390. Na 25-jaar weer verenigd

Fletcher opent een nieuw hotel. Althans ‘nieuw’, ze nemen een hotel over van de Golden Tulip keten in Weert. We krijgen er als klant een e-mail over. Een aanbieding voor €89,00 pp voor drie dagen, twee nachten, een drie-sterrenwelkomsdiner en tweemaal ontbijt. Een aanbieding die je niet kan laten liggen, vinden we. We boeken.

Maar wat wil het geval, in Weert woont een oud penvriendin van mijn lief. Op de MAVO krijgen de leerlingen een opdracht om te corresponderen met iemand in het buitenland. Ze vindt er verschillende, in Japan, haar nicht in Canada maar ook een meisje in Roemenië. Jaren corresponderen ze met elkaar. De situatie in haar thuisland is niet rooskleurig, zeg maar dieptriest. Er wordt weinig over geschreven. Soms komen brieven geopend en later weer dichtgeplakt aan. Nicolae Ceauşescu is er de dictator. Een land dat ver achterop ligt met Nederland.

Wanneer we zijn getrouwd, besluiten we begin ‘80-er jaren om haar op te zoeken. Wij vliegen naar de kust, zij komt met de trein die kant op. Vanuit het binnenland van Roemenië naar de kustplaats is zo’n 600 km. Er is geen zitplaats. Staande komt ze onze richting uit. Een emotionele ontmoeting vindt plaats. We trekken met elkaar op. Er is angst in het land, praten met buitenlanders is strafbaar. Er heerst corruptie. Rappe Roemenen proberen Roemeense lei te wisselen met toeristen vanuit de hele wereld. Twee Finse meisjes zijn geflest bij zo’n wisseltruc. Waar ze hun Finse marken wisselen, krijgen ze een rolletje geld overhandigd waarvan het meeste krantenpapier is. Ook ikzelf probeer het omdat ik geen Roemeens geld meer heb. Bij mij pakt het wel goed uit. Wanneer ik echter hoor wat men met Westers geld doet, pas ik ervoor en wissel alleen bij de gids. Men koopt luxe artikelen met buitenlandse valuta en proberen die artikelen, als wasmachines, tv’s met woekerprijzen te slijten aan de arme Roemeen.

Bij het afscheid laten we veel kleding achter. Mooie herinneringen nemen we er voor in de plaats mee terug in de koffer.

De correspondentie blijft. Ze wil graag naar het Westen komen. Maar hoe? Wij kunnen haar daar niet mee helpen, tot ze op een gegeven moment een vrijgezelle Nederlander aan de haak slaat. Eind 1984 trouwen ze en komt ze naar Nederland. Ze gaat wonen in Weert. Voor ons niet naast de deur, al ondernamen we wel de reis naar Roemenië.

We gaan op vakantie naar een locatie in Limburg. Onze boys lopen nog in korte broek. Bij het Weertse echtpaar loopt inmiddels een klein meisje rond. We gaan op bezoek. Een hartelijk ontvangst valt ons ten deel. Daarna valt het stil, heel lang stil.

Facebook ontstaat en dan ga je zoeken en warempel, we vinden ze terug. Maar nog steeds is er geen bezoek. Totdat Fletcher met de aanbieding komt.

Vandaag na ruim 25 jaar hebben we opnieuw contact. Na goed anderhalf uur sturen, rijden we Weert binnen. Nog even zoeken en dan staan we voor haar deur.

Hoe gek na zo lang, wel Facebook contact, maar geen fysiek contact om elkaar weer te zien. Hoe hartelijk zijn we welkom. Hoe gezellig delen we ons leven. Alsof we elkaar nooit uit het oog zijn verloren.

We krijgen een rondleiding door Weert, wandelen door de winkelstraatjes en belanden op een terras, weliswaar binnen, ondanks het mooie weer, maar toch. Even later schuift haar man ook aan die nog even met dochterlief is weggeweest. Weer wat later komt ook de dochter met vriend en drinken we een drankje. Het is als vanouds. Zo bracht de folder van Fletcher ons na 25 jaar weer samen.