291. Werkgerelateerde zaken

Ruim 34 jaar heb ik bij mijn werkgever gewerkt. Het Hoogheemraadschap van Delfland was de plek waar ik zoveel jaar met veel plezier heb mogen werken, al was het het plezier de laatste jaren wel wat minder. In die tijd heb ik heel wat belevenissen meegemaakt. Ik wil er een aantal opsommen.

Nog maar net in dienst wordt er een voorstelronde gedaan. Op kantoor aan de Phoenixstraat met een collega, die er al langer werkt, langs de bureaus om kennis te maken met medewerkers die je tegen kunt komen of mee moet werken. Aan zo’n 150 medewerkers word ik voorgesteld. Men gaat staan naast het bureau als men mij een hand geeft. De naam wordt genoemd en mij wordt succes toegewenst als ik naar het volgende bureau ga. Bij een toenmalig afdelingshoofd word ik wel heel hartelijk welkom geheten. “Zo, weer iemand die uit de ruif komt vreten”, zegt hij. “Jullie hebben inmiddels toch wel genoeg medewerkers op personeelszaken, zeker”, zegt hij tegen mijn collega. In de kamer hangt een penetrante lucht. Als we de kamer verlaten, vraag ik hiernaar aan mijn collega. “Deze man gaat op donderdag tussen de middag even vis halen op de markt en neemt die aan het eind van de middag mee naar huis. Het ligt in het ladeblok van zijn bureau.” Niet gekoeld bewaard hij een portie haringen in zijn bureau tussen de dossiers die hij nog moet behandelen.

Met de collega waar ik de voorstelronde heb gedaan, wandel ik tussen de middag altijd door de stad. Mijn maat is waterpolokeeper die op hoog niveau aan die sport doet. Hij heeft schoenmaat 48. Is nog een kop groter dan ik en is veel steviger gebouwd dan ik ben. Hij houdt van een geintje en dus stappen we regelmatig een winkel binnen, waar hij zeker niet zal slagen. Als we bij Van Haaren, schoenen, binnen zijn vraagt hij om schoenen maat 48. Die heeft men niet. Wel heeft men acht paar met maat 47. “Vallen groot” zegt de verkoopster. Hij gaat aan ’t passen, maar weet eigenlijk van tevoren dat het niet gaat lukken. Op een gegeven moment staan er zestien schoenen op de verkoopvloer. Welke schoenen in welke doos moeten, is ons niet bekend. Verschillende schoenen worden gewisseld en door elkaar in de dozen teruggezet. We zijn nooit meer terug gegaan, maar had een volgende klant weleens willen zien die verschillende schoenen aantreft in een doos en mogelijk ook nog niet eens in de juiste doos.

La Venezia, een ijszaak op de Markt, is in de zomermaanden onze vaste ijsleverancier. Elke dag gaan we even bij hen naar binnen en kopen er een ijsje. Als we dit opnieuw willen doen, zegt mijn collega een grapje uit te willen halen. Met de handen in de hoogte, en bij iemand van die lengte is dat heel indrukwekkend, stapt hij naar binnen. “Goedemiddag”, zegt hij, “We zijn vandaag jubilaris. We komen vandaag voor de 500ste keer ijs eten.” Ik kijk hem aan, maar verblik of verbloos niet. “Oké”, zegt de ijssaloneigenaar speelt het spelletje mee en zegt, “gaat u zitten.” Even later komt hij met een ijscoupe aanzetten die zo groot is als een uit de kluiten gewassen windlicht. “Alstublieft”, zeg de ijscoman, “het is u gegund, ik heb er echter wel een voorwaarde bij. Als u de coupe opeet betaalt u niets, maar blijft er iets over in de coupe dan betaalt u de waarde van het ijsje dat u heeft gekregen.” We kijken elkaar aan, maar zeggen niets. We gaan aan ’t eten. Nooit heb ik zoveel moeite gehad om mijn ijsje op te eten. Die middag is mijn buik volledig van streek. De waarde van het ijsje was fl.35,00 per stuk. Daar wil je best het ijs voor opeten.

Jaarlijks worden aan het eind van het jaar de gratificaties en periodieke extra verhogingen uitgereikt. Zo rond eind november is er een besloten vergadering van de bestuursleden en directie. We hebben in die tijd nog twee ‘directeuren’, de een heeft de functie van secretaris-rentmeester, de andere is directeur technische dienst. Aan de hand van de voorstellen van afdelingshoofden worden de rapporten van beoordeling door genomen. Het spannendste is hoeveel heeft de secretaris-rentmeester er en welk aantal komt er van de directeur. Dat moet in evenwicht zijn. En zo kan het voorkomen dat er kandidaten afvallen omdat het evenwicht is verstoord. Dossiers worden dan ongeopend en willekeurig opzij gelegd, deze deden niet meer mee. Ik heb me laten vertellen dat men blind de dossiers trekt. Of je ooit tot die laatste niet gelukkigen behoorden, wist je dus nooit. Dan aan het eind van het jaar, op de dag dat de genomineerden ook daadwerkelijk in de prijzen zijn gevallen en bekend gemaakt, wordt er een grote pot zure bommen op de balie bij de receptie gezet voor hen die dit jaar geen extra geld krijgen. De dag is altijd de zurebommendag genoemd. Op de afdeling Financiën kent men de regel dat wie extra geld krijgt een bedrag in de pot moet stoppen voor hen die niets extra krijgen. Zij krijgen dan een aardigheidje.

Eind januari maak ik voor het hele personeel de vakantiekaart. Een kaart waarop de wettelijke dagen, de leeftijdsdagen, het extra verlof op basis van wachtdienst en salaris en nieuw, de ADV-dagen staan vermeld. Altijd een tijdrovend en ingewikkeld proces. Kort op het moment van uitreiken der kaarten komt er een machinist aan mijn tafel. “Hé, Meurs wat heb je nou gedaan?”, zegt de machinist die op kousenvoeten is komen binnenlopen. Het tussenvoegsel ‘Van’ wordt weggelaten als je je boos bent. “Je hebt me extra verlof toegekend. Die ADV-dagen mag ie bij mij wel schrappen dat kost geld.” Ik begrijp de man niet. “Weet je wat het is”, zegt hij, “nou wil mijn wijf op die dag gaan shoppen, nou dat kost geld. Dus haal die dagen er maar heel erg snel af.”

Als men op één van de vestigingen een schoonmaakster zoekt, besluit men bij Personeelszaken dat aan alle medewerkers een vacaturebeschrijving wordt toegestuurd. Van hoog tot laag krijgt men dezelfde brief. Kort nadat de brief aan iedereen is verstuurd komt er een teamleider op mij afgestapt. ‘Of ik wel helemaal goed bij mijn hoofd ben, om hem zo’n vacaturebeschrijving toe te sturen.’ “Alsof ik niet functioneer en jullie deze functie voor mij in petto hebben.” In het vervolg worden de vacatures vermeld in de Waterlijn, het personeelskrantje dat maandelijks uitkomt.

Ik ben nog lang niet uitgepraat over wat ik allemaal heb meegemaakt. In een van de volgende blogs vertrouw ik hierover ongetwijfeld nog weleens het e.e.a. aan het papier toe.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.