409. Sinterklaas 2019

Het begon al vroeg dit jaar bij het hoogheemraadschap, mijn vorige werkgever, waar ik wederom mocht komen als Sinterklaas. Dit jaar voor de 14e keer. Men zocht het dit jaar bij de boer. Hoeve Ackerdijk was de locatie. In de stal stonden de tafels gereed waar een kleurplaat kon worden gemaakt. Buiten is een speurtocht uitgezet. Het is koud die dag. Ik kan mijn auto nog dicht bij de boerderij kwijt, gasten moeten hun auto langs de laan in het weiland zetten, met het risico dat ze er niet meer uitkomen.

Ik loop er in ‘burger’ rond. Personeel vraagt op slinkse wijze, terwijl hun zoon of dochter in de buurt is, of ik eh….. ik knik alleen. Pieten, roetveeg en traditioneel zwart wandelen over het terrein. Het is tijd om mezelf om te toveren. Het is altijd weer even spannend, zo’n eerste keer. Midden in de verkleedpartij komt de directeur bij me binnen. “Wat ga jij zeggen, Aad”, vraagt hij. “Afhankelijk van wat jij gaat zeggen”, antwoord ik hem. Ik laat me niet uit de tent lokken, maar bereid het ook eigenlijk niet voor.

Om even over half vier krijg ik een seintje, ik word verwacht. Wandelend door de bagger ga ik richting stal. In mijn ene hand de staf in mijn andere mijn witte albe hoog houdend. In de verte staat een meisje van een jaar of vijf op me te wachten. Ze rent op mij af en klemt me tussen haar handjes. “Sinterklaas, Sinterklaas”, roept ze terwijl ik even geen kant op kan. Wanneer ik ‘los’ ben wandel ik de stal in. Op de stoel zit, zoals gebruikelijk, ondeugende Piet. Onder de stoel ligt een poes te slapen. De directeur doet zijn verhaal en is blij dat er zoveel ouders aanwezig zijn. Hij vertelt dat er een nieuwe CAO is vastgesteld , ik probeer er op in te haken. Dan gaan we over tot het uitreiken van de cadeautjes, altijd het hoogtepunt. Het gaat er soms hectisch aan toe. Kinderen verdringen zich rond de Sint. Als elk kind een cadeautje heeft tellen we af. Van 10 naar 1 dan mag het pakje open. Blije gezichtjes. Kindjes die komen bedanken en een kindje dat komt vertellen dat ze zulke kouwe handjes heeft. Ik pak haar handjes vast en warm ze op in mijn handschoenen. Vader maakt er een mooie foto van. Terwijl er nog wat foto’s met de Sint worden gemaakt zie ik de ouders al vertrekken. Zij hebben mogelijk net zulke koude voeten als ik heb. Ik hoef nog net aan niet het licht uit te doen omdat ik als laatste vertrek, maar het scheelt weinig. Het eerste optreden zit er weer op. Nog even nakaarten en dan ga ik naar huis.

Een week later ga ik wederom in ’t pak. Dit keer bij de Zonnebloem Schipluiden. Het is altijd bijzonder om je te gaan verkleden op een locatie in een pastorie. Alsof ik dan eindelijk als bisschop op mijn plek ben. Wanneer ik aankom zijn mijn Pieten zich al aan ’t voorbereiden. Bijzondere Pieten met een leeftijd van boven de 70 jaar. Ouder dit keer dan de eigenlijke leeftijd van de Sint zelf. Op hun gezicht zie ik witte vlekken, niet omdat het roetveegpieten zijn, maar omdat het thema van het Sinterklaas staat in het teken van de boerderij. Het zijn dus koevlekpieten. Wanneer ik me heb verkleed begeef ik me door de kerk heen naar de zaal waar onze gasten al met spanning wachten op mijn komst. In de hal van de zaal word ik verwelkomd door een groep kleutertjes. Kleine mensjes die een muts op hebben met hun naam er op. Dat is handig. Ik loop door de groep heen en word verwelkomd door de voorzitter van de Zonnebloem, krijg een stoel aangewezen en settle me.

De kinderen van de St.Jozefschool hebben een dansje ingestudeerd en willen die graag aan Sinterklaas laten zien. Daardoor staan ze wel met hun rug naar het publiek. De oplossing is om het daarna nogmaals te doen maar dan rondom Sinterklaas met het gezicht naar het publiek. Een klein mannetje vraagt of hij bij Sinterklaas op schoot mag. Als goedheilig man voldoe je aan de vraag. Ik trek hem op mijn schoot. Nu blijkt dat de mutsjes van de kinderen zijn gemaakt van karton en crêpepapier. Een rood mutsje komt te liggen tussen de billen van het kindje en mijn witte albe. Wanneer er foto’s worden gemaakt voel ik dat het warm wordt op mijn schoot. Het kind straalt warmte uit, is mijn mening. Wanneer hij echter van de schoot af is, blijkt hij, waarschijnlijk van de spanning, zijn plasje te hebben gedaan in de schoot van Sinterklaas. Oei. De oudere mensen wijzen mij op de rood/gele vlekken op mijn witte albe. Ik kan er nu echter niets meer aan doen. Door mijn hoofd schiet direct: ‘Maar wat moet ik vanmiddag?’ Die middag heb ik namelijk nog twee optredens staan.

Ik wandel terug naar de plek waar ik me eerder heb aangekleed. Daar aangekomen laat ik aan de administratrice van de kerk zien wat er is gebeurd. “Dat zijn crêpepapiervlekken, Aad, die krijg je er nooit meer uit.” Daar schrik ik van. Zover had ik me niet gerealiseerd. Even ben ik van de wereld weggeslagen. “Zal ik kijken of we nog een oude albe hebben hangen op de zolder?”, vraagt ze. Dat lijkt me een goed idee. Ze komt met een oude albe aanlopen, waar wat gaatjes in zitten en hier en daar een roestvlekje. Die zullen ze niet meer gebruiken, denk ik, dat blijkt later anders. Gelukkig zitten de meeste oneffenheden op de rug, die zijn niet zichtbaar. Ik ben in ieder geval voor die middag gered.

’s Middags worden er twee bezoeken gebracht aan de Bibliotheek. Tegenwoordig De Plataan hetend. Een in Den Hoorn en die in Maassluis. We moeten het dit keer doen met roetveegpieten is gevraagd. Met twee zeer ervaren Pieten gaan we op pad. In Den Hoorn treffen we zo’n zeventig kinderen aan en veel ouders. Ze zitten bijna op mijn lip en verdringen zich om bij me in de buurt te komen. Vlak voor me staat een van mijn voorleeskinderen. Hij staart mij aan maar zegt niks. Ook bij hem thuis niet. Hij heeft mij niet herkend.

Er worden veel vragen gesteld aan Sinterklaas. Hoe oud hij is en hoeveel Pieten hij heeft. Maar ook hoe het zit met Americo en Ozosnel. En of Ozosnel ook over de daken kan lopen. Waarom Malle Pietje van die gekke cadeautjes in de schoen gooit. Vragen die ik zowel in Den Hoorn als Maassluis tegen kom. In Den Hoorn word ik netjes ontvangen door een mevrouw die ook als Piet meedoet in de optocht van Delft. Daar speelt ze omaPiet. In Maassluis krijg ik direct een microfoon in mijn handen gedrukt. Hier heeft men bankjes neergezet. Zo heb ik wat meer overzicht. Ook hier mag de foto met Sinterklaas en zijn Pieten niet ontbreken. Twee leuke optredens niet alleen voor ons maar ook voor de bibliotheek kennelijk want een dag later boeken ze alvast voor 2020.

Er zijn even wat vrije dagen. Dan mag ik op zondag schoentjes uitdelen bij Albert Heijn in Schipluiden. Altijd een feestje, niet alleen voor de kinderen maar ook voor mij. Met veel kinderen worden foto’s gemaakt. Bij Albert Heijn kan men kruidnootjes bakken. Leuk. Kinderen die hun schoen niet hebben gezet krijgen toch hun lekkers. Albert Heijn Buckers zorgt dat er genoeg uit te delen is. In de winkel lopen ook Pieten, buiten die we zelf meenemen. De twee meiden die dit keer met me meegaan zijn door de wol geverfd. Ze voelen mij aan en doen prima mee. Mensen die hun boodschappen komen doen spreek ik aan. Soms kijken ze me verbijsterend aan. “Wie ben je?” vragen ze dan. “Sinterklaas”, geef ik als antwoord. Het is vragen naar de bekende weg. Na een dik uur is het tijd om te vertrekken en op pad te gaan voor gezinsbezoeken.

Wandelend door Schipluiden, gaan we naar ons eerste adres. Een adres waar ik inmiddels bijna mijn eigen stoel heb. Ik kom er voor de zevende keer nu, heb ik berekend. Na het gesprek met de kids, schiet ik over naar opa en oma. Dan wordt het emotioneel. Er is ziekte en zeer in de familie en dan moet je het grappige even later varen, op de serieuze toer gaan en bemoedigende woorden uitspreken. Ik heb het er even moeilijk mee. Het wordt gewaardeerd, merk ik. Dan op naar het volgende adres. Hele kleine kinderen, waar het gesprek volledig bij Sint vandaan moet komen. Bang als ze zijn om bij Sinterklaas te komen, zijn ze in afwachting van het moment dat ik de deur weer achter me dichttrek. Vervolgens naar het volgende adres. We zijn wat aan de vroege kant en zien de boekster nog op de fiets op weg naar haar ouders. Er wordt besloten om even voorbij te rijden en verderop te wachten. Tot tweemaal toe zien we een Sinterklaasauto voorbij rijden. Het is druk vandaag voor de Sint.

We gaan op weg naar boekingnr. drie. Alleen maar ongelovigen. Maar dat is ook leuk. Het is cabaret met een hoog lach gehalte. Opa en oma die te grazen worden genomen, maar ook volwassen jongens en meisjes krijgen een beurt. Een geweldig leuk gebeuren. Dan naar een adres in Den Hoorn. Een oud-collega met zijn gezin. Hier hebben de kinderen de meeste aandacht. Ik kan er heerlijk mee in gesprek. Na 25 minuten gaan we naar het volgende bezoek in Rijswijk. Opa heeft een apart cadeautje gekocht voor zijn kinderen en vraagt om er wat aandacht aan te besteden. De kleinkinderen krijgen één gezamenlijk cadeau. Een treinbaan met alles erop en eraan. Wederom een leuk bezoek. Het oudste kind speelt een muziekstukje op zijn trompet voor de Sint. Dan is het voorbij. De tweede druk dag.

De albe met crêpepapier vlekken gaat voor de vierde keer in de was. Nu wordt deze ingesmeerd en geboend met dikke bleek. Er komt een ruwe borstel aan te pas. Wanneer het deurtje open gaat zijn de rode vlekken eruit. Pffff, gelukkig weer lekker in mijn eigen kleding. Daar voel ik me toch het lekkerste in.

Ik breng de albe terug die ik heb geleend van de kerk. Keurig gewassen en gestreken, d.w.z. de albe met uitzondering van het kant aan onderkant en mouwen. Ik heb zelfs geprobeerd om de roestvlekjes weg te krijgen. Het kant is een teer goedje dat al wat jaren meegaat. Ik weet niet of het de strijkbout overleeft. Die middag krijg ik vanuit de commissie van beheer een stekelig gedichtje toegestuurd. Ik had het kant moeten strijken. Nu doen ze het zelf wel en verwachten van mij een hogere kerkbalansbijdrage. Beetje flauw, vind ik.

Op 5 december mag ik opnieuw aan de bak. Bij o.a. een familie waar ik inmiddels kind aan huis ben. Ik doe er nog een aantal. Op 4 december komt er nog een berichtje binnen op mijn Messenger. ‘We hadden jou heel graag geboekt, maar waren te laat. Zou je kunnen bellen morgen dat je het te druk hebt en daardoor niet kunt komen.’ Ik besluiten even te FaceTimen. Gespannen zitten de kinderen achter het scherm. Dan gaan we op pad. Waar ik in het verleden behoorlijk uit kon lopen, ga ik nu lekker in de pas. Iedereen uit het grote boek krijgt aandacht. Ook die mevrouw ‘die op dezelfde dag als Sinterklaas jarig is’. Ik heb haar even opgezocht op social media en weet dus precies om wie het gaat als ik haar aanwijs als de jarige. Ze schrikt ervan, maar dat is social media. Je kunt bijna alles vinden. Bij één van de laatste bezoeken krijg Sint ook een cadeautje, een Tony Chocolonely reep met een gedicht. Na een lange middag rijden we in het donker terug naar de verkleedschuur. Onze Pieten die zonder Sint op pad zijn gegaan, zijn bij de snackbar langs geweest. We eten even uit het vuistje. Sinterklaas 2019 is weer voorbij.

2019 was niet echt een druk jaar. Is het de recessie, is het de discussie die nu weer een paar jaar bezig is? Ik heb geen idee.

Ga je volgend jaar nog verder, wordt me vaak gevraagd. Ik bekijk het per jaar. Het blijft leuk. Volgend jaar beraad ik me weer. Ik gooi mijn Sintattributen in ieder geval niet weg.