305. “Mogen we een veursnaappering”

Oververmoeid kom ik thuis. Wat een heftige dag. Dit is werken. Maar soms ga je het ook gewoon leuk vinden, werken. En moe, nee hoor echt niet. Vandaag ben ik ingeroosterd geweest bij de De Tuinderij.

Om halftien trilt mijn telefoon in de broekzak. ‘De Tuinderij, vertrek over vijf minuten….’ geeft de display aan, ‘het is niet druk’. Ik haal de batterij uit de lader en plaats deze in mijn fiets. Wanneer ik net op weg ben word ik door twee wielermaten geroepen. “Rijdt met ons mee”, zegt een van hen. Maar zij staan in professionele outfit met hun racefiets in de hand. “Deze keer niet mannen, ik moet aan het werk.”

Windje tegen fiets ik langs de Zijde richting de Tuinderij. ‘Dat wordt wat vanmiddag op de solex met windje tegen.’

Aangekomen bij de uitspanning is het nog rustig, er wordt gestofzuigd, de planten krijgen water, de stofdoek neemt nog het laatste restje stof weg. Het moet er altijd spic-en-span uitzien. Eenieder heeft daar ook een taak in. Vanuit een van de huiskamers hoor ik een hoop geroezemoes. Ik kijk even om een hoekje. ‘Zo dat zijn veel vrouwen’, gaat er door mijn hoofd. Het onderwijzend personeel van een basisschool heeft hun eerste vrije dag van de meivakantie goed besteed en gaat team builden. 28 vrouwen en twee mannen. Ik geloof nu ook, maar weet eigenlijk zeker, dat er maar weinig mannen werkzaam zijn in het lager onderwijs. De dames en heren zitten aan de koffie. Het is een druk gebeuren. Ik houd me afzijdig.

Als ik terugloop naar de ingang kom ik mijn maatjes Tom en Emiel tegen. Zij zijn mijn inspirators voor die dag. “Wat wordt er vandaag van me verwacht?”, vraag ik hen. “Aad, je mag ‘Plankgas door de kas’ begeleiden.” Ik heb geen flauw idee wat het inhoud. “Loop maar even mee”, geeft mijn maatje Tom aan. “Je hebt toch weleens scootmobiel gereden?”, vraagt hij mij. Nee, gelukkig heb ik die behoefte nog niet. “Het kan nooit fout”, zegt hij. Hij haalt het sleuteltje van de spijker, steekt deze in de scootmobiel en met twee handels bedien je het hele apparaat. “Simpel?” Ik haal ook een sleutel van de paal en stap op. Het is net MUS-rijden, alleen gaat het wat langzamer. We rijden even het parcours over ter verkenning. “Ik doe straks de uitleg als de groep er is”, zegt Tom. Ik maak even gebruik van het feit dat er nog niemand is en vraag hem een foto te maken. Als ik deze op Facebook heb geplaatst krijg ik de nodige commentaren. Het maakt mij niks uit.

Als de dames en heren officieel zijn welkom geheten krijg ik een groep mee voor de activiteit die men mij heeft toebedacht. Ze kunnen niet stil zijn en kwekken aan een stuk door. Ze mogen hun eigen team maken en op twee banken plaats nemen. Hierna volgt de uitleg. Er wordt gewoon door de uitleg heen gekwekt. Wie zei er dat de kinderen niet stil kunnen zijn? Na de uitleg mag het eerste parcours worden verreden. Jasje en cap overgeven en dan de volgende. Het is een estafette maar dan met leren jassen. Daar gaat de eerste van start. Hij brengt het er redelijk van af. Ook de dames beheersen de stuur’vrouws’-kunst. Als de man nog eenmaal mag gaat het helemaal fout. Hij ramt met zijn scootmobiel eerst een bromfiets bijna de ruit door naar buiten om even later twee grote planten omver te rijden. De poes die rustig op de strobalen ligt te slapen, springt van schrik omhoog en vertrekt met de staart tussen de benen. Dat gaat lekker. Door deze manoeuvres verliest men veel tijd en ook de wedstrijd. Maar wat blijft men fanatiek. De scootmobieler wordt vooruit geschreeuwd, aangemoedigd en opgejaagd. Leuk om te zien.

Na een tweede parcours is het tijd voor wisselen. De mensen die ‘Je kan de pot op hebben gedaan’, komen nu voor mijn activiteit. Maatje Emiel komt mee en legt e.e.a. uit. Ook nu een gekrakeel van heb ik jou daar. Nog fanatieker dan de eerste groep schreeuwt men elkaar naar de eindstreep om echt klaar te staan voor de jassen- en cap-wissel. De mobieltjes snorren als men op de scootmobiel langs komt. Wat is dit leuk. Het enthousiasme is geweldig. Ik blijf ze aanmoedigen, al wetend dat het onbegonnen werk is. De tegenpartij is al een mens verder. Na driekwartier is het tijd en wordt men terugverwezen naar de kantine. Hier vindt de diploma-uitreiking plaats voor ‘Plankgas door de kas’ en ‘Je kan de pot op.’ Met een natte rug gaat het onderwijzend personeel aan de lunch. Men heeft het geweldig gevonden.

In de middag een solexrit. PAZO18. PAZO18 staat voor vader en zoon 2018. Zoons, studenten aan de universiteit Delft, hebben hun vader uitgenodigd om een activiteit te doen. En wat is er mooier dan gezamenlijk te gaan solexen. Vaders met bravoure, maar ook zoons die daar niet voor onder doen. Na een kledingmetamorfose staat men achter de solex. De solexen die tussen de middag al in het gareel zijn gezet. Een van de vaders haalt meteen zijn solex uit het gelid en gaat er alvast opzitten. Hij was meer keren ondeugend.

Na de uitleg, de oefenronde. Dan komt het nodige commentaar. “De mijne rijdt niet hard.” “Het kabeltje van het gas blijft hangen.” “Ik moet de hele tijd meetrappen.” “Ik dacht dat we gingen solexen, maar ik moet blijven fietsen.”, “Ik krijg de motor niet op het voorwiel.” Ja, de mannen hebben meer commentaar dan ik doorgaans gewend ben. Voordat we weg kunnen is het eerste kwartier al voorbij. Wij rijden met 15 zoons en 15 vaders, dat is een behoorlijke groep en voor je dan echt goed op weg bent, dat duurt wel even. Sommige vaders hebben geen flauw idee waar ze zich bevinden. En zo komt er regelmatig een vader vragen waar we zijn. Maar ook zoons kennen wel de weg, maar waar deze zich bevindt is men onwetend. “Ik wielren hier vaak, maar weet niet hoe het hier heet.”

We gaan na drie kwartier af op de eerste stop. Het Raadhuis Schipluiden. Hier nuttigen we de koffie. Na een klein half uurtje rijd ik hen via het viaduct over de A4 richting Kruithuisweg. Dan eroverheen. Met een fikse tegenwind valt dat niet mee. Het is meetrappen en al het gas geven dat je hebt. Dan via Akkerleven over de Trambrug naar Hoeve Bouwlust. De volgende stop. Nadat men allemaal een drankje heeft besteld, vraagt een van de studs of er ook een ‘veursnaapering’ mogelijk is. Heel even kijk hem aan. “Zoals wat?” “Bîtterballen”, zegt hij, “Twee of drie de man.” Bij Hoeve Bouwlust is men niet moeilijk en er is tijd, dus de frituur gaat aan. Even later doen de snacks de ronde. Ik spreek met de organiserende student af dat hij een stukje vooruit mag rijden om het gezelschap te filmen. Met moeite houd ik de groep tegen, zodat men ook een leuk filmpje kan maken. Als we even later op een brede weg rijden, gaan de gashandels open en rijdt men mij voorbij. Waarschuwen helpt niet, als ongehoorzame kleuters racen ze links en rechts voor de troep uit. Een begeleidende medewerker op de bromfiets moet haast maken om de groep weer bij elkaar te halen. Wanneer ik even later weer vooroprijd, blijken het zoons, maar ook vaders die me links en rechts hebben ingehaald.

We gaan terug naar de stal en de solexen krijgen hun plekje in de stalling. De probleemsolexen krijgen een aparte plaats. De mannen van het technisch onderhoud hebben ook weer iets te doen. Nog even een enthousiaste foto voordat de mannen Delft onveilig gaan maken. Ze gaan er eten in de stad en “lekker drinken”, zegt een van de studenten. Eerdaags hebben ze een MAZO18 dag. Dan mogen de moeders op komen draven voor een activiteit. Waar, dat weet hij nog niet.

Tegen zes uur ben ik weer thuis. Mijn lief is vertrokken naar de Utrechtse rommelmarkt i.h.k. van Koningsdag. Bij mij gaan de schoentjes uit en mijn benen op de bank. Het is genoeg geweest.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.