tassen en staf neer en krijg direct mee dat de kopieerder ook jarenlang Sinterklaas is geweest. Ik moet nu op gaan schieten, want de tijd dringt. Als ik mijn paarse gewaad en albe aanheb kom ik tot de ontdekking dat mijn mijter nog thuis ligt. Zonder kan ik niet naar binnen. Ik heb mijn jas nodig die hangt aan de andere kant in de Schelp, maar de kerk is inmiddels begonnen en ik kan niet door de kerk heen om deze op te halen. De administratieve kracht haalt op de fiets mij jas op. Ik moet naar mijn auto en naar huis. Met de helft van de kleding aan sla ik mijn jas om en hol naar mijn auto. Dat kan met kleine pasje i.v.m. de jurk. Snel naar huis en de mijter ophalen. Ongezien kom ik terug. Snel de mantel om en gaan.

De kerk is intussen afgelopen en de pastor komt nog even langs. Even een foto maken. “Niet voor Facebook toch?” vraag ik hem. “Waarom niet, u ziet er fantastisch uit.”

Bij binnenkomst in de zaal is deze helemaal vol. Zo’n 50 gasten en nog eens 20 vrijwilligers hebben zich voor deze gelegenheid netjes aangekleed. Ik ben nog geen vijf minuten binnen als ik het al hoor gonzen: “Wie is het? Wie is het?”. Ik probeer het eerst geheim te houden maar door wat expresse versprekingen is men er al snel achter. In het grote boek staan een aantal gasten genoemd die ik naar voren haal. De oudste gast, 95 jaar, wandelt nog elke week naar het seniorenkoor. Twee gasten die in december negentig jaar worden. Ik laat ze vertellen hoe een Sinterklaasfeest er zo’n negentig jaar geleden uit zag. “We zongen liedjes bij de schoorsteen en kregen dan kleurtjes of een schriftje”, zegt de een. “We mochten onze schoen zetten en soms zaten er twee pepernoten in”, zegt de ander. Er is dus weinig veranderd, alleen een schriftje of kleurtjes dat zie ik nooit meer in een zak zitten. De waarde van de cadeaus is intussen wel behoorlijk gestegen. En het blijft niet bij één zak. We zijn dit jaar bij huisbezoeken geweest waar wel acht of negen zakken mee naar binnen moesten en daar zaten echt niet veel kinderen en volwassenen.

Bij de chocomel die uitgeserveerd wordt zit uiteraard dat stukje speculaas. Het is tijd voor een bingoverhaal. Een luxe chocoladeletter van de bakker als hoofdprijs. Twee dagen voor mijn bezoek heb ik het bingoverhaal geschreven van Zwarte Piet die met de Sint heeft afgesproken om zijn vriendinnetje ten huwelijk te vragen bij de intocht. Tijdens het verhaal worden de 75 nummers van het bingoblaadje genoemd. Het is muisstil als ik mijn verhaal vertel. Soms roept men om nogmaals het nummertje te noemen. Een valse bingo wordt bestraft met het zingen van een Sinterklaasliedje.

De kleinste Piet, Pedro, heeft een gedicht gemaakt dat aansluit bij het cadeautje dat de gasten zullen krijgen. Ze wil het graag tijdens het bingoverhaal voorlezen. Nog even wordt men in het ongewisse gelaten wat dat cadeautje is.

Halverwege het verhaal komt plots Burgemeester Rodenburg binnenwandelen. Hoe leuk. Hij heeft even tijd vrij gemaakt om langs te komen. Gasten en vrijwilligers waarderen zichtbaar het bezoek. De burgemeester neem naast mij plaatst en luistert hoe hij ook zelf in het verhaal wordt genoemd.

Dan komt Paco, de ‘jongste’ Piet aan de beurt voor een gedicht. Zij heeft wat werkzaamheden van de Burgemeester, maar ook van de Sint, genoemd in haar komisch gedicht.

Alle gasten krijgen dan hetzelfde cadeau in handen. Nog even wachten met openmaken. Maar als het open is horen we direct de waardering. Door een gift van het Zomerfeest Schipluiden heeft de Zonnebloem een boekje kunnen maken met daarin alle verslagen van activiteiten die het afgelopen jaar hebben plaatsgevonden.

De laatste bingonummers worden genoemd en dan is het voor Sinterklaas ook tijd om te vertrekken. Opnieuw gaat het baardstel, snor en mantel af en uit en ben ik gewoon weer wie ik door de weeks altijd ben.

Derde Bezoek

De volgende ochtend gaan we op bezoek bij een kinderdagverblijf in Ypenburg. Met twee van mijn favoriete Pieten, nichtjes van elkaar, mag ik heel klein volk plezieren. Opnieuw de verkleedpartij en lijm aanbrengen om de snor vast te houden. Daar gaan we. Onderweg worden we gezien en herkend. Men toetert op de rijksweg als men ons passeert.

Aangekomen bij het kinderdagverblijf staat men met smart op ons te wachten. Ouders hebben vrij genomen om foto’s te maken. En dat gaat het die dag ook alleen worden. Driejarige, tweejarige, éénjarige, maar ook baby’s van twee of drie maanden krijg ik op schoot of naast me. Bij de allerkleinste is het altijd oppassen. Er is nog weinig controle en de kleine knuistjes pakken alles vast. Ook de baard. Dan is het voorzichtig loshalen om niet alles van mijn hoofd af te trekken. Na een goed uur heb ik de meeste kids gehad. Met een goed gevoel kan ik weer vertrekken.

Dan is het wachten, wachten, wachten. Het vertrek voor het vierde bezoek is ruim drie uur later. Ik haal mijn baardstel weer af, trek opnieuw mijn snor los en doe de mantel uit. Inmiddels heb ik al de nodige irritatie op mijn bovenlip van het lostrekken van de snor. In mijn witte albe word ik thuis afgezet. Daar zit ik dan, hopend dat ik niemand aan de deur krijg.

Vierde Bezoek

Omdat een hulpsinterklaas vorig jaar een zooitje heeft gemaakt van zijn bezoek, heeft men ons gevraagd om er een leuk feestje van te maken. We moeten naar Amsterdam.

In de stromende regen word ik opgehaald. Terug naar de schminklocatie en dan door. Net aan de A4 op beginnen de waarschuwingsborden al aan te geven dat de maximale snelheid 50km is. Dat kan nog een lange rit worden. Er is ruim tijd ingepland dat zal dus geen probleem zijn. Ook nu worden we begroet door automobilisten.

Het is gezellig onderweg. We kletsten lekker maar het schiet niet op. Af en toe is het even kijken op de klok. Als we de snelweg afdraaien is het contact opnemen met de contactpersoon van het bedrijf. We worden netjes de parkeergarage ingeloodst. Met de lift naar etage vier waar kinderen zitten te kleuren. Van alle kinderen hebben ik een verhaal gekregen en ik haal ze dan ook een voor een naar voren. Na wat lieve woordjes, al geven sommige ouders ook een bestraffend woord mee, mogen ze hun cadeau uitpakken. Ook hier de dankbaarheid. Spontaan komt men het cadeau laten zien en bedanken. Na driekwartier is het over. Intussen is de patat binnengebracht en mogen de kinderen en ouders gaan eten. Het is inmiddels kwart over zes. Terug in de lift ruiken we de patatlucht. De honger slaat toe.

Opnieuw de file in terug naar Schipluiden. Ook nu een gezellig onderons. Om kwart voor acht zijn we thuis en mijn maag knort. Ik hoop dat mij lief nog wat heeft laten staan voor mij, maar dat is een stomme hoopvraag. Ze zorgt zo goed voor mij. Al is ze wel een aantal dag Sinterklaasweduwe. En dat al ruim 20 jaar.

De volgende dagen hebben er nog veel meer bezoeken plaatsgevonden, maar meer in particuliere zin. Van huis naar huis, 20 minuten op en dan door. Al is tijd voor mij wel altijd een dingetje. Het is goed als ik een sturende chauffeur heb, dan lukt het. Ik wens u nog een prettige Sinterklaasavond en denk aan u als ik in het pak rondloop.