307. Wedstrijd Belgen – Bokken weinig spectaculair

De derby tussen Belgen en Bokken staat op het programma, en dat voor de cup Midden-Delfland. Ik mocht de wedstrijd eerder in 1977 fluiten. Altijd speciaal.

Het is kwart voor twee als ik richting sportpark Schipluiden rijd. Weinig mensen op weg naar de derby der ‘lage landen’. Op het sportpark aangekomen wemelt het van de fietsen. Ik kan er nog net aan een plekje vinden en zet mijn fiets met kettingslot vast aan de paal van de fietsenrekken.

Ik wandel naar de kantine als ik twee mensen van de WOS voorbijloop. Staan ze op potentiele mensen te wachten die men wilt interviewen? De Burgemeester, ja die hadden ze al gespot, hem was de eer te beurt gevallen een praatje te doen. Verderop zit de stemming er al goed in. Het terras is redelijk bezet, maar niet overdadig druk.

De tap is open, het weer werkt mee, een stralende zon doet wat er wordt verwacht: een mooie ambiance voor een historie die moet worden voortgezet. Spelers die zojuist nog een opwarmrondje deden, vertrekken richting kleedkamers. Het veld ligt er als een spiegel bij. Letterlijk en figuurlijk. De zon doet daar z’n uiterste best voor.

Dan om twee uur betreden de matadoren de autobandengrasmat. Keurig achter elkaar lopend, alsof het om een interland gaat, wandelen ze naar de middenstip. Voorop de leidsman met twee secondanten.

De burgemeester neemt het woord refereert aan de historie die in de jaren 1930 is ontstaan en wenst de teams een prettige maar bovenal sportieve wedstrijd.

Als de teams zijn opgesteld klinkt het beginsignaal. Het eerste balcontact is er. Maar dan opeens een uitglijdende scheidsrechter en twee teams die het veld weer verlaten. “Wat is er aan de hand”, hoor ik in mijn omgeving. Een afkoelingsperiode, nu al, ja, het is warm. Mijn telefoon geeft aan dat het 29° Celsius is. Maar nu na twee minuten al. Na elke twee minuten stoppen, dan kan het een lange middag worden.

Naast mij komt een jonge vrouw staan. Ik kijk op het wedstrijdboekje wat men zoal te melden heeft. De vrouw vraagt of ze even mee mag kijken. Ik had ze even niet herkend, kwam vast door mijn zonnebril.

De wedstrijd ligt intussen stil. Er is uitgebreid tijd om een biertje te gaan halen. De geluidsinstallatie gaat aan en de muziek schalt over het sportpark. Als snel gonst het over het sportpark: “De scheids heeft zijn pols gebroken.” En nu.

Even later komt er een nieuwe scheidsrechter aanfietsen, Hij mag voor deze gelegenheid met zijn fiets naar de kleedkamer. Tas over de schouder hangend fietst hij onder luid applaus tussen de menigte door. Na zo’n 10 minuten is de man in het zwart klaar met verkleden en wordt de wedstrijd hervat. Een wedstrijd die niet als ‘hoogstaand’ kan worden aangemerkt. Schipluiden wat verzorgder voetballend dan Den Hoorn. Het verschil in klasses is nauwelijks te zien. De wil om te winnen is bij Schipluiden duidelijk hoger dan bij Den Hoorn.

Naast mij aan het hek komt een groep supporters van Schipluiden staan. Zij hebben pitches bier gehaald. Gewoon drie op een groep van zes personen. Ik dacht dat er geen alcohol meer langs de velden mocht, maar dit is vriendschappelijk, dan is het kennelijk geen probleem.

Op het terras trekken mannen hun shirt uit. Dames hebben dunne blouses aan. Blote armen zijn zichtbaar, versierende taferelen in blauw getekend. Het weer is fantastisch, al merk ik al wel dat ik vergeten ben om mijn gezicht in te smeren.

1 – 0. Schipluiden is de eerst scorende ploeg. Er worden fouten gemaakt in de achterhoede van de op bezoekzijnde ploeg. Even later 2 – 0. “Tien, tien, tien”, wordt er vanaf het terras geroepen. Maar dat is niet te hopen.

Dan zie ik de ‘eerste’ scheidsrechter voorbijlopen. Hij heeft inderdaad zijn pols gebroken en is op weg naar het ziekenhuis. Hij had ongetwijfeld een andere aftocht gewild. Door de warmte is er een extra rustmoment ingelast. Even wat water drinken.

Het is rust. Opnieuw worden er pitches aangerukt. Ik kom even te spreken met iemand die kunstgras levert en wil er iets over weten. Het blijkt voor de leverancier een dure geschiedenis te zijn met allerlei licenties die men met de KNVB moet afsluiten.

De helden komen opnieuw het veld op voor de tweede helft. Al na 10 minuten is het weer raak. 3 – 0. Een blunderende keeper die onder de bal doorgaat en een strakscorende Schipluidenspeler tillen het resultaat op.

Het vierde doelpunt heeft een luchtje. Waar de grensjager terecht wijst dat het ingooi is voor Den Hoorn, wijst de scheidsrechter de andere kant op. Spelers en trainer van Den Hoorn hebben er zo hun bedenkingen bij en benaderen de scheidsrechter iets te dichtbij. Het loopt met een sisser af. Als de inworp wordt genomen is dat een complete assist. De speler van Schipluiden gooit verder dan dat hij trapt. Een complete voorzet: 4 – 0. Opnieuw scandeert men het getal met dubbele cijfers.

Een speler van Den Hoorn meent de snelle buitenspeler van Schipluiden een dusdanige trap te mogen geven, dat hij het voor de rest van de wedstrijd wel kan vergeten. Het valt mee, de waterzak doet wonderen, maar levert wel een gele kaart op voor de Den Hoorn-speler. Even later nog één. Even dreigt het grimmiger te worden, maar de gemoederen bedaren. Legt Den Hoorn zich al bij deze uitslag neer?

Na wat fouten in de achterhoede van Schipluiden is men met een inhaalslag begonnen bij Den Hoorn, 4 – 1 en even later 4 – 2. Naast mij komen er nog wat pitches bij. De glazen zijn nooit leeg.

Een bal tegen het scorebord geeft ineens een betere weergave van de tijd. Waar streepjes van cijfers zijn verdwenen, komen ze weer naar voren waar de bal er zojuist tegenaan is geschoten. Nog vijf minuten. Ik vind het genoeg, mijn kop staat in de fik, ik wandel richting uitgang. Dan plots zie ik iets met de tijd gebeuren op het scorebord. Is het ding van slag na die treffer met die bal, of zit er iemand met zijn tengels aan de knoppen. Op de valreep mag Den Hoorn nog één keer scoren waardoor de eindstand komt op 4 – 3. Gezien de verhoudingen in de wedstrijd een terechte uitslag, al zal men daar bij Den Hoorn vast anders over denken.

Als ik het terrein afloop wordt de geluidsinstallatie harder gezet. De DJ gaat aan de slag. Het blijft nog lang onrustig op het dorp, door de ver schallende muziek. Schipluiden zal er een beste dag aan hebben gehad. De penningmeester zal in zijn handen wrijven. Het extra kwartje op het biertje levert extra knaakkies op. De bierwagens kunnen weer aankomen rijden en de voorraad aanvullen.

63. De bokken tegen de Belgen

1 maart 2015, ik besluit om naar de allerlaatste derby van Midden-Delfland te gaan. De bokken spelen tegen de Belgen, ofwel SV Den Hoorn – VV Schipluiden. 

Met mijn vrouw fiets ik op, richting Den Hoorn. Er staat een stevig windje dat me in de rug naar het sportcomplex van SV Den Hoorn duwt.

Halverwege slaat mijn vrouw het pad in om nog wat boodschappen te gaan doen. Onze wegen scheiden hier. Ik rijd door en kom aan op het terrein van SV Den Hoorn. Het is er druk. Verkeersregelaars leiden de aankomende auto’s naar een plekje. Ik probeer mijn fiets ergens kwijt te raken en kom tot de ontdekking dat meer mensen op de fiets zijn en de fietsenstalling niet is berekend op zoveel stalen rossen. Als ik de mijne tussen twee fietsen heb in gewurmd, loop ik naar de toegangspoort. Ik ben niet de enige. Guus die in het hokje is opgesloten heeft de dag van zijn leven. €3,00 wordt er gevraagd om de wedstrijd tussen de rood-witte en de geel-blauwe te mogen zien en er zijn veel toeschouwers, erg veel toeschouwers. Al schuifelend bereik ik het kassahokje en betaal. Op de tribune is geen plaats meer zie ik al van verre. Net op tijd bereik ik het veld. Achter één van de doelen hangt een groot spandoek met een afbeelding van Mister Den Hoorn, Cor van Holsteijn. Cor die zijn hele leven in het teken van de club heeft gesteld. Ik had er van gehoord. Hij is ernstig ziek en heeft in afgelopen week een TIA gehad. Hij is opgenomen in het ziekenhuis. Via de prachtige Stichting Ambulance Wens wordt zijn laatste wens vervuld. Hij wordt opgehaald en zal de aftrap verrichten. Binnen beide dorpen hoopt men dat hij het nog zal kunnen doen.

De matadoren komen het veld oplopen. Vlak daarachter Cor, zijn rode jas aan en SV Den Hoornsjaal om de nek. Het publiek gaat staan en geeft hem een staande ovatie. Het nummer You never walk alone van Gerry and the Pacemakers wordt opgezet. Uit volle borst wordt er meegezongen. Kippenvel krijg je er van. Toeschouwers pinken een traantje weg. Cor loopt de spelers langs en groet ze. Intussen valt het eerste rood-witte rookgordijn op het veld. De rode en witte luchtpoppen worden tegen de grond geslagen. De wind neemt de stabiliteit volledig over en heeft grote vat op de luchtpijpen. Ploppers schieten rode en witte linten de lucht in. Het net achter het doel wordt gecamoufleerd door de slingers. Ik probeer een plekje dicht tegen het veld te vinden, maar alles staat vol. Ik vind later een plek op een hoogte langs de lange kant van het veld. Na eerst beide schoenen te hebben vol geschept met water en modder kan ik het veld goed overzien.

Als Cor de aftrap heeft genomen wandelt hij terug naar de hoofdtribune. Zwaaiend met zijn sjaal neemt hij afscheid van de toeschouwers. Van de spelers en toeschouwers van de club die hij allemaal bij naam kent. Opnieuw klinkt een daverend applaus. Dit is waarschijnlijk zijn laatste afscheid van de club waar hij zijn leven aan gaf.

Langs het veld waaien en kletteren de blauwe vlaggen van Fight Cancer, tevens de sponsor van de club uit Den Hoorn.

Tijdens de wedstrijd komen mensen om mij heen staan die ik ken of uit mijn Schipluidentijd of uit mijn Den Hoorntijd. Bij beide verenigingen heb ik jaren in een bestuursfunctie mijn vrije tijd gestoken. Ik bekijk de wedstrijd dan ook neutraal. Ik zie geen hoogstaand voetbal, mede veroorzaakt door de stevige wind die strak over het veld staat. Veel balverlies en onnauwkeurig spel maakt het zo af en toe toch spannend. Schipluiden maakt in de eerste helft geen gebruik van de wind die veel en snel loopvermogen vraagt. Een scheidsrechter die kennelijk zijn gele kaart vol wil maken om aan het eind “Bingo” te kunnen roepen, maakt zich niet populair. Al had hij de wedstrijd na zeven minuten al een behoorlijke draai kunnen geven als een verdediger van Den Hoorn een aanvaller van VV Schipluiden natrapt. Duidelijk rood waar die kaart niet werd gegeven en de eerste gele kaart valt. Door de scheidsrechter wordt de voordeelregel te weinig toegepast, waardoor de vaart uit de wedstrijd wordt gehaald.

Net na de theepauze maakt Donny Slot handig gebruik van een misverstand in de achterhoede van Schipluiden. Hij maakt de 1 – 0. Opnieuw geen hoogstaand voetbal en veel stress bij spelers. Als de keeper van SV Den Hoorn denkt de bal even neer te kunnen leggen omdat hij een fluitsignaal heeft gehoord, maakt Tristan Koop daar handig gebruik van en deponeert hij de bal tegen het net van de rood-witten: 1 – 1. Nu vallen de gele en blauwe rookpluimen op het veld. De wedstrijd levert op een paar afstandsschoten na weinig hoogstandjes op. Tijdens de wedstrijd wordt er met de mensen om mij heen nog wat herinneringen opgehaald uit de oude doos. Het is leuk langs de lijn. De altijd enthousiaste SV Den Hoorn tribune laat regelmatig van zich horen. Met name als de Den Hoorn keeper Mauro, zijn foutje maakt. Hij wordt er in een gezang voor bedankt: “Mauro bedankt, Mauro bedankt, Mauro, Mauro, Mauro bedankt.”

Het loopt naar het eind van de wedstrijd. De eerste mensen lopen al naar de uitgang. Ik besluit te blijven staan tot het eindsignaal klinkt. Er gebeurt niets vermeldenswaardig meer. De sfeer blijft uiterst uitbundig.

Als het laatste fluitsignaal klinkt neem ik afscheid van mijn mede toeschouwers. Met buurman Joop zal ik mee terug fietsen.

Nogmaals schep ik mijn, inmiddels droog geworden, schoenen vol als ik naar de uitgang wil. De modder voel ik soppen in mijn schoenen.

In ganzenpas verlaten de toeschouwers het complex. Bij mijn fiets aangekomen, zie ik dat er niet even netjes met de fietsen is omgegaan. Er liggen er verschillende ondersteboven of hangen tegen elkaar aan. Het kan ook de wind zijn geweest die vat heeft gekregen op de fietsen.

Ik wacht even op mijn buurman om samen de terugweg naar Schipluiden te fietsen. Ik elektrisch ondersteund, hij op een gewone fiets.

Het is een enerverende middag geweest waar emotie aanwezig was om twee zaken die speelden. Het afscheid van Cor en de aller aller laatste derby tussen de bokken en de Belgen. De punten zijn eerlijk verdeeld. De toeschouwers hebben een amusante, maar niet hoogstaande pot voetbal gezien. Éen iemand heeft deze wedstrijd wel gewonnen, de penningmeester van de thuisspelende partij.

Het is goed om er bij te zijn geweest.