287. Klus op de MUSbus

Het is een koude dinsdagmorgen als ik mijn vrijwilligersbaantje op mag pakken. Het heeft gevroren, het eerste laagje ijs ligt op de ijsbaan aan de Holierhoek. Net nog niet genoeg om er een baantje te trekken. Als vrijwilliger van de MiddenDelflandse Uitgaans Shuttle (de MUS) heb ik vandaag dienst. Ik fiets nog even langs een andere vrijwilliger om met hem samen uit te vinden hoe we de rolstoel en rollator achterop het voertuig kunnen meenemen. Inventief als we zijn kunnen we door een spanband, elastieke spinnen en de houder die achterop zit zo’n hulpmiddel wel meenemen. Nu is het krabbelen, want ook ons voertuig heeft volop in het koude windje gestaan. Niet alleen buiten, maar ook binnen heeft een ijslaag bezitgenomen van de ramen. Na wat krabben kunnen we ‘het land’ in. Bij Akkerleven nemen we wat folders mee naar onze volgende stoplocatie: De Dorpshoeve. Hier is het dinsdagse koffie-uurtje aan de gang. Mogelijk zijn er kandidaten die we warm kunnen maken om een keertje mee te rijden. De folders gaan van hand tot hand. Enkele ogenblikken later zijn we er alweer doorheen.

Dan op naar het gemeentehuis, een van de verkooppunten voor een rittenkaartje. Ook hier arresteren we de folders die er liggen. Het vervoersproject moet meer gepromoot worden en daar hebben we foldermateriaal voor nodig. Omdat er die ochtend geen ritten meer zijn kan ik naar huis.

Als ik net thuis ben een belletje van de coördinator “Kan je even drie ambtenaren ophalen, zij willen kennismaken met het project.” Ik ga opnieuw naar Akkerleven, waar de MUS staat en tuf naar het gemeentehuis. Inmiddels is er opnieuw een ritje aangevraagd. Iemand uit Den Hoorn wil op visite bij haar schoonzus in Schipluiden. Bij het gemeentehuis haal ik de ambtenaren op en laat hen het dorp zien vanuit de Mus. Wanneer ik de gemeenteambtenaren naar hun werkplek heb teruggebracht rijd ik door naar Den Hoon. Ik ken mevrouw en zij kent mij. “Sinterklaas, verteller, schrijver en ook nog chauffeur”, zegt ze. “Ja ik kan niet stil zitten”, geef ik haar te kennen. Mevrouw vindt het een ideale mogelijkheid om zo naar haar schoonzus te gaan. Als ik met het openbaar vervoer moet gaan dan ben ik bekaf en dat haal ik eigenlijk niet meer. “Mevrouw we halen u bij u thuis op en zetten u voor de deur af”, zeg ik haar. “Ik vind het een prachtig initiatief”, zegt ze. Gezellig kletsend rijden we over het fietspad richting Schipluiden. Ik zet haar af bij Korpershoek en spreek met haar af om haar twee uur later weer op te halen. Nu neem ik de MUS mee naar huis, anders blijf ik heen en weer fietsen. Onderweg word ik nagekeken. Mensen steken hun hand op of duim omhoog.

Twee uur later haal ik mevrouw weer op en breng haar weer netjes thuis. Ik rijd terug naar Akkerleven, zet het voertuig weer netjes aan de stroom, stop de telefoon en papieren terug in het kluisje bij Akkerleven. Het is 17:00uur mijn dag zit erop. Morgen een ander.

Het vervoersproject is opgezet door de Gemeente Midden-Delfland, DoEL, Stichting Welzijn Midden-Delfland en Pieter van Foreest. De Mus rijdt op de doordeweekse dagen van 09:00uur en 17:00uur. Voorlopig rijden we in de kern Schipluiden en Den Hoorn en verbinden we de dorpen. Daarnaast rijden we ook naar het Reinier de Graafgasthuis en zwembad Kerkpolder. Wilt u een ritje boeken, bel dan 0620778370 of boek via e-mail Mus@ggz-Delfland.nl. Kaartjes zijn te koop bij: De Was & Koffie in de Kickerthoek, het klantcontactcentrum van de Gemeente Midden-Delfland, of bij de receptie van Akkerleven. Verdere informatie kunt u vinden op de site van de Gemeente Midden-Delfland.

282. Mijn Mus vliegt niet

Na een langdurig werkzaam leven is er op 20 december jl. een einde gekomen aan betaald werken. Dat betekent dat je vanaf die dag zelf je zinnen moet gaan verzetten en op een andere manier je dagen invullen en -delen. Dat valt om de dooie-dood nog niet mee, moet ik zeggen.

Waar je een ritme hebt van vroeg opstaan en het leven een zinvolle dagindeling geven, kom je na 49,5 jaar gewerkt te hebben, thuis te zitten. Daar is overigens niks mee mis. Maar wat je mist zijn de sociale contacten. Mensen om je heen en in de buurt waar je een praatje mee kan maken, een bakkie koffie mee kan drinken en de ‘wereld’problemen mee kan oplossen.

Vrouwlief werkt nog, dus het is koffiedrinken in je eentje, of het vertier buitenshuis zoeken. Nu heb ik deelgenomen aan de cursus afscheid van arbeid en daar wordt nadrukkelijk op het hart gedrukt om een maand of vier tot een half jaar geen verplichtingen aan te gaan. Maar als je een gezelligheidsdier bent dan valt dat niet mee.

Zo ben ik me een beetje gaan verdiepen in wat er voor mogelijkheden zijn. Buiten het feit dat ik door verschillende organisaties ben benaderd om bij hen de kar te trekken, of ondersteuning te geven. (Ik kreeg zelfs twee dagen na mijn pensioen al een betaalde baan aangeboden) Maar wat ik in de cursus heb geleerd is rust nemen en zelf beslissingen nemen in leuke dingen. Dat heb ik gedaan.

Kort geleden is er een nieuw vervoersproject opgestart, genaamd de Mus. De Mus is ontstaan uit een samenwerking tussen de gemeente Midden-Delfland, DOEL, Pieter van Foreest en Stichting Welzijn Midden-Delfland. Ik kreeg de folder via via binnen en besloot er informatie naar in te winnen.

Via de stichting DOEL wordt e.e.a. gecoördineerd en zo ging ik op een koude maar droge maandagmorgen op het fietsje richting het GGZ in Delft. Ik ben bekend op het terrein, dacht ik. Met mijn broers en vader heb ik er 23 jaar muziek gemaakt in de fanfare Kunst Na Arbeid. De oude paviljoens zaten gegrift in mijn geheugen. Maar het oude St.JorisGasthuisterrein heeft een complete metamorfose ondergaan. En zo verdwaalde ik bijna op bekend terrein.

Na wat navragen stond ik plots voor het gebouw van DOEL. DOEL is een organisatie die aan mensen met een bijstandsuitkering die wat meer ondersteuning nodig hebben dan de reguliere re-integratiebureau kunnen bieden, een helpende hand toe steken. DOEL begeleidt cliënten op verwijzing van de consulenten Werk van de gemeente. De trajectbegeleiders brengen in kaart op welke levensgebieden de cliënt stappen kan maken op de participatieladder. Vervolgens wordt een trajectplan opgesteld en wordt de cliënt gestimuleerd om zelfstandig aan de slag te gaan met de afspraken die gemaakt zijn.

Nu wil/kan ik mijzelf niet echt plaatsen in deze doelgroep maar het initiatief dat men ondersteunt spreekt mij zeker aan. Zo kwam ik op sollicitatie-/kennismakingsgesprek bij de coördinator van de Mus. Het was maar kort. Slechts een kwartiertje en men was er van overtuigd dat ik de kwaliteiten heb om e.e.a. op te pakken.

Twee dagen later al is mijn eerste kennismaking met het voertuig zelf. Aan een kabeltje staat het karretje op te warmen aan een stopcontact. Ik zeg op te warmen, maar dat is het eigenlijk niet. Er zit namelijk geen verwarming in het karretje. Achterin liggen fleecedekens. Met nog een andere nieuwe chauffeur worden we wegwijs gemaakt hoe het apparaat werkt. Eigenlijk kinderlijk eenvoudig, maar toch. We zoeken wat koffiemomenten op en rijden dan vanuit Akkerleven, het verzorgingshuis in Schipluiden, naar Den Hoorn, De Kickerthoek. Onderweg hebben we bekijks, veel bekijks. In Den Hoorn is een activiteit van ouderen. Opperstalspreekmeester Peet Vermeulen maakt van de gelegenheid gebruik om het vervoersproject nog even te promoten. Na de koffie en het heerlijke koekje aanvaarden we de rit terug. De eerste kennismaking zit erop als ik het voertuig achteruit kan inparkeren en terugzet bij Akkerleven.

Een ervaring rijker en een leuk doel van de dag heeft zijn beloop gekregen. Op dinsdag is het mijn beurt. Wilt u een rit boeken, dan kunt u reserveren. Kijk even op de site van de Mus. Wie weet komen we elkaar een keer tegen en doen tijdens de rit een gezellig praatje.