301. Solextour met neven en nichten

Het trouwseizoen is weer begonnen, dat betekent speeches schrijven, bezoeken afleggen, informatie inwinnen en de huwelijksbevestiging doen. Maar wat ook weer begonnen is, is het solextouren. Op een zonnige zaterdag in april mag ik mijn eerste rit weer maken en is het solextourgebeuren 2018 gestart.

Via een beschikbaarheidssysteem kan je aangeven wanneer je beschikbaar bent om een rit te maken. Bij de Tuinderij maken ze dan de planning. En zo mocht ik op 7 april bij mijn eerste solextour weer voor op de club uitrijden. Deze keer neven en nichten van een familie. De organisatoren van het familie-uitje komen uit De Lier en dan is het maken van een leuke dag niet moeilijk. Je gaat naar de Tuinderij en daar vullen ze de dag voor je in. Omdat de rest van de familie van ver komt is het dit keer voor de Lierenaren een thuiswedstrijd.

Ik ben met mijn bezemwagenpiloot nog druk aan het overleggen als we het sein krijgen dat de groep reeds welkom is geheten. “Ze staan op de Wurft”, zegt de medewerker die het welkom verzorgde. De ‘Wurft’ is een Westlandse benaming voor ‘het erf’. Zo vindt je meerdere benamingen bij de Tuinderij die of vanuit de Westlandse tuinbouw of uit het Westlands streekdialect komen.

Langzaamaan komt men aangewandeld. De leren jassen moeten worden opgezocht een helm of ander hoofddeksel komt uit het rek en dan kan men naar de uitleg over wat de solex voor een voertuig is. Nog even de jas, portemonnee, telefoon en trui in een kist die wordt afgesloten en dan naar buiten. Daar staan ze negentien neven en nichten, 30ers, 35ers, 40ers. Stoere mannen en vrouwen. De laatste zijn ook niet op hun mondje gevallen en doen vol mee in de conversaties. Al snel heb ik door dat het gezelschap niet van hier is. Ik hoor een zachte G, maar ook andere dialecten. Ik doe er navraag naar. “Oma en Opa kwamen uit Reuzel bij de Belgische grens”, zegt één van de dames. Een dochter is in het Westland terecht gekomen.

Ze besluiten zo’n vijf jaar geleden om een neven- en nichten dag in te stellen. Na een dramatische gebeurtenis besluiten ze het leven leuk op te pakken en de contacten aan te halen. “We willen met elkaar leuke dingen doen, anders zie je elkaar slechts bij begrafenissen.” En zo komen ze vandaag in De Lier terecht en mag ik ze op sleeptouw nemen.

Na uitleg over hoe de solex werkt, wordt het sein gegeven om een oefenrondje te rijden. Een voor een lopen ze het terrein af. Een dame krijgt haar solex niet aangeduwd. Heeft de haak er al afgehaald en heeft niet opgelet. Dat wordt nog een keertje uitleggen. Dan kan de ronde worden gemaakt. Na twee rondjes proef gaan we op pad.

Men heeft gekozen om een eigen picknick te organiseren ergens in de tour. Op het schema neem ik de tijd in de gedachte dat ik er moet aankomen. Dan even schakelen om ook op die tijd op de plaats van bestemming te zijn. Onderweg heb ik het al helemaal in mijn hoofd zitten. Daar gaan we, er wordt gekletst onderweg. Ik rijd alleen aan de kop. Men heeft kennelijk geluisterd dat ik voorop ga rijden en ook als eerste weer op het terrein bij de Tuinderij wil aankomen. Ik maak dat vaak anders mee. Mannen met bravoure die mij voorbij sjezen en op de kop gaan rijden. Ik laat het meestal toe totdat ik het zat ben. Nu komt een mannelijke solexer netjes vragen of hij al even door mag, hij wil de groep op film vastleggen.

We rijden door Schipluiden achter het gemeentehuis om naar de Zuidkade. Ik neem de oude bouwweg en vervolg de rit richting Maasland. Onderweg is mijn klokje de leidraad. Als ik sneller bij de stopplaats dreig te komen dan afgesproken plak ik er nog een ommetje aan vast. Vanuit de bezemwagen komt de vraag waar we heen gaan en hoe het met de tijd zit. Precies op tijd komen we aan bij de parkeerplaats van het Kraaiennest. Daar staat de tafel vol met dozen gebak, koffie, thee en water. “Mijn ketting is er afgelopen”, zegt een van de deelnemers. Dat maakt met een solex niet echt uit tenzij je tegen een hoogje op moet. Dan kan je niet bijfietsen. Samen met mijn hekkensluiter fixen we het probleem. De handen worden schoongeveegd aan het mos naast een boom. Mijn nagels zijn zwart van het vet en geven een ‘rouwrand’, zoals mijn moeder dat zou zeggen.

Als we klaar zijn met de ketting staat er ook voor ons gebak met een kopje koffie. “Echt Belgisch gebak, hé”, zegt een van de deelnemers. We laten het ons goed smaken. Na een kwartiertje is het tijd om opnieuw op te stappen en onze weg te vervolgen. Ik dreig in tijdnood te komen, omdat de route die ik in gedachte heb even meer tijd kost dan het tijdstip dat we bij de volgende stop moeten zijn. Ik besluit iets meer gas te geven, maar wel steeds in de gaten houdend waar de laatste rijdt.

Vlak nadat we weer zijn opgestapt denkt een van de deelnemers dat hij moet gaan schansspringen met zijn solex. Hij rijdt met zijn voertuig het grastalud op en komt harder weer naar beneden. Levensgevaarlijk, want met een greppel in het talud, klap je zomaar over je stuur en maak je na een dubbele flikflak een lelijke landing. Ik probeer hem te waarschuwen, tegen beter weten in, want even later doet hij het nogmaals. Het loopt gelukkig goed af.

Dan komt er een jonge vrouwelijke deelnemer naast mij rijden. Ze vraagt me honderd uit en dan ben je bij mij aan het goede adres. Ik praat wel. Ik leg haar uit wat we onderweg zien. Ze is heel belangstellend. Ze blijkt mijn zoon René te kennen als cabaretier. Zo denderen we door ’t Woudt richting Bonte Haas. We slaan af en rijden langs de veilingroute richting de Zeven Gaten van van Linge. Hier schieten we een fietspad in richting De Lier.

Onze volgende stop is De Witte in De Lier. We zijn er vijf minuten te laat. Dat is weinig op een mensenleven en ik neem het voor lief. “Prima op tijd”, zegt het meisje van de bediening, “jullie kunnen mooi aan de wegkant gaan zitten”.

Nu komt er een biertje, wijntje of frisje op tafel. Men zoekt elkaar op en er wordt druk gesproken. Wat een leuk gezelschap en wat hebben ze het goed voor elkaar. “Moet je weten, dat er nog acht niet zijn”, zegt de vrouw die de organisatie op zich heeft genomen.

Na een kwartiertje geeft mijn bezemwagenberijder het sein dat we vijf minuten later zullen vertrekken. Ik neem nogmaals het woord en vraag aan het gezelschap om zich alstublieft aan de regels te willen houden. Uit eigen veiligheid, maar ook omdat we graag met heel materiaal thuis willen komen.

Als we net op weg zijn komen de onderlinge gesprekken wederom op gang. Dan let een van de dames even niet op en rijdt vol de graskant in. Ze kan haar solex net aan rijdend houden, maar het had zomaar goed mis kunnen gaan. Opletten blijft belangrijk.

Exact op tijd kunnen we de solexen weer netjes het magazijn van de Tuinderij in rijden. Nog even een groepsfotootje en dan is het voorbij. Men heeft het naar de zin gehad en de handen gaan de lucht in.

De jassen gaan terug op de kapstok, de helm in het rek. Op naar de Breedkapper (ook een tuinbouwterm). Aan twee mensen wordt het officiële solexdiploma uitgereikt. Zij zijn met lof geslaagd. De overige krijgen de mededeling dat ze het nogmaals over kunnen doen, want de Tuinderij is zeven dagen per week open. Nadat het begeleidingsteam door een van de geslaagde is bedankt, zit onze taak er op. Het gezelschap gaat naar het eten toe en vermaakt zich nog wel even.

De solexen worden in de loods weer nog even netjes in het gareel gezet en dan een biertje. Nog even praat ik na met mijn jonge begeleider. Het was weer fantastisch. Als ik thuiskom heb ik een compleet verbrand gezicht, de zon heeft zijn best gedaan en mijn mederijders hebben geboft.

Het is uitkijken naar de volgende rit en daar hoef ik niet lang op te wachten. Er zijn al weer drie ritten voor mij ingepland.

256. Een natte solexrit

Op een regenachtige vrijdag rijd ik op de fiets naar mijn nieuwe hobby: Solex rijden. Er zijn flinke buien gevallen, maar ik kom nu droog over. Als ik vlak bij de Tuinderij ben zie ik dat er in een bocht van het oefenrondje een flinke plas is ontstaan. Aan de binnenrand van de bocht ligt ook nog een betonnen varkensrug, deze ligt net onder water en je moet dus weten dat ie er ligt anders zou je een flinke smakker maken als je er met de solex overheen rijdt. Ik besluit het even te melden, veiligheid voor alles. Gewapend met twee trekkers rijden we even later op een Big Daddy richting plas. Het lukt niet om het water weg te trekken, twee pionnen zetten kort daarop de bocht af en wordt het inrijparcours wat verlengd.

Een groep van accountancy uit Voorschoten meldt zich aan de poort van de Solex-tours. Tien mannen en vier vrouwen. Twaalf van de solexrijders zijn ruim op tijd en kijken hun ogen uit. “Hoe komen ze hier eigenlijk aan al die solexen?”, vraagt ’n accountant belangstellend. Ik kan er geen antwoord op geven. Ik weet dat het klein is begonnen en dat het inmiddels behoorlijk uit de jas is gegroeid. Jassen, ook zo’n ding. Als de groep naar de ‘verkleedkamer’ gaat verbaast men zich er over hoeveel jassen er eigenlijk hangen. Dat zijn er veel, zowel van leer, kort, maar ook lang. Voor dames hangen er ook verschillende modieuze jassen, de meeste van stof, met een bontje, een ceintuur, rits of knoopsluiting. Gedateerd maar precies passend bij de activiteit die men die dag gaat doen.

Het wachten is op twee dames. Er wordt een telefoontje aan gewijd. “Waar zitten jullie?” vraagt de leider van het gezelschap. “Afslag gemist”, krijgt hij als antwoord. We wachten geduldig af tot de afgedwaalde dames er ook zijn.

Ik kijk wat in het rond en zie de mannen gluren naar de Big Daddy’s. Een stoere en bijzondere step met dikke banden. De step is niet alleen bijzonder omdat hij zo robuust oogt, maar vooral omdat hij geheel elektrisch is aangedreven! Je hoeft dus niet echt zelf te steppen. De topsnelheid van de step is 30 km/h en de actieradius is 40 km. Een mooi vervoermiddel voor woon-werkverkeer. Je bent niet moe als je op het werk komt.

Dan komt de auto van de dames binnenrijden. “Waar blijf je nou?”, vraagt de leider nogmaals. “Ja, we zaten wat te kletsen en voor we het wisten hadden we de afslag gemist.” Misschien bij de afslag bij Den Hoorn van de A4 nog twee grote borden plaatsen met ‘De Tuinderij’.

De dames en heren gaan de verkleedhoek in. “Ik doe zo’n jas echt niet aan hoor”, zegt een jonge blondine. “Je weet toch niet wie er allemaal al in hebben gereden.” Ik probeer haar gerust te stellen, het helpt echter niet. Ook niet als één van haar collega’s haar probeert over te halen. “Nee”, zegt ze, “ik doe het niet.”

De mannen vinden het daarentegen geweldig en lopen stoer rond. “Ik heb ook zo’n jas”, zegt een net aan twintiger. “Ik heb van mijn pa een oude Vespa overgenomen en rijdt in een club van Vespa’s.” De meegebrachte jassen en tassen gaan in de afgesloten box. Dan op naar buiten. Het heeft, zoals ik eerder meldde de hele ochtend flink geregend, het blijft dreigend maar buienradar geeft niet echt een somber beeld.

Eenmaal buiten krijgt men uitleg over hoe de solex werkt. Men luistert aandachtig. Een van de dames vindt haar pothelmpje toch niet alles en schiet er even tussenuit. Na de demo door John wandelt men naar de betonnen platen waar de tour kan beginnen. Het gaat allemaal redelijk vlot. Op één na krijgen ze allemaal de solex aan en rijden ze achter mij aan voor het proefrondje. Wat ik niet in de gaten heb, is dat er onderweg wat troubles zijn met een solex. Mevrouw krijgt er geen gang in. Daardoor blijven er vier solexen wat achter hangen. Met de rest van de groep gaat het in een sliert over Westlands wegen. Terug aangekomen bij de startplek, mis ik de vier solexen. Ik ga er naar op zoek, ze kunnen nooit ver zijn. Maar als ik mijn oefenrondje heb afgereden ben ik ze nog niet tegen gekomen. Ze blijken hun eigen oefenrondje te hebben bepaald en zijn alvast op weg gegaan. Wanneer ze de groep uit het oog zijn verloren, besluiten ze toch maar terug te komen. Niet eerder heb ik dit meegemaakt. Zou het verlengde oefenparcours daar de oorzaak van zijn? “We zagen plots helemaal niemand meer”, zegt de man die het eerste terugkomt.

Dan kunnen we op weg. De wind is krachtig, de solex moet zijn best doen om de gang erin te houden. Hier en daar moet wat worden bij getrapt. Een van de dames, niet eens zo heel oud, vindt het eng. Zij blijft steeds op een redelijke afstand rijden van haar voorganger en rijdt daardoor steeds dicht in de buurt van de bezemwagen. De langzaamste van het stel bepaalt de snelheid van de groep, zo is bepaald en daardoor heb ik regelmatig contact met John vanuit de bezemwagen. “Effe inhouden Aad, er valt een gat.”

De rit gaat dit keer naar het Raadhuis Schipluiden aan de Dorpsstraat al daar. Een historisch pand uit 1840 dat in 1878 werd aangekocht als raadhuis en ambtswoning voor de burgemeester van Schipluiden. Het bevatte een secretarie en de tuinkamer werd voor raadsvergaderingen gebruikt. Daar is de koffiestop gepland. Men neemt plaats in de mooie binnentuin van de lunchroom. Niet voor lang echter als de regen begint te vallen. Dan neemt men de koffie mee en vertrekt het gezelschap naar de kamer van het oude Raadhuis, waar voorheen de raadsvergaderingen werden gehouden.

Na de koffie en het overheerlijke appeltaartje voor de gasten, lopen we weer naar buiten waar het zonnetje schijnt. Buienradar is geconsulteerd en geeft niet het mooiste weer aan met hier en daar zelfs een grote blauwe puntgrafiek. Eenmaal op weg valt het mee, totdat we vlak voor de onderdoorgang van de Woudseweg zijn. We halen het tunneltje en blijven daar staan tot de slagregen is opgehouden. Wanneer het zonnetje er weer wat doorheen komt, besluit ik opnieuw te starten. Echter nog geen 100 meter op weg valt er opnieuw een bui. Gaan we door of terug? Ik besluit door te gaan, maar een aantal gasten volgt me niet en gaat terug naar het tunneltje. Nu sta ik met een kleine groep in de regen te wachten tot de rest aansluit. De blauwe lucht komt er aan dus opnieuw terug gaan heeft naar mijn mening geen zin.

Nadat iedereen zich weer heeft aangesloten vervolgen we de rit. Op naar de Witte in De Lier. We hebben wat tijd verloren en moeten op tijd bij de volgende uitspanning zijn. Ik kort de weg wat in. Onderweg komt Koos naast mij rijden. Koos is een medewerker van het accountantsbureau. Hij stelt mij allerlei vragen over het gebied. Ik weet er wel wat van en kan zijn vragen beantwoorden. Leuk om ook iets over ons woongebied te vertellen.

Aangekomen bij de Witte komt het drankje op tafel. Als je er op vrijdag komt wordt de stamtafel buiten steeds bevolkt door dezelfde groep oudere mannen. Zij sluiten hier waarschijnlijk de week mee af. Al zullen ze geen van allen meer werken. Na het drankje aanvaarden we de terugweg. Dan komt het bravoure wat naar boven bij de solexrijders. Men poogt mij in te halen en trekt het gas open. Mijn solex rijdt doorgaans het hardst, maar dit keer niet. Ik word door twee solexen ingehaald en voorbijgereden. Ik laat het even zo, ben geen politieagent en weet dat ik altijd als eerste het solexterrein weer oprijd.

Bij terugkomst gaan de solexen weer netjes de loods in. Om en om worden ze teruggezet. Men is heel gewillig om hier ook aan mee te werken. Dan nog even de foto rondom de bezemwagen en dan is het feest over, maar niet eerder dan dat het Nationaal Solexdiploma is uitgereikt. Dit keer is het Koos, Koos die al die tijd naast mij heeft gereden, die als enige het waardevolle en serieuze document krijgt overhandigd. Al snel wordt er door zijn collega’s gesproken van doorgestoken kaart. Hij zou mij hebben beïnvloed. Ik kan hen geruststellen, dat is ook zo .

De jassen worden teruggehangen. De solexrit is weer voorbij. De kleding is onderweg lekker droog gewaaid. Het was weer een leuke rit. Nog even napraten met John een biertje als afsluiting en dan maar weer afwachten wanneer ik weer mag. Het wordt winter en dus zullen er niet veel solexritten meer zijn. Ik wacht rustig af tot ik weer word ingeroosterd.

221. Verjaardagsfeestje op de solex

Vandaag moet ik als solexritbegeleider weer aan de bak. Een dame die deze dag jarig is en 50 jaar is geworden viert met nog 12 vriendinnen haar feestje op de solex. Voor mij is het de tweede keer dat ik als begeleider mag mee doen.

Rond één uur rijd ik op mijn fiets richting de Tuinderij. Een heerlijk gelegenheid om een feestje te vieren, maar ook om een solextour te doen. Het weer is ons goed gezind. De zon is stralend. Als ik mij meld komt Kevin naar mij toe. Hij is vandaag mijn medebegeleider, mag in de bezemwagen en heeft de leiding van de groep. Kevin is nog een student, net aan drie turven hoog, maar weet wel waar hij het over heeft. Je hoeft niet te vragen waar hij vandaan komt. Niet een beetje Westlands, maar gewoon puur Westlands. Uit de tongval en de zinsopbouw is duidelijk te merken, hij komt uit een tuindersdurp. Niks mis mee, overigens. Na een kort kennismakingsgesprek weet ik al wat ik aan hem heb.

“Welke route”, vraag ik hem. “De Midden-Delfland/Westlandroute, Aad”, krijg ik te horen. Dat is fijn, want de route richting Staelduinsebos heb ik nog niet eerder gereden. Ik zoek een portofoon op en test die even uit. Vorige keer ging het mis, had mijn gehoorapparaat nog in en was onbereikbaar. Dit keer ging het prima. Gehoorapparaat uit. Ik loop naar het leren jassenrek en zoek er een korte jas uit. In de kantine zoek ik nog even naar een ‘de Tuinderij’-jack. Vorige keer heb ik een koudje opgepakt, daar had ik nu geen zin meer in. Als ik mijn gele hesje opzoek, zie ik de groep al aankomen. Dames van net aan 50 iets er onder of iets er over heen. Sommige strak in het kapsel, andere prima gekleed op een solextour. Kevin ontvangt de groep en heet hen welkom. De dames giechelen al bij de gedachte om op een solex te zitten. Dan gaat de aankleedsessie beginnen. De ene jas is nog leuker dan de andere. Ga ik voor leer of ga ik voor bont? Heb je ook een maatje groter? Kan ik deze jas ook kopen? Hoe komen jullie aan zoveel jassen? Het wordt een feest dat merk ik al. Dan de helm of ander hoofddeksel opzoeken. Het is een amusante groep.

Kevin legt uit hoe de solex werkt, maakt er wat grapjes bij en heeft de aandacht. Tenminste het lijkt erop dat de dames aandachtig luisteren. Dan nog even de spelregels uitleggen over wat wel en niet mag en dan op pad.

De inrijronde vindt plaatst naast het complex. Sommige hebben toch echt niet opgelet. Hoe krijg je de motor op die band? Waar dient dat rode knopje voor? Hoe moet ik gas geven? Waar zitten de remmen? Het houdt niet op. Als één van de dames de solex niet aankrijgt probeer ik hem even op gang te krijgen. Maar vandaag heeft de solex er geen zin in. Even één omruilen en dan gaan we.

Al bij de eerste bocht gaat het fout. Mevrouw durft niet de hoek om te sturen en rijdt rechtdoor een andere weg op. Eén van de blondjes krijgt er geen gang in en probeert aan de verkeerde kant van het stuur gas te geven. “Hij draait niet”, geeft ze Kevin mee. Ze heeft nog nooit op een sneller vervoermiddel gezeten dan een fiets. De groep heeft er geen gang in. Ik moet als voorrijder regelmatig mijn gas los laten, om de groep weer bij elkaar te krijgen. De vrouw met de oranje jas en de brandweerhelm op blijft in de buurt van de bezemwagen, bang dat het fout zal gaan.

“Mooi gebied, hier”, krijg ik mee. Als ik hen vraag waar ze vandaan komen blijkt dit Voorburg en Leidschendam te zijn. “Nog nooit hier geweest”. Bij degene die bij mij in de buurt rijden probeer ik iets over het gebied te vertellen. Als we zijn aangekomen bij onze eerste koffiestop, blijkt deze afgezegd door de Tuinderij. Dan blijkt dat we de verkeerde route rijden. De dames mogen er niet de dupe van worden, dus zoek ik een andere locatie. Voor mij niet moeilijk, het is mijn woondorp. Op het terras van Bakkerij Hoek is plek. Even met de eigenaar overlegd en alles komt in orde. “Van mij mag je vaker komen”, zegt de bakker. De koffie/thee en fris wordt uitgeserveerd en daar hoort een gebakje bij. De bakker heeft nog een aardigheidje voor de jarige. Heel attent, Bob. De dames genieten van het leuke dorp en verbazen zich er over dat ik door veel mensen word begroet. Na 20 minuten wordt het tijd om weer op te stappen. We hebben wat tijd verloren en moeten ook nog eens teruglopen naar de solexen, die we bij de kerk hebben gestald. Vrolijk keuvelend hebben de dames geen haast en genieten van het lekkere zonnetje.

Weer op de solexpedalen is het voor sommige wederom even wennen. Hoe werkte het ook al weer? Op naar ’t Woudt, langs de Zweth over de brug terug langs de Bonte Haas richting Veilingweg. Dan door het tuinbouwcomplex Groeneveld, over de Noorlierweg richting De Lier. Nog wat binnendoor weggetjes om dan uit te komen op de Lierweg. Op naar De Witte voor de tweede stop. Niet te lang, want we hebben tijd verloren. Na een frisje gaat de tocht terug naar de basis.

Om 16:55 uur draaien we het terrein weer op. De solexen gaan de stalling weer in. Tijd voor een foto op en om de bezemwagen. Kevin schiet als volleerd fotograaf nog even wat foto’s. Een solexdiploma wordt uitgereikt aan de beste solexrijdster, toevallig de dame die haar 50e verjaardag viert. Hoera.

De jassen en attributen worden teruggehangen. Het feest is voorbij. De dames glimmen, hebben het super naar de zin gehad en kunnen hun sterke verhalen straks thuis vertellen.

Het was weer erg leuk om te doen. Met veel plezier heb ik voorop mogen rijden. Het zal zeker niet de laatste keer zijn.