335. Gaan voor kleine prijsjes, maar lukt dat altijd?

Het blijft altijd een spannend gebeuren. Waar komen we dit keer mee thuis en kunnen we de lijstjes van diverse ‘klanten’ dit keer van de bucketlist afstrepen. Bij een rommelmarkt van 400 kramen moet het toch lukken.

Al vroeg loopt de wekker af. De rommelmarkt van Hattem staat op het programma. Al voor de derde keer huren we hetleukstevakantiehuisje in Wapenveld om er met de grootste rommelmarkt te zijn. Van verscheidene kanten hebben we een lijstje meegekregen om te zoeken. Het is half zeven. Nog even een broodje en dan op weg. De temperatuur: 6 graden. Nog net geen handschoenenweer als we bij knooppunt 82 linksaf slaan. Het is nog stil op het fietspad.

Om even over zeven rijden we in een rap tempo het fietspad af. Het is 2,8km. Met de auto word je buiten het centrum gehouden. Met de fiets mag je bijna de kramen binnenrijden. Op woensdag al staan er voor auto’s borden: ‘Hier parkeren bij het evenement’. En een evenement is het. Ruim 400 kramen verspreid over het stadje staan mannetje aan mannetje langs de geveltjes van Hattem. De winkelstraat is een echt handelscentrum geworden. Ook de plaatselijke horeca doet er goede zaken. Er is van alles in de aanbieding.

Verkeersregelaars sturen en wijzen de weg. Wij hebben inmiddels ons vaste plekje voor onze fietsen al gevonden. Automobilisten die de car op de speciaal daarvoor bestemde weilanden hun voertuig kwijt kunnen komen in drommen naar de handelsmarkt toe. Van diverse kanten komt men aan wandelen.

Van ver ruik je al de oliebollenbakker, de palingroker en de frietboeren. Al vroeg eet men een broodje bal met mayonaise, een broodje hamburger met ui, of friet van verse aardappelen. Kraamhouders mogen vanaf vijf uur hun tent inrichten en dat maakt hongerig. Wanneer we een kraamhoudster haar sjaal om zien doen, geeft ze aan dat het flink fris was die ochtend. Ze was er al om vijf uur en ook de handelaren waren er die met een zaklamp op het hoofd al kwamen neuzen, zei ze. Niet normaal. Om zes uur begint de markt, maar een handelaar slaapt niet.

Het is een gekkenhuis als we over de markt lopen. Dames met truttenkarren, bolderwagens en lege buggy’s rijden tegen je aan, of over je tenen. Een vrouw die pardoes met haar naaldhak op mijn voet/schoen staat, verblikt of verbloosd niet als ik “au”, zeg. Er hangt verder een gezellig en gemoedelijk sfeertje. Het taaltje doet mij denken aan de Achterhoek. Men vergeet de ‘e’ bij kijk’n, maar zegt ook “kiek’n”. “Kiek’n, kiek’n, moar nie kop’n”.

We zoeken Jan van Haasterenpuzzels, maar als je in een stad bent waar Jan een tentoonstelling heeft, weet men ook de prijs. Het wordt dit jaar geen score van Jan. De verzameling boeken wordt uitgebreid. Thrillers, van Linda van Rijn, of Jaarsma. We hebben een lijst bij ons van wat we hebben en nog willen hebben. We zoeken een telraam voor een nicht, puzzeltjes voor een kinderdagverblijf en Pools aardewerk. Het worden alleen wat boeken en een telraam. De doosjes van de puzzels zijn veelal kapot, of er ontbreekt een stukje, dan gaan ze niet mee.

Ook wij gaan voor een kopje koffie op de markt. We zijn daarin niet de enigen. We vinden een plekje op zo’n scoutingbank, dat als de buitenste gaat staan de rest met de kont op de straat ligt. Het is dus even afstemmen bij het opstaan. Bij de oliebollenkraam staat een rij te wachten. Netjes rond gebakken exemplaren drijven in het vet. Er is geen Spoetnik te zien. Hoe doet die bakker dat? Het is ook vechten voor een zitplekje en dat niet alleen bij de koffieboer, ook bij de dixi’s staan mensen te wachten. Er zijn er naar mijn mening, veel te weinig waar men de behoefte kan doen. En met z’n tweëen tegelijk past niet.

Na ruim vier uur is het genoeg. Om 12:00 uur besluiten we huiswaarts te gaan. Moe van het sloffen langs de kramen. Ik hoef de auto niet te gaan halen voor het door ons gescoorde materiaal. Het kan in de fietstas. Wanneer we thuis zijn aangekomen, stelt vrouw lief voor om om 16:00 uur nog even terug te gaan. De prijzen zijn dan gedaald en men wil niets mee terugnemen naar huis. Het is een goed plan, maar of we het ook doen, weet ik nog niet. Al hoor ik vaak zeggen, daar moeten jullie het van hebben, toch, die kleine prijsjes?

De uitdaging is toch te groot, we doen het niet. We hebben genoeg gescoord en laten het erbij.

243. Ontspannend kilometers maken

We doen dit eigenlijk nooit, tweemaal achtereen naar hetzelfde vakantieadres. Dit jaar echter doen we het twee keer. Gingen we eerder naar Schoonoord, waar we vorig jaar ook zijn geweest. Thans zitten we voor de tweede keer in Wapenveld, waar we in 2014 ook vertoefden.

Door een plotseling vrijaf van mijn lief krijgen we de luxe om nog een keer elders Nederland te bekijken. Na de cursus Pensioen in Zicht een welkome weekje vrijaf. Een week fietsen staat op ons programma. Knooppuntenroutes zijn de leidraad en gids voor de tochtjes die we gaan rijden. Thuis doe ik nog geen voorwerk. Het lijkt mij handiger om dat ter plekke op te pakken. Onlangs installeerde ik op mijn IPhone en Ipad de app. Fietsknoop. Een applicatie die je op de kaart van Nederland de knooppunten laat zien die men in Nederland heeft. Met eenvoudige hulpmiddelen binnen de app. is het simpel om een route uit te zetten en daarbij direct te zien wat de afstand is. Je kunt omissies aangeven in de applicatie, gebruik maken van door anderen aangemaakte routes of er zelf een aan toevoegen.

De koffer is gepakt. Van de verhuurder had ik te horen gekregen om op tijd te komen, dat is niet tegen dovemans oren gezegd. Vroeger dan de bedoeling is, vertrekken we vanuit Schipluiden richting Wapenveld. Dat houdt in dat je ook vroeger aankomt. Daar was ten huize van de verhuurder niet op gerekend. De man spreekt af maar zegt niets tegen vrouwlief. ‘Kom maandag maar op tijd naar Wapenveld! Dan heb je echt vakantie! De deur is Open!”, zo stond het toch echt in het berichtje. De deur is echter helemaal niet open, wat nu? Ik wandel bij de verhuurder het terrein op en roep: “Volk”, zoals ik dat thuis ook zou doen. Ik hoor een douche spetteren, loop wat meer naar het huis toe om direct begroet te worden door de hond. Dat is overigens geen liefdevolle begroeting, maar een keffende blaf. Dan plots komt de eigenaresse met natte haren naar buiten. Ze heeft even snel een jurk aangetrokken. Ze was geschrokken, stond te douchen en hoort dan plots een onbekende mannenstem. Daar word je gek van, dat begrijp ik. Er bleek dus geen overdracht te zijn geweest. Ik krijg de sleutel en kan echt naar het leuke huis. Het is thuiskomen.

Vrijwel onmiddellijk zet ik een route uit en pakken we de fietsen. Het is prachtig weer, het fleecejack kan in de fietstas. De eerste kilometers in het voor ons bekende gebied worden gereden. Het is er nog net zo mooi als drie jaar terug. We doen op de terugweg nog even de boodschappen bij de dichtstbijzijnde super: De Aldi.

De voorspellingen voor de tweede dag zijn een stuk minder. We blijven wat in het huisje lummelen, wat internetten, een bakkie doen. Maar echt plannen maken, nee. Dan komt het lumineuze idee op om de bus te pakken naar Zwolle. Het is fris dus ik duik in mijn koffertje. Shit, lange broek vergeten. Eigenschuld, normaal pakt vrouwlief in en ik weer uit, dit keer heb ik het initiatief genomen om het een keer zelf te doen en dan gaat het fout. Ik moet in korte broek met kouwe knieën naar Zwolle. Het is nog hardlopen naar de bus, want over vier minuten gaat ie. Precies op tijd staan we bij de bushalte als deze al aan komt rijden. Een vriendelijk chauffeur wil best een praatje maken en zo gaan we op weg. Als we net aan zitten vraagt de chauffeur hoe oud ik eigenlijk ben en of we veel met het openbaar vervoer reizen. Ik geef aan 65+ te zijn, waarop hij aangeeft dat het dan goedkoper is om een 65+kaartje te kopen in de bus. Dat scheelt zomaar €0,80 op de rit. Maar dat niet alleen, als ik van Wapenveld naar Apeldoorn wil met de bus dan scheelt me dat ruim €4,00. Dat is meedenken met de klant. Al vind ik het vreemd dat dit niet automatisch gebeurt. Op mijn OV-chipkaart staat immers ook mijn geboortedatum dan zou dat toch direct kunnen worden verrekend. Of is dat stom?

Wanneer we in Zwolle zijn gaat de zon schijnen en is er van regen geen sprake meer. Het wordt een film- en winkelmiddag. Via de personeelsvereniging van mijn werkgever ben ik goedkoop aan bioscoopkaartjes gekomen, die echter vandaag verlopen. We zien de film Everything, everything. Daarna zwalken we wat door de stad en kopen er een lange broek bij voor de vergeetachtigste. Later op de middag stappen we voor de deur weer uit.

Omdat het weer prachtig opknapt worden er voor de volgende dag drie verschillende knooppuntroutes uitgezet. Heerlijk aan het T-shirt langs de IJssel, door kleine dorpjes, bossen en paden, genietend van de natuur. We maken de kilometers en wie denkt dat je niet hoeft te fietsen op een e-bike heeft het goed mis. Als je niet fietst lazer je om, natuurlijk je doet het wat gemakkelijker, maar ‘so what’.

‘s Avonds koelt het harder af dan voorzien. De trui komt tevoorschijn. In het huisje heeft men de deurtjes van de open haard met tyraps aan elkaar gemaakt. De houtstapel meenemen die we eerder in het bos tegenkwamen heeft dus geen zin.

Voor de donderdag staat er een flinke rit op het menu. Ook nu wijzen knooppunten ons de weg, tenminste als er geen bordjes zijn weggehaald, want dan rijd je weleens verkeerd. Maar het blijft kilometers maken. Die dag komen er 75 km op de teller. Prachtige stiltegebieden, vergezichten en tweemaal de IJssel over met een pontje. Een pontjesbaas van 72 jaar heeft het er nog prima naar de zin. Hij zit niet om een praatje verlegen. “Vrijwilligerswerk?” vraag ik hem. “Welnee man, daar gaat ontzettend veel aan kapot. Het is verdomde makkelijk om overal vrijwilligers op te zetten” De man geeft aan gewoon in loondienst te zijn voor één dag in de week.

‘s Avonds probeert Advocaat met zijn mannen om er een leuke avond van te maken. Maar de Fransen spelen het Nederlands elf-/tiental volledig van de mat. Daar krijg je het ook al niet warm van.

Overigens, terwijl ik deze blog tik is het een komen en gaan van vogeltjes op het terras. De eigenaren van ‘ons’ huisje hebben een pot pindakaas opgehangen en daar komen mussen, merels, kool- en pimpelmezen, een bonte specht, roodborstjes en een Vlaamse gaai op af. Gezellig dat gekwetter. Alleen toen er van de week ‘s morgens één jong pimpelmeesje voor een bakkie ineens de huiskamer in kwam vliegen was dat even niet leuk. Hij probeerde door het glas heen te vliegen. Uiteindelijk ging hij de voordeur weer uit.

Zaterdag is de rommelmarkt van Hattem. Een begrip. Tussen de 400 en 450 kramen en kleedjes door heel Hattem heen. Om vier uur ‘s morgens is het er al druk. Hattem gaat vanavond vast vroeg naar bed. Ook ons wekkertje liep vroeg af. Snel eten en op weg. We hadden wel afgesproken niet te veel mee terug te nemen. Dat werd het ook. Op de terugweg komen we plots terecht bij het Wereldkampioenschap zeismaaien. Een speaker doet in dialect zijn verhaal. Het is opletten wat hij zegt. De vervoeging van werkwoorden is het meest kenmerkend. De é in vervoegingen vergeet de man gemakshalve. Het wordt maai’n, werk’n, maar ook kiek’n. Leuk om te horen. Millimeter voor millimeter worden door de jury geïnspecteerd. Is de wortel van het gras niet meegenomen? Het gaat er serieus aan toe, De uiteindelijke wereldkampioen verlaat het parcours met de zilveren zeis.

Op zondag is het wederom redelijk tot goed weer. Het valt al met al reuze mee deze vakantie. Hebben we dan afgerekend met het VanMeursvakantieweer? Ik hoop het. Dit keer kies ik voor een mooie rit langs de IJssel. Door Zalk, ja, van Klazien, langs weilanden, eindeloos lange geasfalteerde wegen, waar je geen hond tegenkomt. In de zon is het lekker, ga je de schaduw in dan is het tijd voor een jack. We komen bekende plekken tegen, waar we drie jaar geleden ook reden. Zit iedereen in de kerk? Het is er zo stil. Als we op een gegeven moment met een flinke vaart naar beneden gaan, zijn we bijna thuis, weten we. Nog even voor wat boodschappen Wapenveld in. Dat blijkt een tegenvaller, is bij ons zelfs de Appie open, hier is alles gesloten, zelfs de friettent. Uiteindelijk wordt het Hattem waar de avondmaaltijd wordt genuttigd.

We sluiten de week af met een kilometerstand van 283,32. Niet gek en daarbij heerlijk ontspannend gepeddeld. Een fantastische week op de Veluwe en deels in Overijssel.

’s Avonds wederom een wedstrijd van de Nederlandse leeuwen. Niet echt een spektakel, wel gewonnen maar zijn we dichter bij het WK gekomen? Nee, zeker niet eerder verder weg.

Het was weer goed toeven in hetleukstevakantiehuis.nl. Nog een dag dan is het over en gaat het ‘dagelijks’ leven weer starten. Nog 25 netto werkdagen dan begint het nieuwe leven.