422. En ze noemden hem Sjef

Przemyslaw zo heet hij eigenlijk, maar dat vindt men veel te moeilijk. Przemyslaw is 36 jaar oud, komt uit Polen en is sinds twee jaar in Nederland. Hij is zijn land ontvlucht. Er is geen werk en hij voelt zich verantwoordelijk voor zijn gezin, zijn vrouw Patrycja en zijn vier kinderen. Via wat omzwervingen komt hij terecht in het Westland. Heeft daar nu zijn thuisbasis gevonden en is een gelukkig mens.

Als Peter* mensen nodig heeft voor zijn orchideeënkwekerij klampt hij zich vast aan het Turkse uitzendbureau waar hij al jaren zeer tevreden over is. Mustafa leidt de onderneming en Peter hoeft maar te kikken en hij krijgt wat hij wil. Zo komt ook Przemyslaw binnen. Een man met een paar gouden handen aan zijn lijf. Hij is leergierig en dat is wat Peter niet van elke uitzendkracht kan zeggen.

Przemyslaw kan lassen, timmeren, maar heeft ook een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Hij wijst zijn mede-landgenoten op hun plichten en is niet te beroerd om daarbij ook een grof Pools taalgebruik te bezigen. Hij voelt zich thuis bij Peters bedrijf.

Al na een drietal maanden merkt Peter dat er toch iets mis is bij Przemyslaw. Met handen en voeten bespreekt Peter wat er gaande is. Dan blijkt dat Mustafa ver onder het minimumloon uitbetaald. Dat is wat Przemyslaw steekt. Hij moet zijn gezin onderhouden, woont in Leiden, moet daar de huur betalen van een kamer en die is ook weer van Mustafa. Przemyslaw wordt er depressief van.

In het gesprek met Peter komt de tuinder er achter wat er zoal mis is aan het uitzendbureau van Mustafa. Hij gaat daarover in gesprek met de koppelbaas. Dat escaleert. Het eindigt in een potje knokken. Dat is niet wat Przemyslaw wil. Hij wordt dan aangezien tot de aanstichter van dit probleem. Wanneer hij echter ziet dat het menens is springt hij tussen de twee vechtersbazen. Hij krijgt zelfs de meeste klappen. De relatie met Mustafa en de tuinder wordt verbroken. En ook Przemyslaw komt daardoor op straat. De Pool moet ook vertrekken uit de kamer, zegt Mustafa en komt daardoor zonder onderdak. Hij slaapt op een bankje in het park en een enkele keer mag hij met een landgenoot mee en heeft hij voor een paar dagen een slaapplek. Weken struint hij bedrijven langs voor werk. Het lukt hem niet om zelfs een paar uurtjes te werken. Hij trekt tijdelijk in bij een dorpsgenoot uit Polen. Dat mag maar voor een week, dan moet hij weg.

Przemyslaw heeft het telefoonnummer van Peter in zijn mobiel staan en belt hem. Dat gaat niet handig, want Peter zijn Pools is net zo slecht als Przemyslaw zijn Nederlands. Ze maken uiteindelijk een afspraak om elkaar op te zoeken. Peter rijdt naar Woerden, waar Przemyslaw inmiddels verblijft.

Met Google vertaal converseren ze met elkaar. Peter geeft aan dat hij Przemyslaw graag terug wil, maar dan in loondienst. Daar voelt Przemyslaw wel wat voor. Hij moet alleen overleggen met zijn vrouw Patrycja, want het gaat betekenen dat hij zes weken in Nederland blijft en dan vier dagen naar huis komt. ‘Geef me even een paar dagen’ laat de Pool op zijn telefoon aan de tuinder zien. ‘Je hoort nog van mij’.

Twee dagen later heeft Peter een gemiste oproep in zijn telefoon staan. Het is van Przemyslaw. Hij belt hem terug. De Pool geeft aan dat hij heel graag voor Peter wil werken. Hij heeft van zijn vrouw de goedkeuring. Peter gaat aan de slag voor de benodigde papieren. Waarna de Pool aan het eind van die week bij Peter in dienst treedt.

Inmiddels heeft Przemyslaw het ontzettend naar zijn zin bij Peter. Hij begint de taal te spreken en noemt Peter altijd “chef”. Vandaar dat de Pool nu Sjef heet. Achter in de schuur heeft Przemyslaw een eigen optrekje weten te maken. Hij heeft er zijn bed, tv, koelkastje en wasmachine staan. Er is een douchegelegenheid en kleine keuken. De Pool kan zich prima bedruipen. Eten doet hij van de vrouw van Peter, ze kookt wat meer voor haar gezin, zodat hij mee kan eten. Hij houdt van zijn privacy en doet dat dan ook in zijn eigen optrekje. Op zondag eet hij mee in het gezin.

De Pool heeft inmiddels een busje gekocht. Daar rijdt hij mee langs de kringloopwinkels. Hij koopt er spullen die hij elke keer als hij naar Polen gaat meeneemt. Daar verhandelt hij de zaken weer. Przemyslaw heeft het inmiddels prima naar zijn zin en ook Peter is uiterst tevreden. Het is altijd even wennen als de Poolse medewerker weer een paar dagen naar huis is. Want op de uren let hij niet. Wat er gedaan moet worden, doet hij. Hij maakt soms dagen van twaalf uur. Peter is er een gelukkig mens van geworden.

Dan breekt het Coronavirus uit. De tuinder moet 30% van zijn handel vernietigen. Het gaat slecht in het bedrijf. Kan Przemyslaw blijven of moet hij ook weg. Een lastige beslissing voor Peter. Hij besluit om hem hier te houden. Przemyslaw zet zich nog meer in dan hij altijd al deed. Hij werkt alsof het zijn eigen bedrijf is. Alleen naar huis mag hij niet. Het wordt communiceren met het thuisfront via de laptop die Peter ter beschikking heeft gesteld. De Pool heeft er vrede mee, maar in zijn gedachte is hij toch vaak bij zijn liefde en kinderen.

Op een ochtend als Peter de kas in komt lopen is de bus van Przemyslaw verdwenen. Ook zijn verblijf is leeg. De koelkast is leeg. Hij heeft het dus voorbereid en niets gezegd.

Przemyslaw zit momenteel in Polen bij zijn gezin. Hij heeft in die twee jaar tijd voorlopig voldoende verdiend om het er even uit te houden. Of hij ooit terugkomt weet Peter niet. Hij heeft geen contact meer met hem. De telefoon die Peter hem ter beschikking heeft gesteld ligt op de tafel in het verblijf van zijn werknemer. Opnieuw een klap voor Peter, al begrijpt hij het wel. Het is afwachten of Przemyslaw ooit nog terugkomt. Maar als ie terugkomt neemt Peter hem zo weer aan.

* naam is geanonimiseerd

421. Borrelpraat, Kom’s Hoorn en Corona

Ben vanmorgen nog even naar de doe-het-zelver geweest. Mijn jongste zoon wilde komen wandelen. Omdat we steeds 1,5 meter uit elkaar moeten blijven lopen heb ik een bezemsteel gekocht. Het was nog even zoeken, maar ze bleken achter de kassa te verkrijgen, bang dat men ging hamsteren. Eenmaal op pad liep hij aan de ene en ik aan de andere kant van de stok.. Het liep heerlijk, weinig mensen op het fietspad, maar toen we in de verte een fietser aan zagen komen, raakte we even in vertwijfeling. Moeten we de stok loslaten, de fietser ziet ons toch lopen en kan een aanloop nemen, gaat hij er onder door, of zorgen we dat we de stok hoog boven ons hoofd houden. Wat zou u doen? Wij hebben hem losgelaten en de stok laten vallen. Dat was geen succes.

Nu we toch over hamsteren hebben. Toen ik vorige week zondag op visite ging bij mijn schoonmoeder, zij woont boven de Plusmarkt in Den Hoorn, stond er om kwart voor elf al een Range Rover voor de deur van de super, terwijl deze pas om 12:00uur open gaat. Op de achterbank alleen maar toiletrollen. Ik keek door het raampje en zag er een man met stropdas en jasje aan, zitten. Die komt niet uit Den Hoorn, gaat er door mijn gedachte, daar heeft men deze kleding alleen aan bij een bruiloft of begrafenis en niet bij het winkelen. Ik tik op het raampje waarna de man zijn raam laat zakken. “Kom je bevoorraden?”, vraag ik hem. Nee, blijkt hij zijn achterbak nog niet vol te hebben liggen. Nou, ja.

Trouwens nu wordt het toch echt tijd dat die Plusmarkt op dat braakliggend terrein mag gaan bouwen. Na afloop van mijn bezoek aan oma heb ik nog wat sinaasappels nodig. Wil ik afrekenen sta ik tot aan de diepvries in de rij voor de kassa. Dan word je als Plus toch veel te klein voor een dorp dat steeds maar uitbreid. Mooi of eigenlijk niet mooi is dan dat er vrouw door heen probeert te wringen, en al slalommend tussen de winkelwagentje door schuift, blijkt ze een boodschap vergeten te zijn terwijl ze voor de kassa staat. Dat kan alleen bij vrouwen gebeuren, ik krijg een briefje mee met de boodschappen dan vergeet ik nooit iets en breng ook niet meer mee dan nodig is.

Wat vindt u eigenlijk van café Delfland? Ik heb het altijd al een duistere zaak gevonden, maar nu ie is dicht getimmerd zie je er helemaal geen hand voor ogen meer.

Dan over het virus. Het COVID-19 virus, waar staat dat eigenlijk voor COVID-19, dat staat voor coronavirus disease 2019. Want wist u dat het virus al sinds september 2019 de wereld in de greep heeft. Een vervelend virus dat rond dwaalt en dat tot nu toe weinig is aan te pakken.

Natuurlijk zou mijn verhaal ook gaan over dat virus. Het was dokter Li Wenliang die op 30 december 2019 zijn collega’s waarschuwde voor een mogelijke uitbraak van deze ziekte. Het verspreidde zich razendsnel. Heel de wereld is er inmiddels mee besmet. Er zijn nog steeds geen vaccinaties voor.

Toch heeft dit virus niet alleen voor negativiteit gezorgd. Men kijk weer naar elkaar om, zij het van een afstand. De supermarkten springen een gat in de lucht, wat een omzet zij hebben. Straks krijgen zij de klappen, als heel Nederland is voorzien van allerhande spullen door hamstergedrag en er geen compensatieregelingen meer zijn. En de mensen hebben kennelijk overal schijt aan, gezien de hoeveelheid toiletrollen die men heeft opgehaald.

Ik was mijn handen tegenwoordig wel 40 keer per dag. Plots verscheen het stempeltje op mijn hand uit 1973 dat ik op mijn handrug kreeg toen ik bij de disco naar binnen ging. Ja hoe gek kan het gaan.

Wat denkt u van die anderhalve meter afstand. Hadden we thuis toch een behoorlijk probleem. Ons bed is niet breder dan 1,40 meter. We hebben er eerst het volgende op gevonden. We nemen drie dobbelstenen en als je driemaal zes hebt gegooid mag je in bed, anders er naast. Het duurt lekker lang, dat dobbelen en die zessen gooien, maar als je vroeg begint lukt het wel. Er is op de tv toch niet veel soeps meer. Maar mijn vrouw had plots een briljante ingeving. Nu lig ik aan het voeteneind terwijl mijn vrouw aan het hoofdeind ligt, Ja, het bed is wel 2 meter lang.

Maar nu serieus. Ik ben ploegbaas/beheerder van de website Fietsen voor mijn eten. Hadden we vorige week vrijdag nog 6.000 leden, vanaf vandaag hebben we er meer dan 9.000. Waar we 2,5 jaar hebben gespaard voor die 6.000 levert het in een week ineens ruim 3.000 nieuwe leden op. Men wil kennelijk allemaal bij die kweker en teler scoren. En ook dat merken we, want dat kleine stalletje dat op zaterdag langs de weg staat met aubergines heeft ons verzocht om zijn locatie van de site te halen. Hij kan het niet meer aan. Waar een tuinder net zijn bloemkool zou gaan veilen en de productie moest worden vernietigd werd in een week tijd zijn hele voorraad opgekocht. Nu wordt er niet gehamsterd in de supermarkt maar bij de kweker. Bloemen gaan niet per bos, maar per auto het terrein af. Het kost bijna niks en wie gaat er niet halen als het bijna wordt weggeven.

We krijgen nu nog meer vragen: Of het stalletje kan worden verwijderd omdat men op de oprit van de buurman parkeert. Er ontstaan zelfs vechtpartijen om producten. Kwekers, telers maar ook particulieren kunnen de druk niet meer aan. Een eiervrouwtje aan de Zwethkade 38 heeft haar kippen opdracht gegeven om elke dag vier eieren te leggen, omdat de vraag groter is dan het aanbod. Voldoen ze niet, draait ze hen de nek om en maakt ze er soep van. Weer een handeltje erbij.

Ook bij mij thuis is de vraag ook groter dan we kunnen leveren. Iedereen gaat kennelijk weer puzzelen. We hebben een grote verzameling puzzels, maar dat is een verzameling die we in de loop der tijd hebben aangelegd. “Heeft u nog puzzels”, vraagt men smekend aan mijn vrouw, en het gaat dan met name om Jan van Haasterenpuzzels. We hebben iemand kunnen opsnorren die op zolder zijn verzameling heeft onderzocht. Hij bood ons zijn dubbelen aan om te verkopen. 14 stuks. Binnen 10 minuten verkocht en betaald. Dan is het tikkie toch weer makkelijk. Een vrouw kocht er drie, is ze de puzzels in vijf dagen op komen halen, om de dag stond ze op de voorplaats voor een puzzel, Ze was toch aan ’t thuiswerken en had wel even tijd.

Uiteraard zijn we zelf ook op pad geweest. Bij de gebroeders van Dam, aan de Veenakkerweg verkochten ze op bestelling ranonkelplanten. Hele traytjes. 12 stuks. Er ontstond een file voor de drive-in. Betalen met een pinautomaat op een stok. Je hoefde de auto niet uit en het werd in de achterbak gezet. Goed georganiseerd, maar door de drukte opgeheven om het een dag later opnieuw te proberen.

Er ontstaan bijzondere initiatieven. Van schoolkinderen die boodschappen gaan doen. Een draaiorgel dat voor een verzorgingshuis staat, terwijl de mensen achter de ramen luisteren. Bloemen die spontaan worden afgeleverd bij de zieken- en verzorgingshuizen. Zo namen we als Zonnebloem Schipluiden ook het initiatief om al onze gasten een bloemetje te brengen. We gaan Zomen, zoals nu.

Ook persoonlijk heb ik er mee te maken. In de maanden april, mei, juni en juli heb ik een aantal huwelijksbevestigingen staan. Mensen die al een anderhalf jaar geleden hebben aangegeven dat ze ‘ja’ tegen elkaar willen zeggen, maar dat nu niet door kan gaan, of in afgeslankte vorm. En met een afgeslankte vorm is dat, het bruidspaar, twee getuigen en een ambtenaar. Ik vraag me af of dit mag, maar men gaat het proberen. Meerdere huwelijken heeft men verplaatst naar september en oktober, waar ik eigenlijk al vol zit. Hoe ga ik het doen?

En dan als laatste onze twee zoons. De oudste René, als cabaretier, de jongste André, als DJ. Voor de oudste vallen tot 1 juni 31 voorstellingen uit en zullen ergens moeten geplaatst. Het theaterseizoen 2020/2021 is inmiddels al ingevuld, het wordt dus de vraag of dit allemaal nog gespeeld kan worden. Maar ook zijn de zalen straks weer uitverkocht als er een vervangende datum is gepland? De mogelijkheid bestaat dat hij twee shows per avond gaat spelen. Een reguliere en een late night. Meer als vier/vijf shows per week is al lastig en bijzonder vermoeiend, laat staan twee op een avond.
Voor de jongste is het nog veel erger. Hij had een vijftal buitenlandse optredens staan. Deze gaan geen van allen door. De festivals waar hij zou draaien komen dit jaar niet meer terug. Maar ook de optredens in clubs zullen er niet meer komen. Het is ook een sector waar de klappen vallen, de verwachting is dat er ook daar om zullen vallen.

Dan nog even dit, vorige week heeft de een of andere grapjas uit Den Hoorn iets niets zo leuks geschreven en op internet geplaatst over de plaatselijke electronicazaak in Den Hoorn. Een grap maken is leuk, maar dat men dit bedrijf zo te kakken heeft gezet, vind ik ronduit schandalig. Hardwerkende mensen worden midden in het hart getroffen, dit mag niet gebeuren en daar moet men over nadenken als je dit doet. Na diverse reacties is het bericht van internet gehaald, ik wilde het toch even gezegd hebben.

We gaan er van uit dat het allemaal wel goed zal komen. Het zal echt wel eens ophouden. Misschien heeft het voordelen. Ik hoorde van de week iemand zeggen: “De kropsla die ik van de week kocht was zo mals, zo heb ik ‘m in de super nog nooit gekocht” een ander gaf aan dat de bloemen veel verser zijn dan bij de bloemenstalletjes op de markt of bij de klantenservice van de super. Dat zijn dan weer de mooie momenten. Dat we er nog niet zijn is zeker, naar buiten mag nog steeds en als u wilt wandelen, mag u mijn bezemsteel lenen. Ik zal hem dagelijks desinfecteren. Hou u haaks, let op u zelf , maar zeker op uw naasten. Succes de komende tijd.

420. Corona en wat er allemaal omheen hangt

Dagen achtereen zit ik momenteel achter mijn Macbook. Mijn vrouw stoort zich er regelmatig aan. Ik heb echter ‘ja’ gezegd tegen de functie ‘ploegbaas’ en ‘beheerder’ van de facebook- en website van Fietsen voor mijn eten. “Je doet geen zak in huis”, hoorde ik haar zojuist tegen me zeggen. Ik moet het toegeven, het is zo. Mijn jongens verklaren me voor gek, maar als je me eenmaal hebt dan ben ik net een terrier. Ik bijt me er in vast om niet meer los te laten. Een valkuil, dat zeker. Zoals ik er meer heb, maar daar ga ik nu niets over schrijven, want dan wordt er misschien (mis)gebruik van gemaakt.

Wat een hectiek van de week in de facebookgroep Fietsen voor mijn eten. In een week tijd even 2500 nieuwe leden bijgeschreven. Het is net als bij een ijsclub, als er plots ijs komt melden leden zich spontaan aan om te kunnen schaatsen. Beheertechnisch kwam er behoorlijk wat aan te pas. Opletten dat er geen spamleden werden toegevoegd. Is het een account dat betrekking heeft op het Westland of Nederland in het algemeen.  Daarnaast kregen we verzoeken om stalletjes in te voeren. Soms voor maar eenmalig, voor zolang het Corona-virus heerst. Die verzoeken werden niet gehonoreerd. Ook voor bloemen dacht men bij de eerder genoemde site aan te mogen kloppen, maar ook daar gaven we geen gehoor aan. Inmiddels is de wind wat gaan liggen en kunnen we ons weer meer gaan toeleggen op verbeteringen op de site. Zaken waar u waarschijnlijk nog niet veel van merkt, maar wel degelijk plaatsvinden.

Dan kwam er ook de drastische maatregel dat er geen groepen van meer dan 100 mensen bij elkaar mochten komen. Men moest ook minimaal 1,5 meter tussenruimte hebben. Theaters, bioscopen, festivals maar ook kunstenaars, artiesten, DJ’s kregen ineens een behoorlijke tik. Maar ook veel ZZP-ers keken plots in een lege portemonnee. Beide zoons, René en André, grepen in hun haar. Wat nu? En dan ging het nog niets over het geld, maar meer over de creativiteit. Want waar moet je je artistieke kunsten vertonen, zonder theater, club of festival. Op internet, werd er gesuggereerd. Dat is voor beiden geen optie, want men heeft ook reacties nodig om de spanning er in te houden bij de artiest, dat is nou eenmaal een gegeven. Niks op de automatische piloot. Voor de een werden er wat voorstellingen verplaatst, voor de ander is er totaal geen compensatie. Geen nieuwe optredens, onzekerheid, afzeggingen en festivals die dit jaar niet meer terugkomen. Ik heb met hen te doen. Je zou ze willen pakken en vasthouden, maar ja, dat mag ook niet. Het is nu even uitzingen en straks hopen dat je nog steeds leuk gevonden blijft worden en dat jouw muziek nog steeds wordt opgepakt.

Mijn voorleesuurtje voor de Voorleesexpres is komen te vervallen. Het kan en mag niet. Ik zit er wel mee, want we hadden er zo lekker de gang in. Natuurlijk zijn er allerlei initiatieven om het digitaal te doen, woordspellen te spelen, of een soort scrabble op te starten, maar dat werkt bij mij niet.

Mijn verjaardag viel in duigen. Geen visite, geen handen schudden of knuffels geven. Zoenen is helemaal uit den boze. Uit eten, konden we uit ons hoofd zetten. Maar dan is internet weer goed, Ik ontving wel meer dan 400 gelukwensen, waarvoor alsnog mijn dank.

Waar ik echter ook mee geconfronteerd raakte was dat een aantal huwelijksbevestigingen geen doorgang kunnen vinden. Niet omdat de bruid of bruidegom het niet meer in elkaar zien zitten, maar omdat het huwelijksfeest volledig in duigen valt. De eerste afzeggingen heb ik al binnen. Verplaatsingen naar, ja, waar waarnaar? Het is afwachten hoe dat gaat verlopen.

Ik heb ook hele mooie initiatieven gezien. Kwekers die hun bloemen brachten naar verzorgingshuizen en ziekenhuizen. Er werden kaartenacties opgestart voor oma’s en opa’s in eenzaamheid. Men ging spontaan mondkapjes maken voor verzorgingshuizen, onze oude dekbedhoezen kregen weer een mooie bestemming. Hulde, Marianne Ruis. Kinderen gingen boodschappen doen voor ouderen. Ouderen moesten vroeger uit bed om boodschappen te kunnen doen. (Hoe krijgt de verzorgingssector dat voor elkaar? Moeten ze om vijf uur beginnen om iedereen gewassen en gestreken te krijgen?) Lessen die via de computer werden gegeven. Een oudere mevrouw vertelde me dat zij nu ’s morgens met Olga Commandeur meedeed, maar dat nog echt niet meevalt. Mevrouw is 89. Men is redelijk goed bezig.

We zijn er nog niet, nog altijd vallen er doden en neemt het aantal besmetting toe op het moment dat ik dit aan de computer toevertrouw. Zou men de regels wel meer in acht gaan nemen? Wordt die afstand van 1,5 meter in acht genomen? Wast men de handen, hoest, kucht of niest men in die elleboog? Wie zal het zeggen?  Ze zijn er en komen soms in de buurt, die besmettingen. Zo las ik ook van een besmetting van een wethouder van onze gemeente. Ik wens hem ook vanuit deze hoek heel veel sterkte toe, voor hemzelf, maar ook voor zijn gezin en naasten.

Let goed op jezelf, maar ook op je naasten. FaceTime, stuur elkaar een kaartje, bel elkaar wat vaker op, e-mail. Er zijn zoveel mogelijkheden om toch met elkaar in contact te blijven. Ik wens je sterkte om deze tijd door te komen.

419. Volgend jaar word ik twee jaar ouder

Fietsen voor mijn eten, fietsen voor mijn bloemen. Twee websites die volledig door vrijwilligers worden gerund. Beiden groeien als kool. Meer leden dan ooit melden zich aan om ‘lid’ te worden van de grote familie fietsers die op pad willen voor hun groente en bloemen.

“In tijden van crisis leer je je vrienden kennen”, zei mijn vader weleens. Een uitspraak die hij deed na de oorlog te hebben meegemaakt. Heeft iedereen iets voor de ander over? Wil men elkaar helpen? Ja, er ontstaan verschillende initiatieven. We kunnen hier echter niet spreken van vrienden, maar meer van lotgenoten. Oorlog is het ook niet, al heb ik door het hamstergedrag soms wel het idee, dat het niet ver weg is.

Niet alleen die fietsers, maar ook de aanbieders van groente en bloemen melden zich aan. Plaatsen foto’s waar ze zitten en bieden hun waar aan voor een grijpstuiver. Wat hebben zij het moeilijk, net als de horecaondernemers, zzp-ers en artiesten. Een heel jaar of seizoen investeren en hard werken om werkeloos toe te zien hoe jouw ideaal verdwijnt en bij de sierteelt je bloemen en planten naar de stort te moeten brengen en er dan ook nog voor moeten betalen. Het is voor velen een drama.

Echter aan het virus kleven ook goede zaken. De lucht wordt schoner, men praat weer met elkaar. De legpuzzel komt weer tevoorschijn, de keukenkastjes krijgen een grote beurt. Bij sommige komt de ouderwetse grote schoonmaak weer terug. Zou er een babyboom ontstaan over negen maanden? Het zou zo maar kunnen.

Massaal gaat men op pad om zijn of haar artikelen binnen te halen. Te hamsteren soms en te vaak. Daar waar supermarkten zeggen voldoende voorraad te hebben, blijven de schappen leeg. Nog voordat de vakkenvuller zijn artikel in het schap wil leggen, wordt het uit de krat gehaald, ik zag het met eigen ogen. Wat een rare mensen heb je toch.

Ook ik zit al een paar dagen binnen. De site van Fietsen voor mijn eten moet worden gevuld. Stalletjes moeten worden ingevoerd, gecontroleerd. Dat is een hele klus. Maar geen vervelende, zeker nu ik zie dat er zo’n toeloop is aan leden. Gaat men ook allemaal op de fiets op pad, zoals de site beoogd. Nee, op sommige plekken staan de auto’s mannetje aan mannetje achter elkaar. Hier en daar zelfs een drive-in. “Ja, in mijn auto kan ik meer meenemen”, zei de man aan wie ik vroeg waarom niet met de fiets.

Aan de Polderhaakweg is het chaos. Niet bij de boer en zijn nepboerin, maar bij kopers die voor willen dringen, omdat er slechts een beperkt aantal mensen in de loods mag. Geef de boer ook de gelegenheid om zijn waren aan te vullen en dring niet voor. Ga ook met respect met hen om.

Bloemen staan er door het hele Westland, meer dan zat, aan de weg. Geen export dus. Nu wordt het eigen gebied opgefleurd. Natuurlijk niet de prijzen die men er voor zou willen vangen, maar weggooien kost ook geld. Massaal weet men de tuinder en boer te vinden. Men zou vaker in eigen gebied moeten winkelen.

En dan plots komt het heel dichtbij. In Midden-Delfland ook een Coronabesmetting. Minister Bruins stapt op, oververmoeid De berichten worden verontrustender. Er is nog geen lockdown, dat zou het nog erger maken. Maar als het goed is voor de stop van deze uitbraak, dan toch maar. Voorlopig heeft het mij nog niet te pakken. Volgende week zou ik mijn plasma geven bij Sanquin daar zou nog een test gedaan worden. Ben ik al resistent voor dit virus of niet. Maar ook die is gecanceld. Verscherpte maatregelen

We blijven thuis of pakken een fiets om anderhalve meter van elkaar ons weg te vinden. Ik wens iedereen sterkte. Geen verjaardag vrijdag de 20e maart, ik sla een jaartje over en dan volgend jaar tel ik er twee van dit jaar bij op

Wij pakken morgen de fiets en gaan het Westland nog even in. Misschien kom ik jou ook tegen. Zwaaien mag. Succes en let op elkaar, maar ook op jezelf.

418. Gaat Fietsen voor m’n eten ook hamsteren?

Al weken is de snertfietstocht van Fietsen voor m’n eten volledig vol. Dat houdt in dat er 16 fietsers op pad gaan om gezamenlijk de ingrediënten te verzamelen om erwtensnert te maken. Dan plots haken vier mensen af. En even later nog twee. Gelukkig melden twee nieuwe fietsers zich aan waar door we uiteindelijk met 12 deelnemers en Marja op pad kunnen. Dan komen de maatregelen rondom het coronavirus om de hoek. Geen grote gezelschappen meer, hygiëne is belangrijk en let op bij kwetsbare mensen. Moet de tocht wel doorgaan? Eerst wordt er in klein comité overlegd. Dan wordt besloten om alle deelnemers te berichten en te inventariseren wie wel en wie niet. De reacties zijn positief, men wil mee. En dus gaan we op zaterdag 14 maart op pad. Op pad naar zorgbakkerij Het Blauwe Hek.

Onze buurtjes gaan ook mee. We spreken af om gezamenlijk op te fietsen. Dit keer gaat een heel herkenbaar hesje mee. Een gele. Het roze van de vorige keer stond mij toch niet zo goed. Ook dit keer ben ik ‘dweilfietser’.

Om tien voor negen gaat de bel. Onze buren staan al pontificaal klaar met hun fiets om te vertrekken. Wij moeten ons jas nog aan doen. Onze fietsen staan al wel buiten en even later sluiten we bij hen aan. Drie e-bikes en één zonder ondersteuning. We hebben tegenwind, maar mijn buurman fietst, zonder electric, alsof zijn leven er van afhangt. Als ik omkijk zijn we de dames al kwijt. Dat moet een tandje zachter, we hebben tijd, dus terugschakelen.

Om half tien stappen we binnen bij zorgbakkerij Het Blauwe Hek. Van de groep is er nog niemand. Even later komt onze Westlandse fietsburgemeester binnen, Marja, Marja van der Ende. Van lieverlee komen de andere deelnemers binnendruppelen. De koffie en thee komt op tafel. Een schaaltje roggebrood en een schaaltje koekjes. Marja zoekt haar ambtsketen op het is immers een officieel gebeuren vandaag en daar moet ze in vol ornaat mee aan de slag. Nou,… voor de foto’s, want als we na het praatje van Niels, de zorgbakker, op weg gaan, gaat de ambtsketen in het doosje.

Niels vertelt over de zorgbakkerij, waar momenteel 18 collega’s, cliënten, met hem samenwerken. Niet allemaal tegelijk maar met acht per dag is dat een mooi initiatief. Niels mag zich biologisch bakker noemen, hij is gecertificeerd wat inhoud dat je weet waar je o.a. je basisproducten vandaan haalt. Van ‘hamsteren’ heeft hij nog niet veel meegekregen, vertelt hij. Deelnemers aan de fietstocht krijgen de gelegenheid om iets lekkers te kopen en natuurlijk de roggebrood, die je eet bij erwtensoep.

Dan gaan we op weg, maar niet eerder dan dat er een foto van de groep is gemaakt. Niemand verschuilt zich achter het bord van Het Blauwe Hek. In het kader van de AVG heeft iedereen toestemming gegeven om op de foto te gaan. 

Via het St. Jorispad slaan we rechtsaf richting Maasdijk. Onder het tunneltje door naar boer Pait, die eigenlijk Peter Hoogendonk heet. Via de Polderdwarshaak belanden we op de Polderhaakweg waar op nr. 29 de schuur van onze beroemde boer staat. Het is er ’n komen en gaan en de groente is er niet aan te slepen. “Een gekkenhuis”, zegt Coriza, nepboerin en partner van Pait. “Zo’n gekte heb ik nog nooit meegemaakt.” En we ervaren het aan de lijve. Er staat een wachtrij voor de ‘kassa’. Alles wordt gewogen en op een papiertje opgeschreven. Hoofdrekenen, daar is Coriza van. Maar ook Pait pakt regelmatig het pennetje en int de penningen. Gezinsleden van de boer zijn opgetrommeld om te komen helpen. Je kunt het zo gek niet noemen of de groenten soorten zijn er. Alleen dat bloemkooltje dat we mee wilden nemen is uitverkocht. Na de etenswaren te hebben afgerekend, doet Coriza nog even een praatje over hoe dit ontstaan is en hoe dit wordt voorgezet. Het gaat haar dit keer niet makkelijk af. “Slecht praatje, Aad”, fluistert ze me toe. Maar de gekte heeft ook haar in de greep zal ik maar denken. De zojuist gekochte appel wordt tussendoor opgegeten.

Opnieuw worden de fietsen bestegen. Lekker voor de wind richting Korte Kruisweg, op weg naar bakker Vreugdenhil. Ook daar is het een gekkenhuis. “Nooit eerder moesten we broden bakken op zaterdagmiddag, maar nu wel”, zegt bakker John die ons meeneemt door het bedrijf. Natuurlijk komt de marsepeinen cake de groep in. Zo lekker is ie dat ze een liftenssysteem hebben bedacht om de cakes aan te bieden. Bakker Jan Vreugdenhil legt het proces uit rondom het bakken van het brood. Het heeft een aandachtig gehoor. Toch wint de marsepeinen cake het van het brood. Want hoe maak je dat? Banketbakker John probeert in gedachte hoe hij dit uit moet leggen, maar zonder resultaat. Het is toch lastig om dat te vertellen. Na de inkopen staan de fietsen al weer op wacht. Langs de Maasdijk gaan we richting de Lier. Via de Nolweg onder de dijk door richting Oude Campseweg.

We gaan op weg naar eetcafé De Witte aan Karel Doormanlaan. Marja waarschuwt om niet teveel te eten, want kort daarop eten we erwtensoep. Onderweg komen we een stalletje violen tegen. Door de sluiting van de grens met Duitsland weet deze teler geen raad met zijn handel en zet het aan de weg ter verkoop.

Aangekomen bij de Witte, worden de fietsen netjes zij aan zij tegen het pand aan gezet. De mijne past er niet meer tussen. Wanneer we binnen zitten ziet plots iemand dat er een kraai bezig is om mijn dekje van mijn zadel kaal te plukken. Daar moet een foto van gemaakt worden. De ene kraai is nog niet weg of nummer twee is bezig. Toch beter om het dekje weg te halen. Na de koffie en thee nog een tosti brie. Door sommigen wordt de tosti gedeeld. Het advies van onze fietsburgemeester wordt netjes opgevolgd. Na de korte stop en te hebben afgerekend gaan we richting slagerij Zwaard.

Bij Zwaard maakt men de finishing touch voor de soep. Het vlees en de worst. Slager Jacq, al 35 jaar werkzaam bij de ambachtelijke slager, legt uit hoe de worst gemaakt wordt. Geen machinale worst met een eiwit velletje maar een ambachtelijke worst in een varkensdarm. Een van de dames heeft er kennelijk andere gedachte bij als de varkensdarm over het pijpje wordt geschoven waar de worstvuller de darm wordt ingedrukt. Er wordt hartelijk om gelachen. Met een behoorlijke precisie weet Jacq worsten te maken van ongeveer een half pond. Nog even een touwtje erom en dan kunnen ze de rookkast in. Niet meer met houtkrullen, maar met een vloeistof van houtkrullen die door verhitting tot 1200º vloeibaar is geworden. Na twee uur heeft de worst de kleur en de smaak die een ambachtelijke rookworst behoort te hebben. Ook hier mag geproefd worden. Een schaal met warme rookworst gaat door de groep. Er wordt dan ook leuk vleesproducten gekocht om de erwtensoep te verlekkeren. Als we opnieuw op de pedalen gaan, staat een van de leden van de groep Fietsen voor m’n eten de fietsgroep te filmen. Ik weet zeer dat filmpje staat later op de facebooksite.

Bij Sylvia Simons – van den Berg, Santé, wordt het resultaat van erwtensoep geproefd. De poes op de tafel krijgt extra aandacht, als de fietsen worden weggezet. Syl neemt de groep mee naar ‘het hok’. Terwijl Sylvia’s moeder en haar man al druk bezig zijn met het inschenken van de soep en de lekkere sapjes kletst de groep lekker met elkaar. Nieuwe mensen ontmoeten is leuk en daar deel je de leuke dingen mee. Eenmaal aan de tafel gaat de soep rond. Een schaal met roggebrood belegd met katenspek heeft aftrek. Ik mag wat vertellen over de invoer van de stalletjes en probeer nog iemand zo gek te krijgen om mij te helpen, maar er is geen animo voor. Ook Marja mag haar verhaal doen over hoe e.e.a. tot stand is gekomen en dat we graag beter willen communiceren en presenteren, maar dat het geld ontbreekt. Dus weet u een sponsor die zijn hart wil verpanden aan de club Fietsen voor m’n eten, laat hem op de sponsorknop op de site drukken. Alle kleine beetjes helpen. Dan is het woord aan Sylvia. Zij vertelt hoe zij haar Santé heeft opgezet, hoe haar dagen er uit zien en dat de winkel twee dagen in de week open is. Ook Sylvia heeft vandaag gemerkt dat men aan ’t inslaan is. “Ook bij mij tonen klanten hamstergedrag”, zegt ze. Maar ze geeft ook aan dat bijna alle initiatieven om markten en braderieën te organiseren door de coronacrisis zijn afgelast. Alleen de markt bij Boerin van Midden-Delfland, Jacqueline van Staalduinen, aan de Scheeweg op 2e pinksterdag is nog niet gecanceld. Sylvia presenteert haar eierroom, en cake met jams. Na afloop gaat de winkel nog even open. Sommige kopen nog wat lekkers bij haar. Dan is de fietstocht ten einde en gaat iedereen weer huiswaarts.

Lekker voor de wind vangen we onze rit weer aan naar Schipluiden. We hebben nieuwe mensen leren kennen, hebben lekker gefietst en voldoende groente voor van de week. Nee, geen hamsteren, maar gewoon inkopen doen die we altijd doen. We kijken uit naar de volgende fietstocht. Het was weer keigaaf.

p.s. Als ik ’s avonds mijn facebook open staat er inderdaad een filmpje op.

417. Belastingaangifte doen leuk? Misschien.

Zo rond half februari begint het al te kriebelen. De belastingaangifte zit er aan te komen. “Doe je het nog steeds”, vraagt een mijn ‘klanten’. “Jazeker”, antwoord ik, “maar pas op 1 maart.” Op 1 maart probeer ik maar meteen mijn aangifte te doen, dat lukt niet. Er zijn kennelijk meer mensen op die gedachte gekomen, het is zondag en het weer laat het niet toe om naar buiten te gaan, dus doe je aangifte. De belastingdienst kan er slechts 100.000 per dag hebben. Je zit je er dit keer gewoon een keer naast, net als bij die €1.000.000 van de Staatsloterij die je nooit wint.

De volgende dag komt jongste spruit langs. Hij heeft het aangekondigd. Opnieuw ga ik naar de site van de belastingdienst. Nu heb ik wel contact. Even inloggen en aan de slag. We gaan er eens goed voor zitten. Naast de loondienst ook nog een eenmanszaak. Even meer dan alleen de reeds ingevulde cijfertjes. Maar na korte tijd kunnen we de aangifte met een gerust hart op opslaan en op ondertekenen drukken.

Voor mezelf probeer ik het een dag later. Opnieuw krijg ik de melding om het op een later tijdstip nog maar eens te proberen. Dat gebeurt die dag nog vijf keer. Er zijn problemen bij de belastingdienst, lees ik op internet. Toch niet weer, ze hebben het daar al zo moeilijk.

De derde dag heb ik prijs. Ik kan door en mijn belastingaangifte doen. Bijna alles staat al aangegeven, nog wat kosten opgeven en dan kan ik de verdeling van de cijfers maken. Ik voer verschillende scenario’s in. Betalen moet ik, dat wist ik al, maar dan wel graag zo min mogelijk.

Wanneer ik bijna klaar ben voor verzending ga ik aan de linkerkant van het scherm naar ‘Afdrukken’. Je verwacht dan dat de aangifte uit de printer komt, niets is minder waar, je kunt de aangifte in pdf opslaan.

Dan komt de app van de Bond van Belastingbetalers om de hoek kijken. Een organisatie die strijd tegen het betalen van te veel belasting op bijv. het rendement op spaartegoeden. Zij ontwikkelden de aangiftecheck. Een reuze handige check op de gegevens die zijn ingevuld. Start de app en zoek naar de aangifte die nog niet is verstuurd. Na enig moment heb je een rapport in je e-mail bus met tips. Super handig toch. En heb je jouw aangifte al opgestuurd dan kan je deze altijd nog aanpassen, zolang de aangifte nog niet is vastgesteld.

Inmiddels is mijn aangifte weg. Door de app ‘verdiende’ ik nog €94,00. Ik weet er best wel het e.e.a. van af maar dan toch is dit lekker meegenomen. Zo wordt aangifte doen toch nog een beetje leuker. Succes.

416. Was het de schuld van een Maaslands blondje?

Twee jaar geleden schreef ik een blog over twee jonge mensen die een droom hadden. Een droom om een eigen brouwerij te starten. Daar was geld voor nodig. Men zocht crowdfunders. En ze komen er, mede door mijn opgeschreven verhaal. Inmiddels is de droom, werkelijkheid geworden. Ze hebben hun locatie gevonden, opstallen geïnstalleerd, brouwketels aangeschaft en er energie, veel energie in gestoken. De brouwerij is volledig opgebouwd uit gerecyclede materialen. Aan de Harnasdreef 7 in Den Hoorn staat de ambachtelijke brouwerij tHUIS.

In het Raadhuis aan de Dorpsstraat in Schipluiden ontstaat het verhaal. Mark en Mariska beheren dit etablissement, een lunchroom. Op zolder wordt als experiment bier gebrouwen. Een kleine ketel zorgt voor een gematigde opbrengt van bier. Er worden specifieke namen bedacht betrekking hebbend op Midden-Delfland. De bieren hebben allen een specifiek karakter. Het borrelt, niet alleen het bier, maar ook in de hersenen van deze jonge ondernemers. Men wil meer. Een brouwerij, iets wat in het Midden-Delfland nog niet bestaat. Hun droom wordt werkelijkheid als men meer dan voldoende geldschieters weet te mobiliseren. Er worden maximumbedragen vastgesteld dat men mee mag financieren. Zoveel als mogelijk moeten er potentiële ambassadeurs worden binnengehaald, dan zou de realisatie zeker lukken.

Wanneer het geld binnen is start men het project. Er worden opstallen aangeschaft. Een loods uit de Lier wordt het omhulsel van het pand. Een bar uit het oude gemeentehuis, balken uit boerderijen, ketels met een verleden. Zoveel mogelijk materialen die al een levendige achtergrond hebben. Dan dreigt er een kink in de kabel te komen als Mark een misstap maakt en van de zolder naar beneden komt zetten. Een zware rugblessure als gevolg. Gelukkig is er de vader van Mark, familie en vrienden. Zij pakken de zaken aan. Er komt een kennismakingsdronk als de vloer ligt en de spanten zijn gesteld. De kleine ketel heeft zijn best gedaan. Er vindt een eerste toast plaats op de realisatie.

Twee jaar later is het dan zover. Er is hard gewerkt om er een prachtige locatie van te maken. Veel hand- en spandiensten om alles op tijd te realiseren, maar in februari 2020 kan de vlag uit. De brouwerij kan starten.

Op de schrikkeljaardag in 2020 zijn alle crowdfunders uitgenodigd om een drankje te komen drinken op locatie. Van twee tot vier staan de deuren ‘open’. Het jaarlijks bierpakketje is op te halen en er vindt een rondleiding plaats.

Wanneer ik om kwart over twee de locatie in stap geeft Mark’s vader net een rondleiding met interessant verhaal. Het is praten, vertellen en enthousiasme. Wie had gedacht dat je na een leven als schilder, brandweerman en opnieuw schilder, meesterbrouwer zou worden. Hij niet. Met tHUIS-petje op het hoofd, het handelsmerk van Mark, vertelt de brouwer over de activiteiten die plaatsvinden en zijn verricht. Hoe je soms na vier weken tot de conclusie komt dat de smaak van een brouwsel toch niet is wat je ervan zou verwachten, maar ook hoe men al veel verschillende smaken heeft weten vast te leggen. Na het verhaal is het tijd voor de toast.

De proeverij binnenstappend straalt het een gemoedelijk sfeer uit. Een donkerbruine uitstraling, een bruin café. Als Mark mij vraagt waar ik van houd krijg ik een Maaslands blond toegeschoven. Een heerlijk blond goudgeel biertje waar liefde uit straalt. Een bier waar een hoge gisting heeft plaatsgevonden, iets fruitig van smaak. Een heerlijk biertje met lekkere nasmaak.

Er komen twee mensen op mij af. “Weet je dat we door jou zijn aangesloten om mee te doen met de Crowdfunding”, zegt meneer, “we zaten in Zwitserland, maar jouw blog heeft ons geattendeerd op de mogelijkheid om in te stappen.” Even later nog iemand die mij bedankt. Ik neem plaats aan een ‘jongerentafel’, echter als zij deelnemen aan een rondleiding blijf ik alleen achter. Onze buren zitten een stukje verder bij de palletkachel. De vlammen knetteren en geven een romantische aanblik. “Schuif je stoel even bij”, zegt mijn buurvrouw. Dat doe ik. Inmiddels heb ik mijn tweede blondje te pakken. We spreken even over de voorstelling van onze oudste. Mevrouw is bij zijn première geweest. Ook zij geven aan dat mijn blog de aanleiding is dat ze hier zitten. Meneer trakteert op mijn derde biertje. Ik ben het niet meer zo gewend en voel ‘m langzaam naar mijn hoofd stijgen. 3 x 6%, best stevig vind ik. Wanneer het tijd is om te vertrekken haal ik mijn bierpakketje op. Ik wandel naar mijn fiets, waar voor de zoveelste keer deze week een nat zadel op zit. Wanneer ik door het basalt split probeer terug te rijden, heb ik daar moeite mee, is het het Maaslands blondje of het grind wat het me zo lastig maakt. Ik weet het niet.

Een prachtig nieuwe onderneming is geboren, een aanwinst voor het dorp, waar het enige café dat men er had inmiddels is dichtgetimmerd. Een monumentaal pand, dorpsaanzicht is gedoemd te verdwijnen. Gelukkig is er een brouwerij voor in de plaats gekomen. Ik wens Mark en Mariska heel veel succes toe in hun onderneming tHUIS.