345. TaalExpres maar niet met een sneltrein

De wintermaanden komen er aan. Bruidsparen zijn er niet, solexritten worden minder. Ik ben opzoek naar een nieuwe activiteit. Dat wordt lezen, voorlezen aan kinderen.

Voor u en mij een vanzelfsprekendheid, maar voor velen is dat beslist niet zo. Te denken valt aan mensen van Nederlandse afkomst die met een dyslexie te maken hebben, zij die laaggeletterden zijn, mensen die analfabeet zijn. Daarnaast hebben we nog de mensen die niet van hier zijn en hier zijn komen wonen en de taal best lastig is.

Via de bibliotheek word ik benaderd of er interesse is om voorlezer te worden. Voorlezer van kinderen tussen 4 en 8 jaar. Twintig weken lang ga ik bij het gezin op bezoek om het kind een gevoel voor taal bij te brengen, maar ook de ouders te stimuleren om met hun kind te lezen, te zingen, of taalspelletjes te doen. Ik vind het een uitdaging om dit voor een kind mogelijk te maken.

Ouders hebben hierin een belangrijke rol. Zij zijn ook degene die zich via school hebben opgegeven om deel te nemen aan dit project, dat TaalExpres heet.

Het is niet de bedoeling om de ouder te vertellen hoe het moet – maar het is het streven om naast de ouder gaan staan en samen te zoeken naar passende oplossingen. Op die manier is de kans het grootst dat ouders met hun kind de taalomgeving blijven stimuleren. Dit vraagt doorgaans een open, nieuwsgierige en creatieve houding. Dit geldt voor de leidster op het kinderdagverblijf, de leerkracht op school, maar ook van mij als vrijwilliger. Vanuit het project moet je geprikkeld worden en bewust zijn van de rol die je vervult om goed te kijken en voorwaarden te scheppen voor een gelijkwaardige samenwerking.

Om deel te nemen aan het project is het van belang dat je gecoacht wordt. Daar is een medewerker jeugdzaken van de bibliotheek voor aangesteld. Met haar heb ik het contact gedurende het project. Na een gedegen voorbereidingsavond ben ik er klaar voor en weet ik ook wat me te wachten en te doen staat, maar ook wat men van mij verwacht. Het is nog niet zover. Eerst moet er een Verklaring Omtrent het Gedrag worden aangevraagd. Pas wanneer dat binnen is kan ik daadwerkelijk worden ingezet bij een gezin. Na een voorlichtingsavond is mij duidelijk wat de bedoeling is. Een mooi project om mee aan de slag te gaan.

Inmiddels is de VOG binnen. Weer een. Voor het rijden op de MUS moest ik er ook al een hebben. De kosten hiervoor zijn niet misselijk, maar worden gedragen door de organisatie waarvoor ik me inzet.

Mijn account is nu ter beschikking waarin ik wekelijks de evaluatie doe. Ik moet daarin beschrijven hoe het gaat, wat mijn bevindingen zijn en hoe men er in het gezin over denkt en meedoet.

Inmiddels heb ik contact gezocht met het ouderpaar waar ik bij op bezoek ga. Zij hebben nadrukkelijk gekozen voor een man. Zij hebben twee kinderen die mogelijk aan het project mee kunnen doen. Een van de twee staat op mijn lijst, als de ander meelift is dit een win-win. Zij zijn blij als ik kom, schrijft men in een e-mail. Ik heb de juiste dag voor hen uitgezocht en ook de tijd past precies bij het gezin.

Omdat ik geen echte lezer ben, heb ik ook geen abonnement op de bieb. Daar wordt aan gewerkt. Ik heb een afspraak gemaakt om langste gaan bij mijn praktijkondersteuner. Er blijkt een misverstand, ze is er niet. Een collega helpt me met het uitzoeken van de boeken. Met een tas met boeken, een doe-boek en een afsprakenkaartje vertrek ik. Mijn biebpas is ook aangemaakt. ik kan nu echt aan de slag.

Op de dag voorafgaand aan mijn bezoek, blader ik mijn boeken door. Vriendschap is het thema dat men voert vanuit school. Ik zoek welke boeken uit de stapel daar best bij passen. Ik blader ook even door het doe-boek. De dag erna wil ik mijn website openen. Ik krijg een error. Shit, hoe heet het ventje ook al weer. Tegen het moment dat ik weg wil gaan is de site hersteld. Ik kan op pad.

Ik fiets naar mijn geboorteplaats en word hartelijk ontvangen door het gezin. Bij binnenkomst probeer ik direct in gesprek te gaan met het jongetje waarvoor ik kom. Ik zak door mijn knieën om op gelijke hoogte met hem te praten. Hij begint direct een gesprek. We nemen plaats op de bank. De koffie staat op tafel, maar vergeet ik bijna. De boeken komen uit de tas en hij mag zeggen welk boeken er gelezen worden. Hij is er direct uit. Het drakenboek is zijn favoriet. De familie zit om mij heen. Een kleiner broertje kijkt en praat mee, maar ook moeder heeft interesse. Vader komt achter mij staan om mee te kijken en zakt door zijn knieën. Een ideale situatie. Iedereen doet mee. Er is een klik met allen. We ruilen wat gegevens uit en spreken een datum af dat we bij de bibliotheek langs gaan. Ook dat kan stimuleren. Een uurtje is zo om. Terwijl de zoon de legohoek in duikt spreek ik nog even met het echtpaar. Ik heb het getroffen en hoop over twintig weken een aantal flinke stappen te hebben gemaakt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.